De Amerikaanse militaire acties in Fallujah

De recente Amerikaanse belegering en verovering van Fallujah, waarbij sprake is geweest van een groot aantal mensenrechtenschendingen c.q. oorlogsmisdaden, is niet los te zien van de in april gepleegde Amerikaanse militaire acties tegen de stad, die sinds begin 2004 een van de belangrijkste bolwerken was van het Soennitische verzet tegen de Amerikaanse bezetting.

Doel van de aan de militaire acties voorafgaande belegering vormde de arrestatie van de moordenaars van vier Amerikaanse huurlingen van het aan het Amerikaanse leger gelieerde beveiligingsbedrijf Blackwater USA. Nog afgezien van het feit, dat de belegering van een stad met als doel het verrichten van arrestaties als collectieve straf in strijd is met de 4de Conventie van Genève [artikel 33] was er daarenboven sprake van willekeurige tank en raketbeschietingen, waardoor de voor de burgers noodzakelijke infrastructuur zoals bruggen en verbindingswegen werd vernietigd.Zo werd tijdens een van de eerste luchtbeschietingen de belangrijkste brug naar het ziekenhuis geraakt, waardoor voor zieke of gewonde burgers het noodzakelijke transport naar het ziekenhuis onmogelijk werd gemaakt.

Ook werd volgens de medische hulporganisatie Artsen Zonder Grenzen door de aanwezigheid van scherpschutters in de omgeving van het ziekenhuis de toegang voor zieken en gewonden nog eens extra bemoeilijkt, hetgeen een oorlogsmisdaad is volgens de 4de Conventie van Genève, die stelt, dat zieken en gewonden te allen tijde medische verzorging dienen te krijgen. Nog afgezien van de logistieke onmogelijkheid, de ziekenhuizen te bereiken, leidden met name de willekeurige beschietingen op huizen en moskeen tot een groot aantal burgerdoden [meer dan 600], dat het aantal gedode strijders overtrof [470].

Terecht leidden deze militaire acties dan ook tot grote internationale kritiek van zowel internationale mensenrechtenorganisaties als Amnesty International, Human Rights Watch en het Rode Kruis alsmede van een groot aantal internationale politici. Ook doorgaans pro-Amerikaanse kranten als het Israëlische dagblad Haaretz bekritiseerden openlijk het Amerikaanse militaire optreden, dat als oorlogsmisdaden werd aangeduid. Bij dit alles dient overigens opgemerkt te worden, dat de moordenaars van de 4 Amerikaanse huurlingen nooit zijn gevonden.

Staakt het vuren:

In mei kondigde het Amerikaanse leger een staakt het vuren af en trok zich terug uit de stad.

Na mislukte Amerikaanse pogingen via een vroegere Iraakse generaal de stad indirect te controleren ontstond een machtsvacuüm, waarna het Soennitische verzet de stad opnieuw controleerde.

Luchtaanvallen op Fallujah:

Na een periode van relatieve rust startten de Amerikanen vanaf juli een reeks luchtaanvallen op Fallujah, met als doel het militair treffen van de door de VS van terrorisme beschuldigde Jordaniër Al-Zarqawi, die zich in Fallujah zou bevinden. Het enige gevolg was echter een groot aantal burgerdoden, aangezien de bewuste luchtaanvallen meestal op burgerdoelen als huizen gericht waren.

Nog afgezien van het feit, dat een aanval op een burgerdoel volgens de 4de Conventie van Genève strikt verboden is tenzij er duidelijke aanwijzingen zijn voor de aanwezigheid van strijders, was hier sprake van oorlogsmisdaden, aangezien door het aantallen burgerslachtoffers de daders/opdrachtgevers van te voren konden inschatten, dat de kans op burgerslachtoffers onevenredig groter was dan een eventueel treffen van Al-Zarqawi van wie het niet eens zeker was of hij zich in Fallujah bevond. Desondanks werden deze aanvallen, die in de periode vanaf juli tot november aan tientallen burgers het leven kostten, onverminderd gecontinueerd.

Amerikaans-Iraakse aanval dd 8-11

De uiteindelijke aanval, die werd ingezet door Amerikaanse troepen, gesteund door Iraakse hulptroepen, nam zijn aanvang op 8 november. Deze recente militaire acties werden gekenmerkt door ernstige schendingen van het humanitair oorlogsrecht zowel van de kant van de Amerikaans-Iraakse troepen als van de kant van het verzet.

Zo is er meerdere malen gerapporteerd door mensenrechtenorganisaties, dat het verzet bij de overgave aan het Amerikaanse leger plotseling het vuur opende en eveneens schoot vanuit moskeeën. De gedane beschuldiging, dat het verzet burgerkleding droeg bij militaire acties verwerp ik, aangezien strijders duidelijk herkenbaar zijn aan het door hen gehanteerde wapen.

Oorlogsmisdaden:

Hoezeer veroordelenswaardig echter ook, de ernstigste schendingen van het humanitair recht werden door de Amerikaanse troepen gepleegd.Volgens de grondprincipes van de 4de Conventie van Genève behoort ieder leger bij haar militaire aanvallen immers een strikt onderscheid te maken tussen combatanten [militairen en strijders] en non-combatanten [burgers]. Wanneer er sprake is van in elkaar overlopende situaties in geval van de aanwezigheid van strijders tussen de burgers en/of in burgerdoelen, wat in Fallujah een rol speelde, dient het leger optimale veiligheidsmaatregelen te nemen ter bescherming van de burgerbevolking.Een en ander werd echter door het Amerikaanse leger niet of zeer minimaal toegepast.

In de eerste plaats was er zowel bij het grondoffensief als de luchtbeschietingen sprake van willekeurige beschietingen op huizen met alle voor de aanwezige burgers ernstige gevolgen van dien. Zo werd een raketaanval geopend op een menigte burgers waarbij een groot aantal slachtoffers vielen.

In de tweede plaats gaven de Amerikanen weliswaar vrouwen, kinderen en ongewapende mannen boven de 45 toestemming de stad te verlaten, maar werd deze toestemming niet verleend aan ongewapende mannen tussen de 18 en 45 jaar, hetgeen een schending is van artikel 3 van de 4de Conventie van Genève, die betreffende non-combatanten [burgers] ieder onderscheid naar leeftijd, geslacht, ras of religie verbiedt.

Daarenboven weigerde het Amerkaanse leger aanvankelijk voedsel en medische konvooien van het rode Kruis de toegang tot de belegerde stad, hetgeen in strijd is met het humanitair oorlogsrecht, dat het toelaten van voedsel en medische hup te allen tijde verplicht stelt. In een aantal gevallen kregen ondanks de humanitair-rampzalige situatie in de stad Rode Kruismedewerkers pas na een week toestemming de stad binnen te gaan.

Doodschieten van gewonde tegenstanders:

Een van de meest schokkende schendingen van de mensenrechten was wel het doodschieten van een gewonde tegenstander door een Amerikaanse soldaat in een moskee, die in video en cameravorm de wereld is rondgegaan. Terecht heeft een en ander tot grote verontwaardiging geleid.

Militaire orders:

Hoewel alle persoonlijk gepleegde oorlogsmisdaden geheel de verantwoordelijkheid zijn van de betrokken militairen, dient hierbij nadrukkelijk gesteld te worden, dat de gegeven orders als zodanig reeds voedingsbodem zijn tot het plegen van oorlogsmisdaden. Niet alleen wijken de officiële Amerikaanse legerorders reeds in hoge mate af van de reglementen van het humanitair oorlogsrecht [zo wordt er veelal opdracht gegeven tot gericht schieten op burgers zonder dat er sprake is van een levensbedreigende situatie voor de betrokken militairen], eveneens geven diverse commandanten nog verdergaande mondelinge orders. Zo is het in Fallujah in een aantal gevallen voorgekomen, dat commandanten opdracht hebben gegeven te schieten op iedere mannelijke burger tussen de 18 en 45, gewapend of niet. Eveneens werd de order gegeven tweemaal op een tegenstander te schieten, die ongewapend op de grond ligt.

Zolang dergelijke orders niet herzien worden, wordt de weg geopend voor steeds makkelijker te plegen oorlogsmisdaden.Op de leidende officieren rust dus tevens een zware verantwoordelijkheid.

Nasleep:

De verovering van Fallujah wordt door de Amerikaanse legerleiding weliswaar een ”militair succes” genoemd, de humanitaire gevolgen zijn zeer ernstig.Niet alleen is een grot deel van de infrastructuur van de stad vernield [ziekenhuizen, huizen, bruggen, moskeeën etc], de menselijke tol bijzonder hoog.

Niet alleen zijn er meer dan 200 000 mensen de stad ontvlucht [van de oorspronkelijke inwonertal van meer dan 400.000], die zich momenteel meestens totaal berooid in tenten bevinden en meer dan 1000 strijders gedood, het geschatte aantal burgerdoden is nog groter.

Hoewel het belegeren en het innemen van een stad door het oorlogsrecht is toegestaan, dienen daarbij de burgers optimaal beveiligd te worden. Deze militaire operatie echter heeft zich gekenmerkt door een elementair gebrek aan respect voor het leven en de veiligheid van de burgers in Fallujah en heeft gezien het grote aantallen burgerdoden het karakter gekregen van een massaslachting.

Al-Zarqawi:

Bizar detail is nog, dat Al-Zarqawi, die zich met een groep ”buitenlandse strijders” in de stad zou bevinden, nooit is gevonden. Ik kan mij niet aan de indruk onttrekken, dat Al-Zarqawi slechts het door de Amerikanen gebruikte voorwendsel geweest is om strafexpeditie uit te voeren tegen het Iraakse verzet, waarvoor de burgers in Fallujah de prijs hebben moeten betalen.

(Uitpers, nr. 59, 6de jg., december 2004)

Visited 10 Times, 1 Visit today

Tags :