De Alegria van het andersglobalisme
Naar het derde Wereld Sociaal Forum

De dialectiek van het kapitalisme lijkt wel onbegrensd. Het onrecht dat het voortbrengt, leidt steeds opnieuw tot vormen van verzet en protest. De globalisering ervan heeft een wereldwijde vertakking van die tegenbeweging tot stand gebracht. De nieuwe technologieën die het ontwikkelt worden moeiteloos overgenomen en aangewend door die nieuwe generatie activisten.

En de internationale topontmoetingen van de mondiale elite worden vrolijk gekopieerd door de andersglobalisten. Dat laatste is ondermeer het geval voor het Wereld Sociaal Forum, de jaarlijkse andersglobalistische hoogmis, geschapen naar het evenbeeld van het Wereld Economisch Forum. Hoewel.

Van 23 tot 28 januari 2003 vindt de derde editie van dat Wereld Sociaal Forum plaats, opnieuw in de Zuid-Braziliaanse stad Porto Alegre. De afgelopen twee jaar kwamen daar tienduizenden activisten van sociale bewegingen uit de hele wereld samen om na te denken en te debatteren over de koers van wat men intussen de andersglobaliseringsbeweging is gaan noemen.

Aan de eerste editie in januari 2001 namen zo’n 30.000 mensen deel, onder wie 4.702 geregistreerde vertegenwoordigers van bewegingen uit 117 verschillende landen. Een jaar later kwamen 50.000 andersglobalisten samen in de Braziliaanse havenstad. Dit keer ging het om 15.250 geregistreerde vertegenwoordigers van zo’n vijfduizend bewegingen uit 131 verschillende landen. Tijdens dat tweede Wereld Sociaal Forum vond er ook een jongerenkamp plaats dat de naam Cité Carlo Giuliani had meegekregen, naar de Italiaanse activist die door het hoofd werd geschoten door de carabinieri tijdens de protesten tegen de G8 in Genua in die warme zomer van 2001. Deze jongerenmeeting verzamelde 15.000 actiekampeerders.

Van Davos naar Porto Alegre

Het Wereld Sociaal Forum is geboren in de internationale beweging voor een andere globalisering. Twee Braziliaanse activisten, Francisco Whitaker en Oded Grajew namen in 2000 deel aan de protesten tegen het Wereld Economisch Forum in het Zwitserse Davos. Jaarlijks blies zowat de hele mondiale elite verzamelen in die Europese schurkenstaat, waar het geld van de georganiseerde misdaad niets te vrezen heeft.

Doel van die meeting was om met een heleboel invloedrijke figuren gedurende enkele dagen de problemen en de uitdagingen van de wereldeconomie te bespreken. Dergelijke bijeenkomsten zijn van uitzonderlijk belang voor de heersende orde. Daar worden de agenda’s op elkaar afgestemd, de prioriteiten bepaald, de strategieën vastgelegd. Achter een muur van prikkeldraad en politieagenten in gevechtskledij namen hoofdzakelijk blanke en mannelijke aandeelhouders, CEO’s, geldschieters maar ook politici en wat adelijke types plaats aan de vergadertafel. Hier en daar trof je er ook een verdwaalde vakbondsleider aan.

De twee activisten wisten na de acties de verantwoordelijken van de internationale beweging Attac ervan te overtuigen om één jaar later gelijktijdig met het feestje in Davos een Wereld Sociaal Forum te organiseren. De plaats voor het gebeuren was snel gekozen; Porto Alegre, de stad uit het Zuiden waar sinds een goede tien jaar een progressief bestuur aan de macht was. De PT, de Arbeiderspartij die met haar kandidaat Lula da Silva net de Braziliaanse presidentsverkiezingen heeft gewonnen, was er aan de macht gekomen in 1989. De PT is een partij die het daglicht zag in de jaren 80 en die misschien nog het best te vergelijken valt met de Europese sociaal-democratie van begin 20ste eeuw: een brede arbeiderspartij met radicale en gematigde tendensen. In Porto Alegre staan de radicale tendensen sterk en speelden zij ook een belangrijke rol in dat bestuur.

Participatieve democratie

Dat PT-bestuur wist wereldwijd de aandacht te trekken door de invoer van een innoverend systeem van participatieve democratie. De thuisbasis van het Wereld Economisch Forum had als vlaggenschip het waterdichte bankgeheim. In Porto Alegre, herberg van het Wereld Sociaal Fortum, wordt de stadsbegroting voor zeventig procent gestemd door algemene wijkvergaderingen, zonder wiens goedkeuring het stadsbestuur niet aan de slag kan. Met dit systeem van participatieve begroting boekte het bestuur enorme vooruitgang op het sociale en democratische vlak. De gemiddelde levensverwachting ligt inmiddels in Porto Alegre haast tien jaar hoger dan elders in Brazilië.

Een goede omgeving voor de organisatie van het eerste Wereld Sociaal Forum. Er werd een organiserend comité op poten gezet, ondersteund door een internationale raad van supportgroepen en organisaties. In dat organisatiecomité tref je bewegingen aan als Attac, de beweging van landloze boeren MST, de linkse vakbond CUT, de NGO-koepel ABONG en een aantal vredes-, mensenrechten- en vrouwenorganisaties. Daarbij dient opgemerkt dat het stadbestuur van Porto Alegre alsook de PT-regering van de deelstaat Rio Grande do Sul de hele zaak logistiek ondersteunen.

Revolutionair?

Over het doel en de werkwijze van het Wereld Sociaal Forum bestaan er nogal wat misverstanden, die in bepaalde gevallen tot nodeloze polemieken leiden. Wat zegt het charter van het WSF, aangenomen tijdens het eerste Wereld Sociaal Forum in januari 2001, daar zelf over? “Het Wereld Sociaal Forum is een open debatruimte, waar er nagedacht en democratisch gedebatteerd wordt, waar voorstellen uit voort kunnen komen, ervaringen uitgewisseld worden en gezamenlijke acties kunnen gepland worden. Het omvat organisaties en bewegingen van de civiele maatschappij die zich verzetten tegen het neoliberalisme, tegen een wereld die gedomineerd wordt door het kapitaal en tegen elke vorm van imperialisme, krachten die ijveren voor de opbouw van een planetaire maatschappij waarin de menselijke behoeften centraal staan.”

Bedoeling is om sociale bewegingen vanuit de hele wereld te verzamelen die zich herkennen in deze definitie. Politieke partijen horen er als dusdanig niet thuis, al vindt er tijdens elk Forum ook een parlementair Forum plaats, dat gescheiden te werk gaat en progressieve verkozenen bij elkaar brengt. Het Forum neemt op zichzelf geen initiatieven, maar uit het debat en de ontmoeting kunnen er wel acties gepland worden door groepen deelnemers die het eens zijn rond een aantal gemeenschappelijke punten. Er wordt dus niets gestemd en niets beslist door het Forum zelf.

Natuurlijk kwamen er tijdens de eerste twee edities van het WSF heel wat polemieken naar boven. Niet meer dan normaal, in zo’n uitgebreid gezelschap. Het Forum verzamelt immers organisaties van zeer verschillend pluimage, gaande van radicaal en revolutionair links, marxisten en libertairen, tot federaties van kleine of middelgrote ondernemers die hun verantwoordelijkheid als ‘burger’ wensen op te nemen, van vakbonden en sociale bewegingen die vertrekken vanuit een klassenanalyse tot religieuze verenigingen! Zonder twijfel een klassenoverstijgend gezelschap. Een aantal organisaties van radicaal links nemen dit als voorwendsel om het geheel een etiket van ‘reformistisch’ op te kleven. Welnu, de aard van het Wereld Sociaal Forum is noch ‘reformistisch’, noch ‘revolutionair’. Het is even ambivalent en pluriform als de betogingen en de acties tegen het mondiale kapitalisme zelf.

Uit het WSF groeiden talrijke initiatieven. Zo werd ondermeer in 2001 het Genua Sociaal Forum opgericht, naar het voorbeeld van Porto Alegre. De aangesloten groepen organiseerden samen één van de knapste andersglobalistische acties tot nu toe, nl. de massale demonstraties tegen de G8-top in de Noord Italiaanse kuststad.

Van onderop én topdown


Opmerkelijk is dat een beweging die in feite van onderop is gegroeid nu in haar zoektocht naar gepaste organisatievormen in de omgekeerde richting werkt. Het model van het Sociaal Forum sluit naadloos aan bij de andersglobaliseringsbeweging. Het heeft een breed, open en pluralistisch karakter, dat in staat blijkt om alle schakeringen van de andersglobalistische waaier te verenigen. In plaats van uitsluitende mechanismen, op basis van een afgerond programma en één overeengekomen strategie, heeft de andersglobaliseringsbeweging vandaag kennelijk meer baat bij een insluitend model, waarbinnen de uiteenlopende standpunten en visies met elkaar geconfronteerd kunnen worden.

Na de acties in Genua breidde het model van de sociale fora zich uit naar de rest van het land. Er ontstonden sociale fora in een indrukwekkend aantal Italiaanse steden en stadjes. Inmiddels is er sprake van een sociale-forabeweging, die reeds meermaals enkele honderdduizenden sympathisanten op de been wist te brengen. “Die van Genua” worden ze ook wel genoemd in de Italiaanse pers.

Bovendien werd tijdens het tweede Wereld Sociaal Forum overeengekomen om de beweging lokaler te verankeren. Inmiddels vond in november 2002 bijvoorbeeld een Europees Sociaal Forum plaats in Firenze, in het land waar de Europese andersglobaliseringsbeweging zonder twijfel het sterkst is uitgebouwd. Ook in België manifesteerde op 21 september 2002 voor het eerst het Sociaal Forum van België zich. Begin mei organiseert dat forum een grootse trefdag in de hoofdstad.

Ook op het lokale vlak krijgen sociale fora vorm. Steeds vaker ontstaan er coalities tussen attac’ers, syndicalisten, Ngo’ers, antikapitalisten, milieu-activisten, feministische vrouwen enz. De sociale fora kennen een dynamiek. Ze groeien spontaan, langzaam, vaak uit concrete lokale actieaanleidingen. Ze smeden zeer diverse groepen aan elkaar rond de slagzin van Porto Alegre “Een andere wereld is mogelijk”.

Kritieken

Guy Verhofstadt was niet welkom op het tweede Wereld Sociaal Forum. Zo stond het althans te lezen in de Belgische kranten. Dat klopt eigenlijk niet helemaal. Zowat iedereen die zelf beweert dat hij of zij zich herkent in de doelstellingen van het WSF kan zich vrij inschrijven, de debatten bijwonen, het woord nemen. Alleen verwachtte de Belgische premier dat hij onmiddellijk op een podium zou gehesen worden. Dat kon niet, zo vonden de organisatoren éénsluidend. Mocht hij zich gewoon net als de anderen ingeschreven hebben voor het parlementair forum was er allicht geen probleem geweest.

Dat duidt ook op een zwakte. Door haar open, pluralistisch en niet-decisief karakter is het Wereld Sociaal Forum niet erg goed gewapend tegen allerhande vormen van politieke recuperatie. Hoewel het indrukwekkend is hoe deze beweging zich ontwikkelt buiten de controle en macht van de apparaten van de grote politieke organisaties om, moet toch vastgesteld dat heel wat politici zich met haast richting de sociale fora begeven. Zowat de hele internationale sociaal-democratie streek neer in Porto Alegre, en later ook in Firenze. Het mag duidelijk zijn dat ze deze trein niet wil missen, in weerwil van haar eigen politieke verantwoordelijkheid in de huidige neoliberale globalisering.

Dat leidt wel eens tot bitsige reacties. Waarom krijgt Elio Di Rupo zomaar een plek in een panel terwijl hij op geen enkele wijze heeft bijgedragen aan de totstandkoming van deze beweging, zo vragen vele radicalere activisten zich terecht af. Daarbij dienen echter twee opmerkingen gemaakt te worden. Ten eerste kan je je afvragen hoe de organisatoren van die sociale fora dan wel zouden moeten bepalen wie er binnen mag en wie niet. Voor de één is Elio Di Rupo een politiek leider die de sociaal-democratie tracht om te turnen naar een zacht-liberale marktconforme beweging. Voor de ander is hij een gesprekspartner, die nu en dan een dossier van de NGO-wereld wil verdedigen binnen de Belgische regering.

Ten tweede, en dat is nog belangrijker, blijken de optredens van deze sociaal-democratische kopstukken tijdens zo’n Wereld Sociaal Forum vaak helemaal geen succes. Ze kunnen zowat altijd op een storm van kritiek rekenen en worden geconfronteerd met scherpe antikapitalistische gesprekspartners, die hen het gras voor de voeten maaien. Dat was ondermeer het geval toen Di Rupo in Firenze deelnam aan een panelgesprek over de andersglobaliseringsbeweging en de politiek. Hij werd er geconfronteerd met Fausto Bertinotti, aanvoerder van de Italiaanse PRC (partij voor communistische herstichting) en de jonge postbode Olivier Besancenot, die als presidentskandidaat van de Franse LCR bijna vijf procent van de Franse kiezers wist te overtuigen. Ook het publiek was uiterst kritisch voor onze man uit Bergen. Laten we met andere woorden de andersglobalisten niet onderschatten en met open vizier het debat voeren.

Jetset

Een laatste en terechte kritiek op het Wereld Sociaal Forum luidt dat het slechts toegankelijk is voor een selecte club van mensen die zich een vliegtuigticket naar Brazilië kunnen permitteren. De scherpste criticasters spreken zelfs over een ‘andersglobaliseringsjetset’, waarmee ze dan een groep van professionele NGO’ers bedoelen die op kosten van hun organisaties zowat de hele wereld afreizen van de éne top naar de andere. Een wat overdreven kritiek. Toch is het inderdaad zo dat heel wat basisactivisten, die vaak de andersglobalistische acties op het terrein voeren, nooit in de vrolijke havenstad zullen geraken. In België tracht de NGO-koepel 11.11.11. dit probleem voor een stukje aan te pakken door groepjes jongeren te laten meereizen naar ginder.

Het derde Wereld Sociaal Forum komt eraan. Het is boeiend om zien hoe een prille globale verzetsbeweging plaatsen creëert om voor zichzelf een richting te bepalen, een organisatie te kneden en een theoretische ondersteuning voor de acties te ontwikkelen. Het WSF is de uitdrukking van een veelzijdig antineoliberaal en antikapitalistisch bewustzijn dat wereldwijd opgang maakt. Optimisten spreken over de Internationale van de 21ste eeuw.

Toen de Berlijnse muur in 1989 tot een schroothoop herleid werd, luidde de dominante boodschap: “Een andere wereld is niet mogelijk!”. Wie zich verzet tegen het kapitalisme komt onvermijdelijk uit bij de goelag, zo orakelde men. Een goede tien jaar later steekt een brede en internationale waaier van bewegingen de koppen bij elkaar rond de kernachtige en eenvoudige waarheid ‘Een andere wereld is mogelijk’. Een blad werd omgedraaid.

(Uitpers nr. 37, 4de jg., januari 2003)

* David Dessers is co-auteur van het boek “Ya Basta! Globalisering van onderop”.

Deel dit artikel

Visited 143 Times, 1 Visit today

Tags :

zie ook