Chinese arbeiders

(Antwoord op Freddy De Pauw en Karel Depauw, zie Uitpers, nr. 32, juni 2002 en het eraan voorafgaand stuk van Dirk Nimmegeers in Uitpers, nr. 31, mei 2002))

‘Chinese arbeiders verzetten zich terecht tegen werkloosheid en inkomensdaling. Hopelijk zoeken zij hun heil bij de communistische partij (CPC) en bij de erkende vakbond (ACFTU)’ schreef ik in Uitpers van mei. Freddy De Pauw (FD) en Karel Depauw (KD) reageerden uitgebreid. Ik wil hen van antwoord dienen.

De discussie is zinvol: we willen solidair zijn met arbeiders in derdewereldlanden maar wie steunen we dan precies? Het antwoord op die vraag heeft alles te maken met een keuze waar andersglobalisten en vredesactivisten niet aan ontkomen. Worden wij kritische bondgenoten van het Westen, geleid door de VS, of van China, een socialistisch derdewereldland?

Beide auteurs schrijven de CPC af. De partij is volgens hen waardeloos als verdediger van de arbeidersklasse want vooral geïnteresseerd in de rijken. De partij wil de oude socialistische Tupolev gewoon een noodlanding laten maken op het wereldwijde vliegveld van het kapitalisme. Een slordige analyse, lijkt me.

In de CPC is er een groeiende stroming van militanten die zich wel degelijk op de arbeidersklasse en het socialisme beroepen. Zij hebben over de kwestie van het partijlidmaatschap van privé-kapitalisten het debat geopend met open brieven en theoretische artikels.

De ideologische strijd wordt binnenskamers gevoerd. Dat is lastig voor ons en misschien niet de juiste aanpak. Anderzijds zijn er redenen genoeg te bedenken voor deze discretie. Dat wat al of niet toevallig uitlekt leert ons echter dat het debat niet afgelopen is, niet op het concrete vlak (van het lidmaatschap bijvoorbeeld) en niet wat betreft het grote maatschappijproject zelf(1).

‘Kapitalistische elementen mogen bestaan in een socialistische markteconomie; ze zullen de aard van het socialisme niet veranderen…het systeem krijgt er zelfs een grotere spankracht van. Het is wel mogelijk dat deze spankracht niet gebruikt wordt om het socialisme te ontwikkelen maar om het te vernietigen. Alleen de communistische partij is in staat deze innerlijke spanning onder controle te houden…om de partij zuiver te houden moeten we in de eerste plaats aan de arbeiders duidelijk maken dat de kapitalisten in ons land diegenen zijn die ‘worden’ geleid. De arbeidersklasse is de basis van de CPC en ze is de leidende klasse in China’(2).

Woorden, niet van een onbeduidende linkse nostalgicus maar van Lin Yanzhi, de tweede secretaris van de partij in de noordoostelijke provincie Jilin (en volgens de website van Falun Gong ‘verantwoordelijke voor de campagne tegen ons in het hele noordoosten’)(3). Zijn standpunten worden wel gesignaleerd in Uitpers maar niet grondig gelezen(4). Mensen zoals Lin zijn zeker niet uitgeteld. Het partijcongres in het najaar en de komende werkjaren worden beslist spannend. Suggereren dat de CPC door ondernemers is gekaapt, zoals KD doet, is echt een beetje absurd.

Beide auteurs beweren dat China niet meer socialistisch is. Ook dat is zeer de vraag. Dat China op economisch vlak verregaande hervormingen in kapitalistische zin doorvoert valt niet te ontkennen. Maar wie wil recht doen aan de complexiteit van de Chinese werkelijkheid, zal moeten erkennen dat de formule ‘of socialistisch, of kapitalistisch’, te simplistisch blijkt. De CPC en haar leiders spreken nog altijd over de opbouw van het socialisme. Ook Hu Jintao, wellicht de opvolger van Jiang Zemin, wond daar in zijn eerste openbare toespraak in de VS geen doekjes om.

We moeten de mogelijkheid niet uitsluiten dat de Chinese leiders gewoon eerlijk zijn en via de economische hervormingen het welvaartsniveau voor de meerderheid van de bevolking definitief op peil willen brengen(5).

Zij zeggen ook voortdurend dat het socialisme in een groot derdewereldland als China er niet (onmiddellijk) kan uitzien zoals dat zou zijn in een ontwikkeld industrieel land. Verder zijn zij zich zeer bewust van de problemen en proberen ze die aan te pakken met het oog op de belangen van grote massa(6).

De wijzen van het Amerikaanse kapitalisme beseffen maar al te goed dat China nog lang niet ‘binnen is’(7). Tot hun ongenoegen domineren de staatsbedrijven nog steeds de economie en beheerst de CPC de politiek en wellicht het ergste: grote machten zoals de VS en de EU hebben nog steeds geen vat op China.

FDP en KD leggen de nadruk op de moeilijke situatie waarin CPC en ACFTU zich bevinden maar wel op een zeer negatieve wijze. Alle maatregelen en toegevingen waar de partijleiding op aandrong bij de lokale overheden na de acties in het voorjaar worden door hen uitsluitend gezien als een vorm van machtshandhaving.

Tekenend voor dat opzettelijk negativisme is de manier waarop KD omgaat met een artikel van A. Bezlova (‘New rich are party’s new role models’, Asia Times 07/05/02, http://www.atimes.com ). Hij suggereert dat de partij voortaan officieel 10 klassen zou erkennen in plaats van wat hij noemt ‘de drie orthodoxe communistische klassen’.

De studie waar Bezlova over spreekt is echter een discussiestuk, een uiting van de rechtse lijn die ongetwijfeld binnen de partij bestaat, maar ook niet meer dan dat. KD vergeet dat er verder in het artikel staat: ‘In his state-of-the-nation address at the opening of the China’s annual parliamentary session in March, Zhu Rongji admitted the party has failed to address the social grievances of its main supporters — the workers and the peasantry’

Vele autoriteiten zijn oprecht bezorgd om de situatie van de arbeiders. Velen zijn inderdaad bang dat ze zich tegen het socialisme zullen keren en zich zullen laten manipuleren door de profeten van het volmaakte kapitalisme.

FD en KD geloven in de ‘spontane reactie van arbeiders om zich autonoom te organiseren’ en bepleiten ‘het erkennen van de gehate zogenaamde vrije vakbonden’.

KD tekent daarbij aan dat ‘het IVVV… kan helpen bij het identificeren van de ernstige vrije organisaties’ omdat, zoals hijzelf zegt, "veel van die zogenaamde ‘vrije vakbonden’ geïnfiltreerd zijn door de Chinese maffia". Veel gevaarlijker lijken mij groepen zoals China Labour Bulletin uit Hong Kong. Deze organisatie, geleid door de anticommunist Han Dongfang (een veteraan van Tiananmen ‘89), werkt nauw samen met Radio Free Asia. Zij zijn al zo goed als erkend door het IVVV(8). Westerse persbureaus halen praktisch al hun informatie over arbeidersonrust in China bij hen. Uit wat zij zeggen en schrijven blijkt dat zij nauw betrokken waren bij de acties in het noordoosten en dat ze er goede contacten hebben. Zij komen er gewoon voor uit dat veel van de acties in Daqing en Liaoyang nauwelijks het etiket ‘spontaan’ of ‘a-politiek’ verdienen. Wat zij de ‘spring movement’ noemen beschikte volgens hen over ‘ stronger membership, unity, leadership, and a better level of organization’ en marked a departure from the pattern of isolation and spontaneity’. Verder hoopt de China Labour Group dat het economische zo snel mogelijk politiek wordt: In China, however, where the party has held exclusive control of the state, the economy and all aspects of society for decades, … grievances are readily directed towards the party-state… widespread and deep rooted embitterment towards the leadership of the party-state makes most of the economic agitation …intrinsically political protest… economic grievances soon cause disillusion among the staunchest supporters of the communist-led party-state, the working class’(9).

De gedepolitiseerde bonden die KD aanbeveelt zouden doodeenvoudig bonden zijn die los van of tegen de CPC opereren (dus toch ‘Solidarnosc revisited’).

En ook de inmenging in China door westerse vakbonden, het andere wondermiddel van KD, zal de illusie van een gedepolitiseerde vakbeweging niet tot realiteit maken.

Er bestaan genoeg voorbeelden van politieke banden die IVVV-bonden onderhouden met de sociaal-democratie. Die sociaal-democratie heeft de bonden altijd ingezet om het communisme en andere radicale bewegingen te bestrijden. Tenslotte mogen we vooral niet negeren dat de sociaal-democratische leiders de meest rabiate verdedigers zijn van de militaire en politieke belangen van het Westen (denk niet enkel aan Blair; ook Schröder, Solana, Robertson en Van der Stoel zijn er nog).

Wat zou de winst zijn voor de Chinese arbeiders als dit IVVV de toelating kreeg om zich met de interne Chinese zaken te bemoeien en als de vrije vakbonden zich zouden kunnen ontwikkelen? Zouden de bedrijven loon en werkomstandigheden verbeteren?

Stel dat de CPC echt ten val wordt gebracht. Zullen de democratische partijen en de Chinese kapitalisten die het overnemen de eisen van de arbeiders wel beluisteren en honoreren? De arbeiders die hun heil zoeken bij het IVVV en bij het Westen maken zich illusies, net zoals zovelen in Oost Europa dat deden. Bij de beoordeling van de arbeidersstrijd en de vraag of wij die moeten steunen is de toetssteen: blijft men zich richten op een verbeterde werking van ACFTU en CPC?

De Chinese regering en de CPC verbeteren op het ogenblik de vakbondswet, de sociale zekerheid, de macht van de partij en van de basis in de bedrijven.

Onlangs verspreidde de partij een circulaire over de verplichting om via arbeiderscongressen de arbeiders een authentieke inspraak te geven in de werking van de staatsbedrijven, met een aanbeveling om het systeem ook in de privé toe te passen(10).

De ACFTU is de enige bond die de Chinese arbeiders uitkomst kan bieden. Alleen in de ACFTU zitten militanten die willen strijden voor het socialisme en het is de organisatie bij uitstek die kan zorgen voor de wederzijdse communicatie tussen de basis en de regering/partij.

KD wijst er op hoe de burgerij nu al veel armslag heeft(11).

Dit lijkt me een sterk argument om de CPC niet aan te vallen. De partij functioneert gelukkig nu nog als een rem, als een controleur op de groeiende macht van de burgerij. Als je de CPC vervangt door ‘democratische’ partijen moet de arbeidersklasse het opnemen tegen een burgerij die pas echt sterk zal zijn en ongehinderd door banden met de arbeidersklasse.

Nu al zijn er pogingen vanwege pro-westerse bewegingen die zich bemoeien met de Chinese arbeidersstrijd om de andersglobalisten voor hun karretje te spannen: ‘In their struggle …in the face of privatization and globalization, the Chinese labour movement has at last found common ground with the democratic labour movements around the world’ kon je onlangs horen op… Radio Free Asia(12).

Buigen voor de VS en Europa zal het ideaal van een ‘wereld die niet te koop is’ geen goed doen. In de wereldwijde oorlogsstrategie die de VS ontplooit is China een van de belangrijkste doelwitten op lange termijn. Voor de VS is China een van de mogendheden in Azië die haar hegemonie kunnen aantasten en wel degelijk een socialistische staat met een voorbeeldfunctie voor de derde wereld. Wie China onbevooroordeeld bestudeert (liefst ook met raadpleging van Chinese bronnen) zal ontdekken dat er in dit derdewereldland nog kansen zijn om een sociaal bewogen alternatief voor de kapitalistische globalisering te ontwikkelen. Hierbij is een hoofdrol weggelegd voor een comeback van de marxistische principes. Wie streeft dat in China na? Han Dongfang en het IVVV? Nee, natuurlijk. De enigen die het socialisme weer sterk willen maken zijn de communisten en waar zijn die te vinden? …Juist.

Dirk Nimmegeers

(Uitpers, nr. 33, 4de jg., september 2002)

Voetnoten

(1) Zie de reeks ‘A Struggle Within the Chinese Communist Party’ in Monthly Review, 5/02
(2) Uit Shehui Kexue Zhanxian,(Front of Social Sciences) Changchun, 20 juni ‘01 pp 1-8, China, BBC Monitoring.
(3) ‘Lin Yanzhi, the deputy Party-secretary of Jilin Province (who is in charge of the entire campaign of repression against Falun Gong in Northeastern China), will definitely be put on trial in the future’, website Falun Dafa april ‘02
(4) ‘China’s weg naar/van het socialisme’ in Uitpers, september ‘01, Freddy De Pauw
(5) dat ze daar in slagen geeft zelfs FD toe in zijn reactie op mijn discussiebijdrage in Uitpers:
‘toegegeven dat China de voorbije twintig jaar een spectaculaire economische groei en een grote stijging van het welvaartsniveau kende (zelfs tijdens de crisis van 1997 die de rest van de regio trof), dat onderwijs en gezondheidszorg er een goed gemiddeld niveau halen in vergelijking met vergelijkbare landen’.
(6) zie het opiniestuk ‘It’s prosperity, not collapse’, Gu Ping in de People’s Daily van 22 juli jl. en dat van Forest Lee ‘China’s ongoing reform’ in de People’s Daily van 15 augustus jl.
(7)‘Many foreigners think, mistakenly, that China is capitalist. In fact, China’s system is exactly what its leaders call it: socialism with Chinese characteristics. In practice, that means a large state sector, party committees even in private enterprises, corporate boards that are unable to fire managers, no market for corporate control and massive changes in economic policy (such as consolidation of the motor industry) dictated without consultation’. Een professor ‘international relations’ bij de University of Pennsylvania , tevens directeur ‘Asian studies’ bij het American Enterprise Institute. (Financial Times 4 juli ‘02)
(8) zie o.a. ‘By interactive live video link from Honk Kong, independent Chinese labour leader Han Dong-fang addressed the ICFTU’s Congress in Durban’ http://www.icftu.org/displaydocument.asp?Index=991210099&Language=EN
(9) The Third Wave of the Chinese Labour Movement in the Post-Mao Era, Trini Leung, China Labour Bulletin, 5 juni ‘02 .
(10)Beijing, 23 juni ‘02 (Xinhua) (via FBIS) – The General Office of the CPC Central Committee and the General Office of the State Council issued a circular on in-depth implementation of the system of making enterprise affairs known to the public at state-owned and collective enterprises and their holding enterprises. To : Party committees and governments of all provinces, autonomous regions, and municipalities, departments and commissions of the party Central Committee and state organs, the Central Military Commission and the General Political Department, and mass organizations. (volledige tekst op website VBC: http://www.belchin.be/
(11)‘De All China Federation of Industry and Commerce (ACFIC), heeft dezelfde status als de zogenaamde acht ‘democratische partijen’ die onder supervisie staan van het Verenigd Front… In het Nationaal Volkscongres en in de Politieke Consultatieve Vergadering van het Chinese Volk wordt de representatie bepaald door sectoriële quota’s. Sinds de hervormingen zijn de boeren en arbeiders er in grote mate in ondervertegenwoordigd…Ondertussen steeg het aantal private ondernemers in de verscheidenene staatsvertegenwoordigingsorganen gestaag, zeker in de lokale volkscongressen’. K. Depauw in Uitpers, juni ‘02
(12) ibidem, Leung.

(Visited 6 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 74 Times, 2 Visits today