Canada: een verhaal over twee geldsystemen

Zelfs ‘s werelds rijkste land aan grondstoffen zit nu gevangen in de schuldenvalstrik. De overheidsprogramma’s waar men eens zo trots op was, worden nu onderworpen aan radicale bezuinigingen – bezuinigingen die vermeden hadden kunnen worden als de overheid in de jaren zeventig niet gestopt was met het lenen van zijn eigen centrale bank.

In Ottawa ging de Canadese Tweede Kamer akkoord met de recentste ronde van snijden in de begroting en bezuinigingsmaatregelen van de federale overheid. De belangrijkste punten omvatten het schrappen van 19.200 banen in de publieke sector, het snoeien in federale programma’s met 5,2 miljard dollars per jaar en het verhogen van de pensioengerechtigde leeftijd voor miljoenen Canadezen van 65 naar 67. De rechtvaardiging voor de bezuinigingen was de enorme staatsschuld die nu meer dan $ 581 miljard bedraagt, oftewel 84% van het Bruto Binnenlands Product.

Nabeschouwing:

Een online budgetspel, aangeboden door de lokale krant “The Globe and Mail” gaf lezers de kans om te proberen om zelf de overheidsbegroting in balans te brengen. De geboden mogelijkheden bestonden onder meer uit het snijden in de budgetten voor ouderenzorg, pensioenvoorzieningen, gezondheidszorg en onderwijs; of het snijden in de financiering van transport, defensie, economische ontwikkeling en buitenlandse hulp; of het verhogen van de belastingen. Een artikel op dezelfde pagina stelde: “De overheid heeft eigenlijk niet veel mogelijkheden tot haar beschikking om een groot begrotingstekort sluitend te maken. Het kan belastingen verhogen of snijden in de uitgaven voor overheidsprogramma’s.

Het lijkt erop dat aan geen enkele speler, wetgever of ander persoon de mogelijkheid werd geboden om te spelen met de bovenste regel in het budget: de rente aan schuldeisers. Een grafiek op de website van het Canadese Ministerie van Financiën getiteld: “Waar gaat uw belastingdollar heen?”, toonde dat de rentebetalingen 15% van de begroting waren, meer dan  gezondheidszorg, ziekenfonds en andere overheidsbijdragen samen. De pagina dateert uit 2006 en werd het laatst vernieuwd in 2008, maar de percentages zijn nu vermoedelijke weinig anders.

Wijsheid over pennies, dwaasheid over ponden

Temidden van andere bezuinigingen in het budget van 2012, kondigde de regering aan, dat het stopte met het slaan van pennies, die nu meer dan een penny kosten om ze te maken. De regering let wel op de pennies, maar niet op de pounds – het enorme gedeelte van de schuld dat uitgespaard had kunnen worden door te lenen van de Bank van Canada, de eigen bank van de regering.

Tussen 1939 en 1974 leende de overheid wel van zijn eigen centrale bank. Dit maakte haar schuld in feite rentevrij, omdat de overheid eigenaar was van de bank en de opbrengst van de rente ontving. Volgens cijfers aangeleverd door Jack Biddell, een voormalige overheidsaccountant, bleef de federale schuld erg laag, vrij gelijkmatig en best houdbaar gedurende die jaren. (Zie zijn grafiek hieronder.) De regering financierde succesvol grote publieke werken eenvoudig met krediet van de natie, met inbegrip van de vliegtuigproductie gedurende en na de Tweede Wereldoorlog, scholing voor terugkerende soldaten, kinderbijslag, oudersdomspensioen, de Trans-Canada Snelweg, het St.lawrence Seaway project en de universele gezondheidszorg voor alle Canadezen.

(klik op grafiek voor uitvergroting)

De schuld schoot pas na 1974 omhoog. Dat was toen het Bazel Comité werd opgericht door de centrale bank-gouverneurs van de “Groep van Tien” landen van de Bank for International Settlements (BIS), waar Canada deel van uitmaakte. Een van de hoogste doelstellingen van het Comité was het behouden van “monetaire en financiële stabiliteit”. Om dat doel te bereiken ontmoedigde het Comité, dat landen rentevrij van hun eigen centrale bank leenden en moedigde het aan, dat ze in plaats daarvan van privé-geldschieters gingen lenen, alles in naam van “het stabiel houden van de valuta”

De veronderstelling was, dat het lenen van de centrale bank, met de macht geld in zijn boekhouding te creëren, de geldschepping en de prijzen op zouden drijven. Aan de andere kant werd het lenen van privé-geldschieters niet als inflationair beschouwd, omdat dit het hergebruik van reeds bestaand geld betrof. Wat de bankiers niet vertelden, ofschoon ze dat zelf allang wisten, is dat de privé-banken het geld dat ze uitlenen op dezelfde manier creëren als de staatsbanken. Het verschil is alleen, dat de staatsbanken de rente teruggeven aan de regering en de gemeenschap, terwijl privé-banken de rente in hun kapitaalrekening zuigen om opnieuw geïnvesteerd te worden voor nog meer rente, en daarbij steeds meer geld uit de productieve economie wegtrekken.

De schuldencurve, die zijn exponentiële stijging begon in 1974 werd bijna verticaal in 1981, toen de rentevoet door de Federal Reserve in de VS verhoogd werd naar 20%. Bij 20% rente op rente per jaar verdubbelt de schuld binnen vier jaar. Canadese rentevoeten waren in die periode maar liefst 22%. Canada heeft nu meer dan 1000 miljard dollar rente over haar federale schuld betaald – bijna twee keer zoveel als de schuld zelf. Als het al die tijd van haar eigen bank geleend had, zou het niet alleen schuldenvrij zijn, maar een fors budget overschot hebben. Dat geldt ook voor andere landen

De stille machtsgreep van de bankiers

Waarom betalen overheden private financiers om krediet te genereren dat zijzelf – rentevrij – zouden kunnen genereren? Volgens Professor Carroll Quigley, de mentor van Bill Clinton aan de Georgetown University, maakte het allemaal deel uit van een georchestreerd plan van een kliek van internationale financiers. Hij schreef in Tragedy and Hope, in 1964:

De krachten van het financiële kapitalisme hadden een ander, verder strekkend doel: niets minder dan het creëren van een wereldwijd systeem van financiële heerschappij in private handen, dat in staat is het politieke systeem van ieder land en de wereldeconomie als geheel te domineren. Dit systeem zou op een feodale manier gecontroleerd moeten worden door de samenwerkende centrale banken van de wereld, met geheime akkoorden die bereikt werden tijdens regelmatige privé-ontmoetingen en conferenties. De top van het systeem zou de Bank for International Settlements in Bazel zijn, een privé bank die bezit is van en gecontroleerd wordt door de centrale banken van de wereld, die zelf ook privé-ondernemingen zijn.

Iedere centrale bank… trachtte zijn regering te overheersen met zijn mogelijkheid de staatsleningen te beïnvloeden, de wisselkoersen te manipuleren, het niveau van economische activiteit in het land te beïnvloeden, en welwillende politici te beïnvloeden door ze later met economisch gewin in de zakenwereld te belonen.

In december 2011 kwam deze beschuldiging tot uiting in een rechtszaak, die werd aangespannen voor de Canadese federale rechtbank door twee Canadezen en een Canadese economische denktank. Landsadvocaat Rocco Galati diende een zaak in namens William Krehm, Ann Emmett en COMER (het Comité voor Monetaire en Economische Hervorming) om de oorspronkelijke doelstelling van de Bank of Canada te herstellen, met inbegrip van het verstrekken van renteloze leningen aan gemeentelijke, provinciale en federale overheden voor uitgaven ten behoeve van ‘menselijk kapitaal’ (onderwijs, gezondheidszorg en andere sociale diensten) en voor infrastructuur.  De eisers stelden dat de Bank van Canada en het monetaire en financiële beleid sinds 1974 gedicteerd werden door particuliere buitenlandse banken en door financiële belangen, die behartigd werden door de BIS, door het Financial Stability Forum (FSF) en door het International Monetary Funds (IMF), waarbij de soevereine heerschappij van het parlement van Canada omzeild werd.

Vandaag is deze stille coup zo goed weggemoffeld, dat zowel de overheden als de spelers ervan overtuigd zijn dat de enige mogelijkheden voor de aanpak van de schuldencrisis bestaan uit het verhogen van belastingen, het schrappen van diensten, of de verkoop van staatsbezit. We zijn vergeten dat er nog een optie is: het reduceren van de schulden door te lenen van de eigen bank van de regering, die zijn winsten terugsluist naar de staatskas. Het is bewezen, dat door het wegsnijden van de rente de gemiddelde kosten van openbare projecten met ongeveer 40% verminderen.

(Uitpers nr. 142, 13de jg., mei 2012)

Ellen Brown is procureur en Voorzitter van het Public Banking Institute (http://publicbankinginstitute.org). In “Web of debt” (“Schuldenweb”), het laatste van haar elf boeken, toont ze aan hoe een privaat kartel de macht van de geldschepping van het volk heeft afgenomen en hoe het volk deze terug kan krijgen. Haar websites zijn: http://www.webofdebt.com en http://ellenbrown.com.

 Bron: http://www.courtfool.info

Copyright: Met toestemming van Ellen Brown

Met dank aan de mensen die verschillende vertalingen hebben aangeboden.

Visited 14 Times, 1 Visit today

Tags :