Blair-Berlusconi, één strijd

Tony Blair heeft op zijn "derde weg" een flinke bocht naar rechts genomen door op 15 februari 2002 in Rome een gemeenschappelijke verklaring te ondertekenen met de Italiaanse premier Silvio Berlusconi. Want die verklaring is één groot pleidooi voor een ultra-liberaal beleid, ook op sociaal vlak.

Op een ogenblik dat de rechtse regering van Berlusconi de confrontatie aangaat met de wereld van de arbeid om de arbeidsmarkt duchtig te "flexibiliseren", komt Blair, de man van ‘New’ Labour, in Rome een pleidooi ondertekenen ten gunste van nog meer deregularisering en voor meer flexibiliteit in de arbeid.

Het was alleszins een kaakslag voor de Italiaanse vakbonden en de Italiaanse arbeiders die al met honderdduizenden op straat kwamen tegen dat offensief van het patronaat, verdedigd door minister Roberto Maroni van de Lega Nord. Die partij wil daarmee het patronaat zeer duidelijk maken aan welke kant ze staat, voor wie daar nog mocht aan twijfelen.

Blair gaf Berlusconi een politiek cadeau op een ogenblik dat die man in Europa en in eigen land heel wat tegenwind krijgt. Een groot deel van de Italiaanse culturele wereld wijst hem terecht aan als een groot gevaar voor de democratische rechten en vrijheden. Als 40.000 mensen in Milaan betogen bij de tiende verjaardag van het begin van de operatie ‘Mani pulite’ (Schone Handen) heeft Berlusconi’s minister van Justitie Castelli (Lega Nord) het over het gevaar voor nieuw links geweld. Berlusconi zegt voortdurend, en al jaren, dat hij achtervolgd wordt door magistraten en journalisten, voor 85 procent bestaande uit "communistische agenten". Het grootste gevaar is wel dat die man de staat beschouwt als een onderneming en dus als dusdanig moet worden geleid: door een patron. Het succes van zijn bedrijfspartij, Forza Italia, is een gevaarlijk precedent voor de rest van Europa.

Maar het is Blair niet die graten ziet in de manier waarop Berlusconi alle morele beginselen met de voeten treedt. De vetbetaalde propagandisten van zijn New Labour (zogenaamde ‘spin doctors’) hebben zich in het nieuws gewerkt met bijzonder cynische methodes. Na de aanslagen van 11 september kregen ministers van Blair de raad alle slecht nieuws onmiddellijk in de openbaarheid te brengen omdat het dan toch zou verzuipen in de mediavloedgolven rond de aanslagen. Op de dag dat prinses Margaret stierf, kreeg minister van Transport Stephen Byers de raad dan de rampzalige resultaten van de spoorwegen bekend te maken.

De catastrofe met het spoor is nochtans een kaakslag voor de privatiseringen die Blair samen met Berlusconi bepleit. Vorig jaar betekende het bankroet van Railtrack nochtans het failliet van de privatiseringspolitiek in die sector. Maar Blair en de zijnen volharden in de boosheid. Want de regering wil nu alweer de privé-sector massaal binnenbrengen in de Londense metro, ook al heeft de commissie transport van het Lagerhuis het plan afgeschoten omdat het teveel een cadeau is aan de privé-sector.

Cadeaus

Blair heeft de gewoonte die privé-sector cadeaus te doen. Zo pleitte hij persoonlijk bij de Roemeense premier Adrian Nastase (van de postcommunistische Sociaal-Democratie die zijn land snel bij de EU wil) om een geprivatiseerd staalbedrijf, Sidex, in juli 2001 te verkopen aan LNM, de onderneming van zakenman Lakshmi Mittal. Dat brengt Roemenië een stap dichter bij de EU, schreef Blair aan Nastase. De boodschap luidt dus: kandidaat-lidstaten, privatiseer uw bedrijven en verkoop ze, liefst goedkoop, aan bevriende zakenlieden. Dat Mittal bovendien kort voor de verkoop 200.000 euro aan Blairs Labour had geschonken, maakt de affaire nog verdachter.

De Britse Labourleider was echter niet aan zijn proefstuk. In 1977 kreeg New Labour geld van zakenman Ecclestone (F1) om de wetten op het verbod van tabaksreclame te versoepelen. Bij de toenmalige Italiaanse premier Romano Prodi drong hij er toen op aan de Australische mediagigant Rupert Murdoch in de Italiaanse mediawereld te laten binnendringen. Blair kan dan zelf ook rekenen op steun van de oerconservatieve Murdoch.

Intussen deint ook de Enron-affaire tot bij Labour uit. Want Blairs New Labour heeft in het kader van haar "derde weg" ook nauwe banden met de firma Andersen die tot over haar oren betrokken is bij het bedrog rond Enron. Geen wonder dat New Labour voortdurend door de Liberaal-Democraten aan de linkerzijde wordt voorbijgestoken. "Labour verkiest op zeer twijfelachtige gronden nauwe banden te smeden met de zakenwereld door geld en andere hulp te krijgen van ondernemingen die daarvoor in ruil van het regeringsbeleid kunnen profiteren", zei Matthew Taylor, woordvoerder van de Liberaal-Democraten voor financiële zaken. Andersen is onder Blair het geliefkoosde consultant-bureau van de regering geworden, wat erop neerkomt dat Labour zeer duur betaalt voor zorgvuldig verpakte ijle lucht. Andersen zorgde ook voor contacten tussen Labour en Enron dat daardoor de geprivatiseerde watermaatschappij Wessex Water kon kopen. Het is ook Andersen dat de regering adviezen verkocht voor de privatiseringen bij het spoor en voor de bouw van de Millennium Dome, een ander rampzalig avontuur.

Blair en Berlusconi hebben zo te zien wel meerdere raakpunten. En bovendien zijn beiden het eens in hun steun aan George W. Bush die op de Britse en Italiaanse leider kan rekenen om de Europese Unie in het gelid te laten lopen.

(Uitpers, maart 2002)

(Visited 2 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 57 Times, 2 Visits today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook