Hervorming van de energiesector in Mexico.

Of hoe landen hun democratie en hun soevereiniteit vrolijk overboord gooien en het geopolitieke spel van de VS meespelen.

 

 

Twee keer is het gebeurd in de geschiedenis van Latijns-Amerika: regeringen die een strategische sector nationaliseren en de Verenigde Staten die niet interveniëren. De eerste keer was toen generaal Lázaro Cárdenas in 1938 de oliesector in Mexico nationaliseerde. De tweede keer was in 1952 met de nationale revolutie in Bolivië die de tinsector onteigende. Waarom de V.S. in die twee gevallen liet begaan heeft verschillende redenen. In Bolivië was er geen Noordamerikaans bedrijf dat in de klappen deelde, in Mexico speelde de Britse regering een grote rol en stonden we aan de drempel van de tweede wereldoorlog. De angst om Mexico tot de ‘asmogendheden’ te zien toetreden, gaf de doorslag.

 

Radicaal linkse partijen in de EU: een sterkte of een zwakte?

De crisis duurt inmiddels zo’n vijf jaar. Hoewel ze begon in de Verenigde Staten, kreeg de Europese Unie er al zeer snel mee af te rekenen. Ierland, Griekenland, Spanje en Portugal werden bijgestaan door de ‘troïka’ om hun schuldenlast te beheren en de Euro niet in gevaar te brengen. Maar ook de andere Lidstaten, zonder behoefte aan noodmaatregelen, gingen op de begrotingsrem staan en begonnen te sleutelen aan hun arbeidsrecht. Ondertussen bedraagt de werkloosheid in de EU 11 %, de jeugdwerkloosheid 23 %, en bijna een kwart van de bevolking leeft met een armoederisico. Wie, op een enkele uitzondering na, hier géén voordeel uit haalt is de radicaal linkerzijde. Waarom is het vertrouwen in hun oplossingen zoek? En wat zijn hun oplossingen?