Staatsgreep in Bolivië, ja maar …

Foto Wikipedia
Facebooktwittergoogle_plusmail

Wat al enkele dagen in de lucht hing is op zondagnamiddag werkelijkheid geworden: President Evo Morales bood, op verzoek van het leger, zijn ontslag aan. Met hem traden ook de vice-president, Garcia Linera, en de voorzitters van Kamer en Senaat af. De voorzitter van het Electoraal Hof werd aangehouden.

Dit is een staatsgreep, zonder meer. Sinds de omstreden verkiezingen van 20 oktober nam het geweld dagelijks toe. De afgelopen dagen was het vooral gericht op familieleden van politici, mensen werden vernederd, gegijzeld en huizen werden in brand gestoken. Sociale bewegingen werden vervolgd, hun lokalen geplunderd. Het geweld tegen vrouwen ontbrak niet en was bijzonder brutaal. Hiermee wilde men druk zetten op de President, die echter weigerde met geweld te antwoorden. Dit is dan ook de reden voor zijn ontslag: een eind maken aan het geweld, de bevolking beschermen.

Hoe het nu verder moet kan voorlopig niemand zeggen. Morales zelf zou met enkele medestanders in Cochabamba zijn. Een twintigtal hoogwaardigheidsbekleders zouden hun toevlucht hebben gezocht in de Ambassade van Mexico.

Voorlopig kunnen maar twee besluiten worden getrokken.

De verkiezingen waren inderdaad betwist. De telling van de stemmen werd onderbroken en pas enkele dagen later gaven de definitieve resultaten een overwinning in de eerste ronde aan voor Evo Morales. De oppositie pikte dit niet. Morales pleitte voor een dialoog en vroeg de Organisatie van Amerikaanse Staten om een audit uit te voeren. De resultaten daarvan zijn nog niet bekend, wel werd er gepleit voor nieuwe verkiezingen. Morales was bereid daarop in te gaan. De oppositie had daar geen oren naar en wilde Morales weg. Punt. Dat Morales kandidaat was bij deze verkiezingen was trouwens zelf al betwist. In een referendum enkele jaren geleden had de bevolking er zich tégen uitgesproken. Maar met een truuk van het Hooggerechtshof nam Morales wel degelijk deel aan deze verkiezingen. En won.

Men kan deze feiten aanklagen. Dat neemt echter niet weg dat wat nu aan het gebeuren is alleen maar sterk kan veroordeeld worden en nog minder met democratie heeft te maken dan de pogingen van Morales om aan de macht te blijven. Wat de afgelopen week is gebeurd geeft duidelijk aan hoeveel racisme er opnieuw mee gemoeid is, hoezeer de oligarchie het geld van de grondstoffen niet naar de Staat en het volk willen zien verdwijnen. Bolivië is een stabiel land dat de afgelopen jaren, sinds Morales aan de macht is, een constante groei heeft gekend. De armoede is sterk gedaald. Er ontstond een sterke middenklasse, die, zoals wel vaker gebeurt, de kant van de rijken gaat kiezen. De kans is echter klein dat deze inheemse middenklasse ook in een volgende vrije verkiezing voor de oude elite gaat stemmen. Vandaar dat de oppositie niet meteen nieuwe verkiezingen wou.

Deze staatsgreep in de schoenen van ‘het imperialisme’ schuiven is té makkelijk. Dat de V.S. deze staatsgreep steunen lijdt geen twijfel. Dat ze er de enige aanstoker en schuldige van zijn is ver over de schreef. Er zijn binnenlandse spanningen en oorzaken die verder onderzocht moeten worden. Het is een wonder dat het blanke leger zo lang heeft kunnen en willen leven met een inheems president.

Het lijdt verder geen twijfel dat deze staatsgreep ook moet gezien worden tegen de achtergrond van een zich herstellende linkerzijde in Latijns Amerika. Piñera krijgt het verzet in Chili niet getemd, Macri werd in Argentinië weggestemd, ex-president Lula kwam gisteren vrij uit de gevangenis, en in Venezuela wil het maar niet lukken om Maduro af te zetten.

Vóór President Morales aan de macht kwam was Bolivië het land met de meeste staatsgrepen van heel Latijns Amerika. We moeten hopen dat niet opnieuw wordt aangeknoopt met die trieste geschiedenis.

Reactie van Pablo Solon

Maandag 11 november schreef Pablo Solon commentaar bij de gebeurtenissen in Bolivië.

Pablo Solón was jarenlang de ambassadeur van Bolivië bij de Verenigde Naties voor de onderhandelingen over milieu en klimaat. Hij werd bovendien minister in de eerste regering van Evo Morales. Uit onvrede met het ‘extractivisme’ van de Boliviaanse regering nam hij in 2011 ontslag.

Zijn visie op wat nu gebeurt in Bolivië is erg genuanceerd en moet zeker in overweging genomen worden.

Het klopt niet, zo stelt hij, dat dit een strijd van de oligarchie tegen de lagere klassen is, of van blanken tegen inheemsen. Er is geweld en er is racisme aan beide kanten.

De oppositie bestaat vooral uit de rechterzijde, met een belangrijke rol voor de evangelische kerken. Maar veel tegenstand tegen Evo Morales komt ook van links, van inheemsen, zoals de cocaboeren uit de Yungas, van arbeiders en van studenten.

Het racisme werd ook aangewakkerd door de regering zelf, en de ‘whipala’ – de vlag van de inheemsen- werd niet uitsluitend door de oppositie verbrand. Ook bij de oppositie werd de vlag verdedigd.

De politie stond aanvankelijk aan de zijde van Evo Morales, het muiten is niet begonnen bij de top van de hiërarchie, maar integendeel aan de basis.

De top van het leger staat dan weer aan de kant van Evo Morales die goed voor het leger heeft gezorgd, met heel wat voordelen, zoals een pensioen van 100 % van het loon.

Hoe het nu verder moet is erg onzeker. Morales heeft gezegd dat hij aftreedt, maar niets meer dan dat. Het Parlement moet kennis nemen van dat ontslag om verdere stappen te kunnen zetten. Zo ver zijn we nog niet.

Bij de aanhang van Evo Morales wordt vandaag opgeroepen tot een burgeroorlog.

Wordt vervolgd …

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice (www.globalsocialjustice.eu) en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ (www.socialcommons.eu ) voor een transformatieve en universele sociale bescherming.