Afghanistan, iedereen tevreden

De opkomst lag wel niet hoog bij de verkiezingen van 18 september in Afghanistan, maar zowel president Hamid Karzai als Washington konden tevreden zijn, ze hadden plaats gehad. Dat moet volstaan als een bewijs van normalisatie. De internationale hulp en de aanwezigheid van 20.000 Amerikaanse militairen en 10.000 militairen van de Isaf, onder wie ook Belgen, werpen – net zoals de Afghaanse papavervelden dit jaar – vruchten af.

Er waren wel enkele schaduwzijden aan die verkiezingen. Niet de minste was dat de opbrengsten van de papavervelden én de internationale hulp ervoor zorgden dat precies de opiumbazen het meeste geld hadden om campagne te voeren. Zelfs de fondsen voor de uitroeiing van de papaverteelt, komen voor een deel bij die lieden – die hoge posten bezetten in de centrale en lokale overheden. De kleine boeren en pachters zien daar niets van.

Dat zou een van de redenen zijn waarom de minister van Binnenlandse Zaken, Ali Ahmad Jalali, vlak na de verkiezingen ontslag nam. Hij had kort voor zijn ontslag openlijk kritiek geleverd op de goede relaties tussen drugsbaronnen en hoge regeringskringen.

Er wordt dit jaar nochtans één miljard dollar uitgegeven aan drugsbestrijding. Maar wat blijkt nu volgens talrijke ambtenaren van internationale hulporganisaties die altijd maar anoniem wensen te blijven: dat een groot deel van het geld voor drugsbestrijding naar de drugsbaronnen gaat. Die ook daar geld uit hebben geput om hun campagnes voor de verkiezingen te financieren. Intussen produceert Afghanistan alweer 87% van de wereldproductie van opium.

Er was nochtans een speciale commissie ingesteld die er moest op toezien dat krijgsheren die zich schuldig maakten aan misdaden tegen de mensheid en drugsbaronnen (vaak zijn dat dezelfden) van de kandidatenlijsten zouden worden geweerd. Oorspronkelijk stonden er meer dan duizend namen op een lijst van te weren kandidaten. Maar na allerlei tussenkomsten van hogerhand, werd die lijst ingekort tot…17. Uit diverse mediaverslagen in het land, bleek nadien dat de lokale krijgsheren in de meeste gebieden weinig plaats lieten voor concurrenten.

Een diplomaat, ook al anoniem, verklaarde aan Le Monde (15-09-05) dat de v raag die zich vandaag in Afghanistan stelt, is of we hier te doen hebben met een narco-regering. Mensen uit de onmiddellijke omgeving van president Karzai hebben met drugsproductie en handel te maken, maar niemand die hun iets in de weg legt. Karzai heeft bij veel Afghanen enorm krediet verloren door corrupte figuren met een crimineel verleden (en heden) op belangrijke posten te benoemen.

Taliban

In die context steken de Taliban, vooral in het zuiden en oosten weer de kop op. Verscheidene lokale machthebbers proberen op goede voet te staan met zowel de regering in Kabul als met die Taliban. Die passen dezelfde tactiek toe als in 1996, toen in grote delen van het land die uit Pakistan komende en door Pakistan gesteunde Taliban, door de bevolking met open armen werden ontvangen. Veel Afghanen waren de corruptie en het schandalige machtsmisbruik van de toenmalige heersende krijgsheren, onder wie wijlen commandant Massoed, grondig beu.

Het zijn voor een groot deel weer dezelfde heersers als toen, nu met steun van de “internationale gemeenschap”. Ze hebben wel gezelschap gekregen van talrijke Afghanen van de oude elites die uit het buitenland zijn teruggekeerd om een graantje mee te pikken. De corruptie is nu nog veel groter dan in 1996, want de heersers kunnen nu ook een groot deel van het geld van de internationale hulp onder elkaar verdelen. Want van wederopbouw merken de gewone Afghanen erg weinig, wat het regime in Kabul nog meer in diskrediet brengt. Karzai is er nog altijd niet in geslaagd, indien hij dat al zou willen, om een programma op te stellen dat die wederopbouw gestalte geeft. Intussen stroomt het geld binnen, maar niet voor de wederopbouw.

Zelfs de omgeving van Karzai geeft toe dat hij geen enkele visie heeft. “Maar hij is de keuze van de Amerikanen en we hebben die nodig”, aldus in de internationale pers geciteerde leden van zijn omgeving. Vooral sinds het vertrek van de Amerikaanse ambassadeur Zalmay Khalilzad naar Bagdad, is er geen enkele coherentie meer in de regering. Khalilzad ging door als de echte heerser in Kabul.

Natuurlijk hebben veel Afghanen geen goede herinnering aan de fundamentalistische politiek van die Taliban. Maar dan mag men niet uit het oog verliezen dat er onder de huidige machthebbers ook talrijke fundamentalisten zitten, zoals de machtige Abdul Rasul Sayyaf, wier maatschappijbeeld niet verschilt van dat van de Taliban. Sayyaf is een adviseur van Karzai, hij is de leider van de zeer fundamentalistische Ittihad-e-Islami. Karzai zelf heeft al talrijke compromissen gesloten met fundamentalisten die daardoor op belangrijke posten zijn gekomen.

VS blijven nog lang

Veel Afghanen hebben ook hun buik vol van de “internationale gemeenschap” waarvan een deel zich bijzonder arrogant aanstelt. Dat is vooral het geval voor de Amerikaanse militairen die zich tegenover de burgerbevolking als een bezettingsmacht gedragen. Onder Amerikaanse impuls gaat men naar een steeds nauwere integratie van hun eigen operatie en die van Isaf, ook al gaat het in theorie om twee totaal verschillende opdrachten. Washington wil dat Isaf in de loop van volgend jaar alle militaire operaties onder zijn bevel neemt. Wat zeker niet betekent dat Washington zijn rol wil minderen. “De VS zijn hier voor lang”, verklaarde de Amerikaanse ambassadeur Ronald Neumann na de recente parlementsverkiezingen.

Geven ze het zoeken naar Osama Bin Laden dan niet op? Of willen ze zo de opiumproductie en handel tegengaan? Die aanwezigheid heeft allicht meer te maken met de nabijheid van de olie- en aardgasvelden van Centraal-Azië waar ze via de oorlog in Afghanistan militaire basissen verwierven. En met de politiek van ‘containment’, indijking, van Afghanistans buurland China.

(Uitpers, nr. 68, 7de jg., oktober 2005)

(Visited 1 times, 1 visits today)
Deel dit artikel

Visited 58 Times, 1 Visit today

Tags :
Over Freddy De Pauw

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws – over trends in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.

zie ook