Mediaproces MH17 strandt in rechtszaal

De drie officieren van justitie in de MH17-rechtszaak, met in het midden Ward Ferdinandusse (Bron: Screenshot van de videoregistratie van de zitting)
Facebooktwittergoogle_plusmail

Sommigen die jarenlang in de media als verdachten zijn opgevoerd voor de ramp met het Maleisische verkeersvliegtuig MH17 worden door het Nederlandse Openbaar Ministerie nergens van beschuldigd en staan dan ook niet terecht.

Slechts zes uur na de crash van vlucht MH17, op 17 juli 2014, toen de wrakstukken nog brandden, zette de Oekraïense geheime dienst SBU een video op YouTube met afgeluisterde gesprekken van rebellen, die de indruk wekten dat ze het toestel hadden neergehaald. De video werd dezelfde dag nog opgepikt door de media, waaronder het Nederlandse avondprogramma Nieuwsuur. De SBU-video werd meer dan een miljoen keer bekeken.

De toon was gezet. De etnisch-Russische rebellen in Oost-Oekraïne hadden zich schuldig gemaakt aan de moord op 298 burgers, onder wie 196 Nederlanders en zes Belgen, al dan niet met hulp vanuit Rusland. Het was niet nodig alternatieve scenario’s te verkennen die belastend konden zijn voor Kiev, zoals de aanwezigheid van Oekraïens Buk-luchtafweergeschut en Oekraïense gevechtsvliegtuigen in het door burgeroorlog verscheurde gebied. De media stelden zich alleen nog open voor informatie die de schuld van de rebellen en Rusland bevestigde.

Bezler

Een persoon die door de SBU video als verdachte naar voren werd geschoven, was Igor Nikolajevitsj Bezler, een commandant van de Oekraïne afgescheiden Volksrepubliek Donetsk. In een afgeluisterd gesprek zegt hij: “We hebben zojuist een vliegtuig neergeschoten. Dat was de groep van ‘Mijnwerkers’. Het kwam neer buiten Enakievo.” Dit gesprek had volgens de SBU plaats ongeveer twintig minuten na het neerhalen van MH17.

In een ander onderschept telefoongesprek, dat de SBU een week later publiceerde, is te horen dat een ondergeschikte Bezler informeert dat er een ‘vogeltje’ zijn kant op komt. Bezler geeft hem daarop de opdracht om dit bericht ‘naar boven’ te rapporteren. Het Britse onderzoekscollectief Bellingcat concludeerde daaruit dat de interactie tussen de twee mannen waarschijnlijk heeft geleid tot het neerhalen van MH17.

Bezler staat echter niet terecht in de rechtszaak tegen de schuldigen van de ramp met MH17. Ook de gesprekspartners van Bezler worden nergens van verdacht. In zijn openingswoord zei officier van justitie Ward Ferdinandusse dat de tijd tussen het gesprek over het ‘vogeltje’ en de lancering van de fatale Buk-raket zo kort was geweest “dat het maar de vraag is of dit gesprek heeft kunnen bijdragen aan het neerschieten.”

Ook, en dit was iets wat niet werd genoemd door Ferdinandusse: Bezlers telefoongesprek over het neerhalen van een vliegtuig ging niet over MH17. Het ging over een Oekraïens militair vliegtuig dat de rebellen de dag ervoor, op 16 juli, hadden geraakt. De SBU had het audiofragment geantidateerd om de indruk te wekken dat het om MH17 ging. In plaats van de SBU aan de schandpaal te hangen voor dit overduidelijke bedrog, publiceerde Bellingcat in 2019 een artikel waarin, met de gebruikelijke slagen om de arm, werd gesuggereerd dat de mannen die onder Bezlers commando stonden geen enkel gevechtsvliegtuig hadden geraakt op de 16de.

Vijf jaar na de ramp met MH17 bleef Bellingcat dus vasthouden aan het valse narratief van de SBU dat Bezler een belangrijke rol had gespeeld in het neerhalen van MH17. Het Openbaar Ministerie heeft hier, zoals we inmiddels weten, definitief een streep doorheen gezet.

‘Oreon’ en ‘Delfin’

Een dag na het neerhalen van MH17, op 18 juli 2014, publiceerde de SBU nog een video met onderschepte telefoongesprekken. In een gesprek dat volgens de SBU op 14 juli zou zijn gevoerd – dus drie dagen voor de ramp – wordt een man opgevoerd met de codenaam ‘Oreon’. “We hebben al een Buk,” zegt hij. “We schieten ze naar de hel.” Deze persoon, ‘Oreon’, is ook te horen in andere onderschepte gesprekken met een persoon met de codenaam ‘Delfin’, gepubliceerd door het Joint Investigation Team (JIT) op 28 september 2016. De conversaties tussen de twee mannen gaan over het verkrijgen van een kraan en trailers, evenals repatriëring van bepaalde militaire uitrusting over de grens. Geen van hen maakt daarbij expliciet gewag van een Buk-luchtafweerinstallatie.

Bellingcat deed zijn best om JIT te helpen met het identificeren van de twee mannen – en kwam uiteindelijk met twee namen op de proppen: Oleg Vladimirovich Ivanikov, van wie ze zeiden dat het Oreon was, en Nikolai Fedorovich Tkachev, die volgens hen Delfin was.

Volgens Bellingcat heeft Oreon ‘zeer waarschijnlijk’ een rol gespeeld in de ramp met MH17, in elk geval door het transport te regelen van de fatale Buk-lanceerinstallatie. Tevens zou Delfin een ‘MH17-sleutelfiguur‘ zijn geweest.

De media rapporteerden deze beweringen van Bellingcat zonder enige terughoudendheid. Door Bellingcat geleverde foto’s van Ivanikov en Tkachev werden in de kranten gepubliceerd als betrof het politiefoto’s.

Het lijkt er echter op dat Bellingcat het Nederlandse Openbaar Ministerie er niet van heeft overtuigd dat Ivanikov Oreon is en Tkachev Delfin. In zijn verklaring bij de opening van het MH17-proces noemde Ferdinandusse de mannen bij hun codenamen en niet bij hun ‘Bellingcat’-namen. Verder bleek dat het Openbaar Ministerie had besloten dat ze niet zouden worden vervolgd. “Het gesprek van Orion op 14 juli gaat vermoedelijk over een Buk-TELAR die wel vanuit de Russische Federatie over de grens is gebracht maar vervolgens in brand is gevlogen en onklaar is geraakt voor het kon worden ingezet,” aldus Ferdinandusse. “In andere telefoongesprekken is gesproken over Buk-systemen die wel verwacht maar uiteindelijk niet geleverd werden.”

Het is opmerkelijk dat Bellingcat dacht dat Oreon een rol speelde bij het neerhalen van MH17. Het was in tegenspraak met de veronderstelling van Bellingcat en het JIT dat de Buk-TELAR die MH17 neerhaalde op 17 juli de grens overstak van Rusland met de Volksrepubliek Donetsk. Oreon sprak immers, volgens de verklaring van de SBU, drie dagen eerder, op 14 juli, over het bezit van een Buk.
Deze tegenstrijdigheid bleef onopgemerkt in de massamedia. Deze gedroegen zich zoals gewoonlijk: Ze rapporteerden gretig de bevindingen van Bellingcat en lieten na deze op feitelijkheid te toetsen.

Oreons gesprekspartner Delfin staat ook niet terecht. Hoewel de officier van justitie ervan overtuigd is dat Delfin betrokken was bij de verwijdering van de Buk-TELAR die MH17 heeft neergehaald is er geen bewijs dat Delfin “voor en tijdens het misdrijf een relevante rol heeft gespeeld.”

De media hebben ruim baan gegeven aan Bellingcat om verdenkingen te uiten over personen in de van Oekraïne afgescheiden gebieden en Rusland. Nu een aantal van deze verdenkingen is gelogenstraft door het Openbaar Ministerie, blijkt dat er geen lering uit is getrokken. Bellingcat heeft onlangs een rapport gepresenteerd over weer een andere MH17-verdachte. De media hapten opnieuw gretig toe. Zij copy-pasten zonder enige terughoudendheid dit ‘nieuws’.

Rammelend verhaal

Er staan in de MH17-rechtszaak vier verdachten terecht. Zij zouden als militaire bevelhebbers van de Volksrepubliek Donetsk een Buk-installatie vanuit Rusland naar de locatie hebben geloodst waar het fatale schot werd gelost. Het is zeker mogelijk dat MH17 is neergehaald door de rebellen met een vanuit Rusland geleverde installatie. Maar de burgerjournalisten Max van der Werff, Hector Reban en Stefan Beck, die in de Nederlandse media volledig worden genegeerd, hebben steekhoudende argumenten aangeleverd voor het vermoeden dat het verhaal zoals verdedigd wordt door het JIT en het Openbaar Ministerie aan alle kanten rammelt. Sowieso zal de verdediging zijn voordeel doen met een gelekt document van de Nederlandse Militaire Inlichtingen en Veiligheidsdienst (MIVD). Daaruit blijkt dat er bij de MIVD en gelieerde inlichtingendiensten geen Buk-installatie bekend was die MH17 kan hebben neergehaald. Dit document is al in de rechtszaal besproken. Het Openbaar Ministerie heeft de echtheid ervan niet betwist.

Voor een uitgebreide video- en audioanalyse van de onderschepte telefoongesprekken van SBU:

MH17 Video and Audio Forensic Analysis door Akash Roshen

Eric van de Beek was al journalist voordat hij kon lezen en schrijven. Dagelijks tekende hij na wat hij in het kinderprogramma De Fabeltjeskrant had gezien. Als student journalist vroeg hij zich af waar het nieuws toe dient, aangezien het zelden gaat over aangename zaken en het het individu vaak een gevoel van machteloosheid bezorgt. Hij wijdde er zijn afstudeerscriptie aan getiteld 'Genoeg van het nieuws'. Jarenlang werkte hij in vaste dienst voor achtereenvolgens het sociaal-economische maandblad MUG en opinieweekblad Elsevier. Sindsdien is hij freelance journalist. De laatste jaren schrijft hij voornamelijk over geopolitiek en de rol van de media daarin. Van de Beek neigt naar het sociaal-liberalisme, maar is sowieso pleitbezorger van de internationale rechtsorde en dus kritisch over unilateralisme en militaire interventies.