Geen spektakel maar storm

Facebooktwittergoogle_plusmail

‘Geen spektakel maar storm’. Daarvan moet de ‘ware democratie’ doortrokken zijn. Dat is de stelling waarvan Thomas Decreus in dit zeer gebalde essay vertrekt. De geëngageerde journalist schetst vanuit zijn historisch-filosofische achtergrond enkele trends in de manier waarop in de afgelopen twee eeuwen met ‘democratie’ werd omgesprongen. Het moeten niet altijd dikke boeken zijn. Soms kan een ambitieuze poging om in een kort bestek enkele grote lijnen te trekken de aandachtige lezer prikkelen om vanuit het eigen ‘geleefde leven’ verder na te denken over mens en maatschappij.

‘Een academicus die weigert zijn werk te vulgariseren, ziet af van een van zijn meest elementaire opdrachten: kennis verspreiden door haar toegankelijk te maken en het maatschappelijk debat op gang te trekken.’ Dat schreef Thomas Decreus in zijn proloog bij zijn opgemerkt essay uit 2013 ‘Een paradijs waait uit de storm’. Die titel is een omkering van een zin van Walter Benjamin (‘Een storm waait uit het paradijs’) en dat beeld van een storm past volgens Decreus bij de democratie: het is een immer rusteloze beweging die in staat is om het bestaande te ontwortelen. Die verwijzing is tevens een mooi voorbeeld van hoe de historicus en doctor in de wijsbegeerte in zijn teksten naar beelden zoekt om in mensentaal over politieke filosofie te spreken. De geëngageerde academicus ging in zijn ‘geleefde leven’ – een uitdrukking van hem – in dezelfde lijn verder en ontpopte zich bij DeWereldMorgen.be tot een gedreven journalist – zie ook het belangrijke ‘Dit is morgen’ met Cristophe Callewaert. Deze ervaringen zijn het uitgangspunt voor dit nieuw essay. Decreus constateert in de hedendaagse manier van journalistiek bedrijven een gebrekkige koppeling van mediakritiek en politiek-filosofische inzichten.

Van bourgeois- naar massademocratie

In het korte bestek van dit boekje neemt Decreus de essayistische draad weer op en fileert hij wat hij in navolging van de Franse situationist Guy Debord ‘de spektakeldemocratie’ (la société du spectacle) noemt. Met de publicatie van ‘De spektakelmaatschappij’ in 1967 zou Debord een ganse generatie beïnvloeden en een genadeloze kritiek leveren op een wereld waarin de consument door een stortvloed van indrukken en voorstellingen tot de rol van passieve toeschouwer wordt veroordeeld. Daar behoort ook Decreus bij die in zijn verantwoording uitdrukkelijk vermeldt dat ‘de geest van Guy Debord doorheen deze pagina’s waart’. Ook Walter Benjamin en Michel Foucault behoren tot zijn inspiratiebronnen. In dit ‘kale’ essay – niet van inhoud, maar van verwijzingen – doet de auteur helemaal niet aan name dropping, maar concentreert hij zich in een per paragraaf genummerde gedachtegang en bovendien in een zeer toegankelijke taal – de journalist in hem neemt het over van de academische zegging – op de vorm die de hedendaagse democratie heeft aangenomen. Buiten de naam ‘Trump’ die herhaaldelijk valt, is Decreus karig met namen en voorbeelden. De rechtlijnige ontwikkeling van zijn gedachtegang krijgt het hoofdaccent en gaat als volgt: het is zijn stelling dat Trump geen afwijking is, maar een logisch voortvloeisel van de vorm die de hedendaagse democratie heeft aangenomen. ‘Trump bekritiseren zonder het systeem onder de loep te nemen dat hem mogelijk maakt, zal enkel nieuwe Trumps voortbrengen.’ (p. 8) Hij opent dit essay door, in enkele pennentrekken, de historische verschijningsvormen waarin het begrip ‘democratie’ in de afgelopen twee eeuwen werd ingevuld, te beschrijven. Na de 19de eeuwse ‘bourgeoisdemocratie’ onderscheidt hij de ‘massademocratie’ die onder invloed van de arbeidersbeweging in de 20ste eeuw correctie aanbracht op die ‘bourgeoisdemocratie’.

Het mediapolitiek complex

In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw vervelde die ‘massademocratie’ tot een nieuw type democratie: de zogenaamde spektakeldemocratie die er kwam omdat binnen de context van de neoliberale globalisering de democratie een spectaculaire vorm moest aannemen. De politicus van die spektakeldemocratie beschouwt zichzelf niet langer als de leider die het volk moet mobiliseren om zijn lot te verbeteren, maar als een performer die het publiek moet bespelen om populariteit uit te bouwen. Zowel politici als de pers varen hier wel bij en het heeft, naar analogie met het militair- industrieel complex, geleid tot wat hij het ‘mediapolitiek complex’ noemt, waarin de media aan sensationalisering en infotainment gaan doen en die daardoor politici platformen aanbieden om een publiek uit te bouwen en te bereiken. Die trend leidt tot een merkwaardige vorm van structurele depolitisering bij journalisten die wat graag de provocaties van de Trumpen van deze wereld in beeld brengen. ‘Om buiten het spektakel te geraken, moeten we het spektakel zelf bevragen,’ stelt Thomas Decreus, ‘want ‘ware democratie, en dus ware bevrijding, zal enkele mogelijk zijn buiten het spektakel’.

An-archisch

En wat is dan die ‘ware democratie’ volgens Decreus? Daarvoor grijpt hij terug op anarchistische uitgangspunten. Ware democratie is altijd an-archisch en daarvoor valt hij terug op een stelling uit ‘Een paradijs waait uit de storm’ waarin hij anarchisme niet in de klassieke betekenis opvat als de afwezigheid van de staat, maar wel in de filosofische betekenis als iets zonder archè, zonder beginsel. Anarchisch handelen richt zich niet zozeer tegen de ‘autoriteit’, maar bevraagt en ontmaskert de fundamenten waaraan iedere autoriteit haar autoriteit en legitimiteit ontleent.
Een bevrijding van het spektakel veronderstelt het creëren van een situatie van onregeerbaarheid. Decreus verwijst met instemming naar rebelse plekken zoals Syntagma, Gezi, Place de la République, de ZAD’s of Tahrir die volgens hem niet alleen oefeningen waren in ware democratie, maar waar ook nieuwe offensieve tactieken zich ontwikkelden. ‘Naast de ruimte werd ook de tijd opengebroken. Bezettingen draaien op een ander ritme, breken met de kalenders en de klokken, introduceren hun eigen tempo.’ (p. 72)
Zonder dat Decreus het zelf zegt, is ook in deze benadering weer het beeld van de storm aanwezig: democratie is een immer rusteloze beweging die in staat is om het bestaande te ontwortelen.
‘Geen spektakel maar storm’. Daarvan moet de ‘ware democratie’ doortrokken zijn. Dat is de stelling waarvan Thomas Decreus in dit zeer gebalde essay vertrekt. De geëngageerde journalist schetst vanuit zijn historisch-filosofische achtergrond enkele trends in de manier waarop in de afgelopen twee eeuwen met ‘democratie’ werd omgesprongen. Het moeten niet altijd dikke boeken zijn. Soms kan een ambitieuze poging om in een kort bestek enkele grote lijnen te trekken de aandachtige lezer prikkelen om vanuit het eigen ‘geleefde leven’ verder na te denken over mens en maatschappij.

Spektakeldemocratie
Thomas Decreus
EPO, Berchem
2020
79 blz.
9789462672079
Walter Lotens is een gepensioneerde leraar, mede-oprichter van de Actiegroep Kritisch Onderwijs (AKO), moraalwetenschapper, publicist en Latijns-Amerikawatcher. Hij werkt mee aan www.uitpers.be, www.dewereldmorgen.be en www.apache.be en schrijft boeken over bewegingen van onderuit van Borgerhout over Madrid en Barcelona tot Cochabamba en Paramaribo. Walter houdt lezingen rond de thema’s die hij in zijn boeken aansnijdt (www.walterlotens.net).