Heibel om het voltooide leven

Facebooktwittergoogle_plusmail

De Vlaamse goegemeente staat op haar achterste poten. Open VLD-voorzitster Gwendolyn Rutten heeft na radiopresentatrice Lutgart Simoens durven pleiten voor een debat over het recht op overlijden na een voltooid leven. Dat debat wordt in Nederland, ook op regeringsniveau, al jaren gevoerd. Maar hier zou het daar nog te vroeg voor zijn of zou het zelfs helemaal niet mogen. Allerlei drogredenen worden ingeroepen om dit debat in de kiem te smoren: respect voor het leven, onzekerheid over wat voltooid leven is, andere prioriteiten zoals euthanasie bij dementen enz. Over respect voor de mens en zijn wil, over de dood als normaal en natuurlijk verschijnsel, over het niet erkende recht op levensbeëindiging wordt door de tegenstanders van euthanasie bij voltooid leven niet gesproken.

Als mensen vaststellen dat hun leven voltooid is en er logischerwijs een punt willen achter zetten, moet dat toch kunnen? Toch is het voor velen onvoorstelbaar en zelfs schandalig zo iets te durven beweren. Onmiddellijk wordt het respect voor het leven ingeroepen om het debat over een waardig en zelf gekozen levenseinde te verbieden. Maar wie of wat kan een mens verbieden zijn leven te beëindigen als hij oordeelt dat het ogenblik daartoe gekomen is? Een dokter? De wetgever? De katholieke kerk? Of God misschien? En daar wringt het schoentje. Eeuwenlang heeft men de mensen wijsgemaakt dat het leven een gave van God is. Dus mag hij alleen dat leven terugnemen. Die fabel werd generatie na generatie in onze hersenen geperst, zodat hij nu in onze genen zit. Het leven is een gave van God en wij mogen daar dus niets mee doen. We moeten zelfs zo lang mogelijk leven, ook al willen we ermee stoppen, ook al is het leven een hoop ellende.

De Belgische euthanasiewet heeft weliswaar enig soelaas gebracht. Met de klemtoon op enig. Want euthanasie mag alleen nog maar bij een ongeneeslijke ziekte en ondraaglijk lijden. Men moet dus eerst flink afzien alvorens te mogen vertrekken. En het leven beëindigen omdat het voltooid is, kan helemaal niet. De uitdrukking ‘voltooid leven’ is voor velen een gruwel. Kan een mens daar wel over oordelen? En kan iemand na een tijdje niet van idee veranderen? Het zijn vragen die een fundamenteel gebrek aan respect voor de mens en zijn zelfbeschikkingsrecht verraden. Als wij niets te zeggen hebben over het begin van ons leven, mogen we toch beslissen over het einde ervan. En dat heeft niets met levensmoeheid te maken. Iemand kan perfect gezond en een echte levensgenieter zijn, maar op een bepaald ogenblik toch oordelen dat de zaak rond is en dat het niet verder meer moet.

Spijtig dat iemand als prof. Wim Distelmans, een van de grondleggers van de euthanasiewet, en anderen met de drogreden voor de dag komen dat er andere prioriteiten zijn, zoals euthanasie bij dementen. Vanzelfsprekend is dat een prioriteit. Mensen die als ze bij hun volle verstand waren een wilsverklaring hebben ondertekend om euthanasie te krijgen als ze dement zijn, hebben daar het volste recht op, ook als ze dat als dementen niet meer kunnen zeggen. Maar het ene sluit toch het andere niet uit. Ook mensen die in alle rust oordelen dat hun leven rond is, hebben recht op een waardig einde. Men zet bij iemand de behandeling tegen een verkoudheid toch ook niet stop omdat hij plots ook nog eens zijn been heeft gebroken en er nu een andere prioriteit is. Professor Distelmans maakte ook een denkfoutje als hij zei dat je als buitenstaander moeilijk kan inschatten of de wil om het leven te beëindigen wel onherroepelijk is. Distelmans schijnt te vergeten dat niet een buitenstaander, maar de betrokken persoon moet oordelen over leven en levensbeëindiging.

Het wordt nog erger als politici beweren dat voor levensbeëindiging na een voltooid leven geen ‘draagvlak’ bij de bevolking bestaat. Dat is de ideale smoes om zijn verantwoordelijkheid te ontvluchten. Voor de betonstop bestond zogezegd ook geen ‘draagvlak’. Parlementslid Barbara Pas van Vlaams Belang kwam met de gekende dooddoener opdraven: zelfgekozen levensbeëindiging zou zelfmoord zijn. Wat heeft het ene met het andere te maken? Overlijden, ook op een zelfgekozen ogenblik, is een natuurlijk verschijnsel; moord is een misdaad.

Leven we in een achterlijk land omdat een mens hier zijn leven niet kan beëindigen als hij daartoe het ogenblik gekomen acht? Spijtig genoeg is het veel erger. We leven in een achterlijke wereld. Er zijn nog steeds Europese landen die euthanasie verbieden. Wanneer zal het besef doordringen dat alles wat bestaat vergaat? We vinden het normaal dat dieren sterven en bloemen verwelken. Maar mensen moeten zo lang mogelijk in leven worden gehouden en dat tot iedere prijs.

Het recht op levenseinde is nog altijd een niet erkend mensenrecht, zoals in een artikel in Uitpers (december 2015) werd aangetoond. En als het over respect gaat kunnen we niet genoeg beklemtonen dat we dat respect niet voor het abstracte leven moeten opbrengen, maar voor de concrete mens.