Een Europese gok

Wikipedia
Facebooktwittergoogle_plusmail

Veertien mannen en dertien vrouwen, tien sociaal-democraten, negen christen-democraten, zes liberalen, één ‘groene’ en één conservatief. Als eerste reactie kan je enkel zeggen dat dit er niet al te negatief uit ziet, maar toch zou het een zware misrekening zijn om dit voorstel voor een nieuwe Europese Commissie ‘progressief’ te noemen. Dat is het zeker niet, en het volstaat om de ‘mandaatbrieven’ te lezen die elke kandidaat van de verkozen Commissievoorzitter, Ursula von der Leyen, heeft gekregen, om een beeld te krijgen van hoe het kan gaan.

Meer versplintering

In al haar brieven schrijft von der Leyen dat ze een cohesieve en collegiale Commissie wil. Er moet worden samengewerkt. Zij wordt gesteund door drie executieve vice-voorzitters, de Nederlander Timmermans, de Let Dombrovskis en de Deense Vestager, en nog eens vijf vice-voorzitters die moeten toezien op het werk van een groepje ‘gewone’ leden van de Commissie. In die kleine ‘stuurgroep’ zitten er dus twee christen-democraten. Timmermans kon er niet mee lachen.

De bevoegdheden hebben nieuwe benamingen gekregen, maar zijn erg versplinterd. Als twee of meer Commissieleden bevoegd zijn voor één beleidsterrein kan dat leiden to meer teamwerk, tot meer noodzakelijke compromissen, maar eveneens tot meer geruzie en blokkeringen.

Neem de digitale agenda, waarvoor Margrethe Vestager bevoegd is in theorie, maar wat in de praktijk wellicht meer bij Sylvie Goulard van Frankrijk zal te vinden zijn. Nu zijn beide wel lid van de liberale familie, maar toch.

Of neem ‘justitie en de rechtsstaat’ waar onze Didier Reynders zal op toezien. Maar ook de Tsjechische vice-voorzitter Vera Jourova is er voor bevoegd.

Frans Timmerman is als eerste vice-premier bevoegd voor de ‘Green Deal’, maar moet samenwerken met de ‘groene’ (geen lid van de Groene Europese familie) Litouwer (milieu en oceanen) en met de liberale Est die bevoegd is voor energie.

Ontwikkelingssamenwerking heet nu ‘Internationale Partnerschappen’ en zit bij de Finse Urpilainen, maar humanitaire steun zit bij de Sloveen Jenarcic.

Het economisch beleid (‘een economie voor de mensen’ wordt een bevoegdheid van vice-voorzitter Dombrovskis, maar het semester, het Groei- en Stabiliteitspact, het investeringsplan en de geplande herverzekering voor werkloosheid zit bij de Italiaan Gentiloni.

Het ergst is het met de portefeuille ‘Werkgelegenheid en Sociale Zaken’ die in de vorige Commissie bij Marianne Thyssen zat. Nu zitten ‘Jobs’ bij de Luxemburger Schmidt, gelijkheid en discriminatiebeleid bij de Maltese Dalli, kinderen en vergrijzing bij  de Croatische Suica, jeugd bij de Bulgaarse Gabriel, ‘skills’ en onderwijs dan weer bij de Griek Schinas. En gezondheid bij de Cypriote Kyriakides.

Opmerkelijk is in die context wat niet werd opgesplitst: het budget, mededingingsbeleid, de interne markt, handel en transport.

Onze Europese manier van leven

Het is het punt dat terecht al erg veel kritiek heeft gekregen, omdat het bij een Commissielid zit die ook bevoegd wordt voor migratie (samen met de Zweedse Johansson trouwens). Zeer terechte kritiek maar toch moet het ook wat genuanceerd worden.

Over migratie zegt de mandaatbrief dat vooral de illegale migratie moet worden aangepakt en dat legale migranten meer kansen moeten krijgen om zich te integreren. Mooi, maar de vraag is natuurlijk of legale migratie nog mogelijk is?

Bovendien wordt migratie pas als tweede punt vermeld. Op één staat de opleiding voor werknemers, hoewel het niet is uitgesloten dat ook hier heimelijk aan migranten wordt gedacht. De basis van onze ‘Europese manier van leven’, zo stelt de tekst, is solidariteit, ‘peace of mind’ en veiligheid, gebaseerd op waardigheid en gelijkheid voor iedereen, met opleidingen, concurrentievermogen, onderwijs, mobiliteit, fairness en gelijkheid. Er wordt een deurtje geopend, om het meteen weer met een klap dicht te gooien.

Het positieve aan dit bevoegdheidspakket is dat weer moet gewerkt worden aan een nieuw pact voor het asiel- en migratiebeleid en dat we naar een veilige unie moeten. Wie kan het daar oneens mee zijn?

Tenslotte moeten alle Commissieleden zich inzetten om de Doelstellingen voor Duurzame Ontwikkeling van de VN te halen, een goede manier om dit vooral niet te laten gebeuren.

Een geopolitieke Commissie

Von der Leyen noemt haar voorstel een ‘geopolitieke’ Commissie omdat ze voor elk beleidsterrein de interne zowel als de externe dimensies in het oog wil houden.

Dat is geen slecht perspectief, want de EU moet dringend haar prioriteiten aanpassen in een wereld die snel aan het veranderen is. De bondgenoot US is nu tégen de Europese Unie en doet alles om Boris Johnson en zijn brexit te steunen. Rusland intervenieert door vooral extreem-rechtse partijen te financieren en te helpen. China is bijzonder assertief, Turkije wankelt.

De oude wereld bestaat niet meer, maar de nieuwe is er nog niet. Zoals Gramsci beweerde zien we in die tussenperiode gruwelijke monsters de kop opsteken. Kan de EU moedig en sterk genoeg zijn om een waardige plaats te veroveren?  Niet met wapens, maar met een sociaal en mensenrechtenbeleid?

Er zal met deze  nieuwe Commissie meer aandacht gaan naar defensie, zie de bevoegdheden van de Franse Sylvie Goulard. Maar kan dat progressief worden ingevuld? De kans is klein.

En de toekomst?

Von der Leyen verwijst herhaaldelijk naar de Conferentie over de toekomst van de EU die in 2020 van start zal gaan, en waarin de ‘civil society’ een belangrijke rol moet spelen. Ik hoop van harte dat ook de linkerzijde dit nu ter harte zal nemen en niet zal wachten tot alle resultaten bekend zijn, om actief te worden. Dit is een uitgelezen kans om alternatieve voorstellen naar voor te schuiven, en ook al worden ze verworpen, er kan rond gemobiliseerd worden. De Europese Unie is van ons!

Op 30 september beginnen de hoorzittingen in het Europees Parlement rond deze nieuwe Commissie. Alle kandidaten worden soms hardhandig ondervraagd om hen te testen op hun dossierkennis en hun bereidheid om met het Parlement samen te werken. De moeilijke dossiers zullen dit keer de ‘Europese manier van leven’ zijn en de Hongaarse kandidaat die zou moeten instaan voor het nabuurschapsbeleid en de uitbreiding van de Unie.

In feite is ook hier weer een mooie kans weg gelegd om de echte prioriteiten voor de EU vast te leggen: zoals Macron herhaaldelijk stelde, de EU moet beschermen. Maar dan niet de goederenstromen of de grenzen, maar de mensen. Wat uniek is aan de EU, heel echt, is onze gehechtheid aan sociale bescherming en verzorgingsstaten. Als dat gegarandeerd zou kunnen worden, gekoppeld en in dienst van een klimaatbeleid, dat kunnen we echt aan die nieuwe wereld beginnen bouwen. Maar wellicht is dat weer te optimistisch. Toch blijft het mijn diepe hoop dat radikaal links zich eindelijk wil gaan moeien met het Europese beleid.

Voor de bevoegdheden en de mandaatbrieven, zie hier

 

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice (www.globalsocialjustice.eu) en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ (www.socialcommons.eu ) voor een transformatieve en universele sociale bescherming.