Brexit brabbel

Facebooktwittergoogle_plusmail

Dat het hele Brexit dossier het surrealisme ver achter zich liet, wisten we al. Dat heel wat Britse politici er geen flauw idee van hebben hoe de Europese Unie werkt, wisten we ook. Dat premier May een hooggeleerd jurist zijn allereerste bezoek aan de EU laat afleggen om te oordelen over haar ‘deal’ met Brussel, het valt nauwelijks te geloven.

En dan, haar ‘deal’ wordt, tegen alle regels in, een tweede keer voorgelegd aan het Lagerhuis en met een grote meerderheid verworpen. Een dag later stemt datzelfde Lagerhuis tegen een ‘no deal’, blijkbaar toch wat bang van de economische gevolgen. En op dag drie vraagt dat Lagerhuis wat uitstel.

Uitstel? Waarvoor? Twee jaar na het inwerking stellen van artikel 50 van het Verdrag van Lissabon heeft het Verenigd Koninkrijk niet één concreet voorstel op tafel gelegd over hoe het vertrek uit de EU moet worden geregeld. Er werd met veel moeite een verdrag opgesteld, de beroemde en verworpen ‘deal’ en er wordt over en weer gepraat. Of gebrald?

Want wat het V.K. lijkt te willen, een mogelijkheid om autonoom – soeverein! – een handelsbeleid te voeren én verder alle voordelen van de interne markt te behouden, inclusief een zachte grens met Ierland, is gewoon tegenstrijdig en dus onmogelijk. Het is alsof je in hartje winter vraagt dat de zon om 6 uur ’s ochtends op komt…

Begrijpelijk dat men dit in Brussel wat moe wordt. Uitstel kan, zo wordt gezegd, maar dan willen we wel een concreet plan om te zien hoe die tijd zal worden gebruikt. En ook daar begint een zekere verdeeldheid de kop op te steken. Uitstel voor maximum drie maand, tot het aantreden van het nieuw verkozen Europees Parlement, vraagt May. Een langer uitstel, zegt Tusk, wellicht hopend dat het afstel wordt. Wij kunnen ons veto stellen, zegt de sterkhouder van de Italiaanse regering, en Boris Johnson gaat lobbyen in Italië, Polen en Hongarije om zo’n veto te bekomen.

Brabbel

Het gekke is dat twee jaar lang, of zelfs meer dan drie jaar lang indien het referendum met de campagne van 2016 er wordt bijgeteld, er ontzettend veel over de EU en over het V.K. werd gebrabbeld, maar niet één stap dichterbij werd gezet om de relaties uit te klaren. Het volk heeft beslist en zegt: opstappen. De twee grote partijen zijn echter hopeloos verdeeld, het Parlement heeft voor geen enkele oplossing een meerderheid en de regering zelf valt uit elkaar. Gisteren stemden vier ministers niet eens mee met hun premier … May is de controle totaal verloren, over haar partij, haar regering, en haar Parlement.
Premier May kan door haar partij een jaar lang niet worden afgezet, na een eerder mislukte poging om dat te doen. Nieuwe verkiezingen dan maar? Jeremy Corbyn zou wel willen, al stellen de meest recente opiniepeilingen Labour op 13 % achterstand op de Conservatieven. May overwon al een vertrouwensstemming. En wat zou een nieuwe verkiezing kunnen brengen? Een overwinning van de harde Brexiteers, type Boris Johnson of Jacob Rees Mogg? Het zou de verdeeldheid zeker niet wegnemen.
Kortom, de hele Brexit zit muurvast, in Brussel en nog veel meer in Londen. Er is na alle laatste stemmingen en onderhandelingen gewoon niets veranderd. Alles ligt nog op tafel, zo wordt gezegd. Maar neen, er ligt helemaal niets op tafel en zelfs de tafel is weg.

Hoe moet het dan verder?

Niemand die het weet. In een ‘normaal’ land zouden de partijen de koppen bij elkaar steken en op zoek gaan naar een compromis, maar, zoals reeds gezegd, zijn die partijen zelf hopeloos verdeeld. Bovendien liggen zo’n compromissen niet meteen in het verlengde van de Britse tradities.
De ‘no deal’ behoort nog steeds tot de mogelijkheden, want alles wat gisteren werd goedgekeurd is een resolutie die niets kan tegen houden. We weten enkel dat een meerderheid dat wenst te vermijden. Als er tegen 29 maart, of 30 juni, niets wordt beslist gaan de grenzen dicht en is het V.K. een ‘derde land’.
Indien de Europese Raad niet tot een akkoord komt over het uitstel, gebeurt hetzelfde. Tenzij het Lagerhuis, met de hakken over de sloot, beslist om artikel 50 weer in te trekken. Dan blijft het V.K. lid van de E.U. en gaat alles weer zijn gewone gangetje. Dan is het allemaal verloren moeite geweest.
Hoewel, dan moet het land tegen eind mei verkiezingen voor het Europees Parlement organiseren, en dat lijkt bijna onmogelijk. Komen die verkiezingen er niet en treedt het nieuwe Parlement aan zonder Britse verkozenen, dan kunnen al zijn resoluties ongeldig worden verklaard. Kortom, chaos.
Europese verkiezingen zouden er ook moeten komen als het V.K. een langer uitstel krijgt, zoals voorzitter Tusk zou willen. Er is dan tijd om nieuwe onderhandelingen te beginnen (waarover?) en hopelijk over afzienbare tijd wél tot een akkoord te komen. Of om een tweede referendum te organiseren, maar opnieuw: waarover? Labour stelt ondertussen zo’n tweede volksraadpleging te kunnen aanvaarden ‘om een schadelijke Tory Brexit te vermijden’. De vraag is of zo’n referendum ook kan gaan over het eventueel blijvend lidmaatschap van de EU?
Vandaag stelt premier May dat ze nog een keer haar ‘deal’ ter stemming wil voorleggen, voor de derde keer dus. Wettelijk kan het niet, maar ze mikt duidelijk op vermoeidheid bij haar Parlement en op het inzicht dat dit akkoord beter is dan alle andere opties. De kans dat ze kan slagen is klein.
Wat er kan aangevangen worden met een uitstel van drie maanden is verre van duidelijk. Onvoldoende om te onderhandelen, voor een tweede referendum én voor nieuwe verkiezingen.

De onmacht van de oppositie

Al even surrealistisch is de vaststelling dat met zo’n hopeloze warboel de oppositie er niet in slaagt het laken naar zich toe te trekken. Corbyn voerde een slechte referendumcampagne, veranderde het geweer van schouder en werd brexiteer erna en gaf geen gevolg aan het groeiende protest in zijn partij om te pleiten voor een tweede referendum. Pas nadat een aantal verkozenen de partij verliet, gaf hij toe wel akkoord te kunnen gaan, zonder zich uit te spreken over welke vraag het dan wel moest gaan. Hij ging er ook akkoord mee om het VK in de douane-unie te laten blijven.
Het ‘momentum’ dat ontstond na zijn verkiezing als partijvoorzitter is inmiddels zo goed als verdwenen. Veel van de nieuwe jonge partijleden zijn gewonnen voor lidmaatschap van de EU, en dat is inderdaad, in vergelijking met alle andere opties, de beste keuze. Het enige echte alternatief is een harde ‘no deal’ en wachten tot de eerste negatieve economische gevolgen voorbij zijn. Daartussen kan men zich niets voorstellen dat het land een voordeel kan opleveren. De zogenaamde ‘Noorse formule’ betekent dat je de regels moet volgen, mag bijdragen tot de begroting, maar niet mag mee beslissen.

 

De ‘oplossing’ van Corbyn: nieuwe verkiezingen en dan opnieuw gaan onderhandelingen is al even pathetisch als May’s verzinsels. Lidmaatschap van een douane-unie of van een interne markt in geselecteerde sectoren kan gewoonweg niet. Een zelfstandig handelsbeleid en open grenzen evenmin. Een linkse partij heeft er alle belang bij om mee te werken aan het uitbouwen van meer economische en sociale rechten in de EU, want zonder Europees beleid zou het er in het VK nog veel erger aan toe gaan. In het linkse blad Red Pepper wordt er terecht voor gepleit dat mocht er ooit een tweede referendum komen, Labour campagne moet voeren om in de EU te blijven.

Er wordt vaak lacherig over gedaan, maar wie nadenkt over de impasse in het VK merkt dat het wel degelijk over ‘waarden’ gaat. Het gaat over solidariteit met de Lidstaten van de EU of over een ‘Singapore upon Thames’ en ‘make Britain great again’. Het gaat over bescherming van migranten en vluchtelingen of over gesloten grenzen. Het gaat over economische en sociale rechten of een ‘race to the bottom’.
Wie het zo bekijkt, merkt ook meteen dat een verkiezingscampagne ook daarover moet gaan. Dat is de les die de andere Europese landen van dit debacle kunnen leren, want dat zijn de keuzen die in elk van onze landen én in de EU moeten gemaakt worden. De EU zit in een zware crisis, zoveel is duidelijk, terwijl de keuzen zo glashelder kunnen voorgesteld worden.
Mochten de Britse én de andere progressieve Europese partijen de handen in elkaar slaan voor een ander beleid, de verkiezingen konden nog spannend worden. Maar die andere partijen zijn er helaas niet beter aan toe dan de Britse. Er is wel degelijk een probleem. En het heet democratie. Of misschien, geloofwaardigheid.

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice (www.globalsocialjustice.eu) en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ (www.socialcommons.eu ) voor een transformatieve en universele sociale bescherming.