Petrofraude … nu in Venezuela

Facebooktwittergoogle_plusmail

Zijn er olielanden in het Zuiden die vrij zijn van corruptie? Ik betwijfel het. Er valt met dit zwarte goud zo ontzettend veel geld te verdienen dat de verleiding noodzakelijkerwijs ook enorm is. Venezuela, dat vandaag wordt bedreigd door een ernstige interne crisis, verergerd door de oorlogstaal van Trump en Bolsonaro, kan een fraudeschandaal missen als kiespijn. Toch is het er.

Solidariteit onder de volken

Uiteraard waren het enkel de traditionele linkse bedevaarders die geloofden dat het ‘ALBA’ initiatief, en het ‘Petrocaribe’ aanbod bedoeld was om de solidariteit tussen de volken te versterken. Internationale handel is nooit altruïstisch en streefde ook in dit geval internationale diplomatieke steun na. Alle landen doen het, dus waarom zou Venezuela het niet doen. Toen twee weken geleden de grote landen van Zuid-Amerika in de Organisatie voor Amerikaanse Staten de legitimiteit van President Maduro in twijfel trokken, kon het Venezolaanse staatshoofd op de steun van tien landen uit Midden-Amerika en de Caraïben rekenen. Voor wat hoort wat. Petrocaribe, zo stelde een Venezolaans minister, is een ‘barrière voor internationale bescherming’.

Waarover gaat het precies? In 2005, op een top in Puerto la Cruz in Venezuela, sloot de Venezolaanse President Chavez een akkoord af met een aantal landen om hen goedkope olie te leveren en van die landen levensmiddelen in te voeren. Venezuela heeft de grootste olievoorraad van de wereld, maar heeft geen gediversifieerde economie die ook voldoende voeding voor de bevolking produceert. In de woorden van Chavez, toen, ging het er om de armoede te overwinnen, rechten te geven aan de volken en hen toegang te verlenen tot onderwijs, gezondheid, microfinanciering, enz.

Een aantal media hebben nu uitgezocht hoe dat allemaal in zijn werk ging en stelden vast dat er behoorlijk wat naast de post werd gep…

Het meest schrijnende voorbeeld is dat van Haiti, waar de arme bevolking, ondanks alle beloofde miljarden, nog steeds met de zware gevolgen van de aardbeving van 2010 te kampen heeft. Het onderzoek wijst een veertigtal mensen aan, ex-presidenten, vrienden en familieleden, die met het geld van de olie mooie sier hebben gemaakt.

Nicaragua is een ander sprekend voorbeeld. Ortega en Chavez waren goede vrienden. Vóór de verkiezingen van 2006 stuurde Venezuela 82.000 vaten diesel naar de sandinistische burgemeesters die er boeren, veehouders en transportbedrijven konden mee omkopen. Ortega werd verkozen en iedereen was dik tevreden met dit blijvend manna uit Caracas. Tot de prijzen gingen dalen en Venezuela zelf in de problemen kwam. Het verklaart voor een stuk de huidige onvrede in het land.

In El Salvador waren het ministers van het FMLN (Frente Farabundo Marti de Liberacion Nacional) die zich te goed hebben gedaan aan de olie.

Alles verliep op de klassieke, kapitalistische manier. Met tientallen offshorebedrijven waarvan niemand weet van wie ze zijn en hoe het geld wordt binnen gehaald. In totaal zou het om 28 miljard Dollar voor veertien landen gaan.

Dure koffie

Met de compensatie voor de olieleveringen ging het er al even grof aan toe. Nicaragua leverde slechte koffie, Guyana leverde tonnen rijst. Telkens behoorlijk boven de internationale marktprijzen. Er was geen enkele controle. Volgens het onderzoek was het hele handeltje aan Venezolaanse kant in handen van militairen en familieleden van Chavez.

Niemand zal loochenen dat er ontzettend veel corruptie is in Venezuela, en dat is zo goed al altijd zo geweest, het is zeker niet begonnen met Chavez. De omvang van de huidige corruptie is echter ongekend. Toen de olieprijzen piekten, kon het geld blijkbaar niet op, nu zijn er grote tekorten waar het geld voor de ‘internationale steun’ goed zou kunnen voor dienen.

President Maduro is net aan een nieuwe ambtstermijn begonnen en wordt intern en extern inderdaad en ten onrechte bedreigd. Het valt te vrezen dat de kleine Midden-Amerikaanse en Caraïbische landen niet zullen kunnen helpen om het land er weer bovenop te helpen. Niemand weet hoe het verder moet, want de President staat zwak en de interne oppositie is allesbehalve coherent. Wanneer een dergelijk schandaal in de openbaarheid komt, kan de bevolking alleen maar extra boos worden. Want er is wel degelijk honger in Venezuela.

Chavez heeft ontzettend veel gedaan voor de integratie van Latijns-Amerika. UNASUR, CELAC, net zoals Telesur, het waren zeer interessante initiatieven die met het verdwijnen van de progressieve regimes in het continent helaas ook het onderspit moesten delven. Het oliegeld werd echter niet goed beheerd en vooral gebruikt om steun te kopen. Economisch heeft dit socialisme van de 21ste eeuw helaas gefaald.

De linkerzijde heeft het altijd moeilijk om bevriende regimes objectief te beoordelen. Gelukkig zijn er in Venezuela zelf altijd intellectuelen geweest die een nuchtere kijk behielden (lees hier). Het wordt tijd dat ook de Europese linkerzijde de oogkleppen afzet om goed te kijken naar wat er werkelijk gebeurt in Venezuela. Dit onderzoek moet dan ook met de nodige serieux gelezen worden.

(Bron: https://aristeguinoticias.com/2101/mundo/petrofraude-venezuela-cambio-petroleo-por-alimentos-sobrevalorados/ )

 

 

 

 

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice (www.globalsocialjustice.eu) en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ (www.socialcommons.eu ) voor een transformatieve en universele sociale bescherming.