Khashoggi, niet Jemen veroorzaakt ophef

Facebooktwittergoogle_plusmail

De gruwelijke executie van Jamal Khashoggi in het Saoedische consulaat in Istanboel beroert de internationale gemoederen. Voor het eerst komt er echt spanning op de relaties tussen het Westen en het Saoedische koningshuis.

Er is zelfs sprake van sancties, hoewel het zo’n vaart wel niet zal lopen. Beide hebben elkaar nodig. Saoedi-Arabië is de belangrijkste olieproducent en speelt een belangrijke rol in het stabiel houden van de wereldwijde energiemarkt. Washington ziet in het wahabistisch regime bovendien een belangrijke bondgenoot, om Iran te isoleren en onder de knoet te houden, een belangrijke prioriteit voor het Witte Huis. Omgekeerd vloeien de petrodollars terug naar het westen, waarvan een belangrijk deel gaat naar wapenaankopen die Riyad nodig heeft in het geopolitieke militaire machtsspel waarin het in de regio verwikkeld zit.

Oorlogsmisdaden

Het is opvallend dat de moord op een Saoedische journalist meer ophef lijkt te veroorzaken dan drieënhalf jaar brutaal Saoedisch optreden in de oorlog in Jemen. Het Saoedische leger wordt er van beschuldigd zich te buiten te gaan aan zware oorlogsmisdaden, zoals het bombarderen van ziekenhuizen, scholen, begrafenissen en trouwfeesten. Volgens de Verenigde Naties speelt zich in Jemen de ergste humanitaire crisis in de wereld af met driekwart van de bevolking die afhankelijk is van humanitaire hulp en bescherming. Drie miljoen kinderen bevinden zich in acute hongersnood. Dat is niet alleen een gevolg van de vijandelijkheden, maar ook van de maritieme blokkade die Saoedi-Arabië rond het land heeft aangelegd.

Die vernietigende oorlogspolitiek lijkt amper een impact te hebben op de wapenexport naar Saoedi-Arabië. Wel integendeel. De afgelopen vijf jaren is die met 225% gestegen ten opzicht van de periode daarvoor. Het land is na India de belangrijkste importeur van wapens. 61 procent daarvan is afkomstig van de VS, nog eens klein kwart van Groot-Brittannië. Niets wordt geweigerd: gevechtsvliegtuigen, helikopters, clustermunitie, raketten, tanks, gepantserde voertuigen,… Ook andere Europese landen zoals Frankrijk en Duitsland bevoorraadden het Saoedische regime met wapens. België is traditioneel een van de belangrijkste leveranciers van munitie en lichte wapens.

Wapenembargo

Een meerderheid in het Europees Parlement hernieuwde een jaar geleden een oproep voor een Europees wapenembargo, maar die viel in dovemansoren van de Europese regeringsleiders. Eigenlijk zou dat niet nodig moeten zijn. De EU beschikt over een Gemeenschappelijk Standpunt met duidelijke criteria die de wapenhandel naar problematische bestemmingen aan banden moet leggen. In België hebben de verschillende gewesten een zeer duidelijke wetgeving rond de wapenhandel. Een strikte interpretatie van de exportregels zou de roep om een wapenembargo zelfs overbodig moeten maken. Niet dus.

Wapenverkoop is big business. Zeker voor de VS die dominant is op de militaire wereldmarkt. In mei vorig jaar tijdens zijn bezoek aan Saoedi-Arabië pochte de Amerikaanse president Trump nog met de 110 miljard aan beloofde wapencontracten die ‘veel jobs zullen opleveren in de VS’. In een reactie op de moord heeft Trump al laten verstaan dat hij daar niet aan wil tornen en de Saoedische wapenmarkt niet in handen wil geven van Rusland of China. De veel geroemde westerse waarden moeten, als het er op aan komt, onderdoen voor de belangen van de wapenindustrie.

Het is de moord op Khashoggi en niet de oorlog in Jemen, die het debat over de Saoedische wapenhandel hoger op de politieke agenda tilt, vooralsnog met bescheiden resultaten. Duitsland schortte zopas de wapenhandel met Riyad op. In eigen land riep vice-Premier Alexander De Croo (Open VLD) op tot een wapenembargo. Hij kan dat: in zijn kiesomschrijving heeft hij daar weinig last van. De industriële wapenindustrie bevindt zich in het Waalse Gewest met Saoedi-Arabië als belangrijkste klant. Dat ligt al heel wat lastiger. Het gaat ook om een gewestelijke bevoegdheid. De Waalse minister-president kijkt vooralsnog de kat uit de boom: hij wacht op een gezamenlijke Europese actie, goed wetende dat de enorme winsten die de Saoedische wapenhandel genereert een ferm EU-optreden weinig waarschijnlijk maken.

Petrodollars

En zo is het al jaren dweilen met de kraan open. De Europese Unie beroept zich graag op de mensenrechten en andere waarden, maar in de praktijk voedt ze met de directe en indirecte wapenhandel het ene conflict in het Midden-Oosten na het andere. Laat ons niet vergeten dat Saoedi-Arabië ook betrokken is bij de financiële en militaire steun van gewapende salafistische groepen in Syrië. In Afghanistan zat Riyad achter de bewapening en financiering van de Mujahedeen waaruit later de Taliban en al Qaida zijn voortgekomen. Dat soort praktijken – waarvan zeker niet alleen Saoedi-Arabië zich bedient – maakt de zogenaamde ‘oorlog tegen de terreur’ tot een farce. En als mensen westerse wapens en militaire interventies ontvluchten doet de EU er alles aan om de grenzen zoveel mogelijk te sluiten.

Eigenlijk zijn we getuige van een grote politieke komedie. In het politieke halfrond krijgen we grote verklaringen en dito maatregelen gericht tegen de terreur, lippendienst aan mensenrechten en het belang van vrede. Anderen zien politiek brood in onbenullige symbooldossiers als het hoofddoekenverbod of preken onheil over de ‘islamisering’ die de vluchtelingen’stroom’ met zich mee zou brengen. Voer naar de bek van een bepaalde achterban. Maar achter de schijnwerpers gooien leiders als Donald Trump of Theresa May nog altijd begerige blikken op de vele petrodollars die het fundamentalistisch wahabistisch regime royaal in hun economieën investeert. Ze geven geen moer om de doodstraffen die in Saoedi-Arabië worden uitgesproken voor zaken als ‘blasfemie’ of overspel. De waarheid is dat zonder die petrodollars verschillende westerse wapenbedrijven in moeilijkheden zouden komen. Dat is ook zo voor het Waalse overheidsbedrijf FN Herstal. Op het eerste zicht lijkt het om een keuze te gaan tussen jobs versus mensenrechten. Maar mij maak je niet wijs dat je geen duurzame jobs kan creëren op basis van een goed uitgewerkt reconversieplan. Als we er in slagen de wapenindustrie te ontmantelen zijn we niet langer de gevangene van wapenexporten naar totalitaire regimes met bloed van vele arme boeren en arbeiders aan hun handen. Dan pas beschikt ons land over het politiek en moreel gezag om te pleiten voor het doorknippen van de militaire relaties met problematische regimes.

Ludo De Brabander is woordvoerder van Vrede vzw en auteur van ‘Oorlog zonder grenzen’ (Uitgeverij EPO)

Ludo De Brabander studeerde pers- en communicatie aan de Universiteit Gent. Sinds 1995 werkt hij voor Vrede vzw, een linkse vredesorganisatie met kantoor in Gent. Tegenwoordig is hij er de woordvoerder. Hij is auteur van o.m. 'Als de NAVO de passie preekt' (EPO, 2009 - samen met Georges Spriet) en 'Oorlog zonder grenzen' (EPO, 2016). Hij is van bij de start (1999) redactielid van Uitpers