De luxe van de meisjesbende

Foto: F. Mestrum
Facebooktwittergoogle_plusmail

Een facebookvriend stuurde vorige week een doordenkertje: ik ben net terug uit de miljoenenstad Sao Paulo en stel met grote trots vast dat wij ons zorgen kunnen maken over drie meisjes die aan het station in Brugge andere meisjes lastig vallen! Wat een luxeland toch waar onze problemen zo beperkt en zo keurig omschreven zijn.

Die zit. Want in vergelijking met andere landen in Europa, laat staan de wereld, leven we inderdaad in een sociaal paradijs. En ja, ik hoor ze al protesteren, de vele sociale werkers die moeten opboksen tegen een rechtse overheid, tegen de afbraak van de sociale bescherming, tegen de toenemende kinderarmoede, voor het recht op huisvesting, voor hulp aan daklozen.

Hun werk is van levensbelang en verdient enkel respect en bewondering. En neen, het is niet omdat het elders veel slechter is dat de zware sociale problemen hier geen aandacht verdienen.

Toch is het goed er voortdurend aan te herinneren dat België één van de weinig landen is met nog een vrij goed functionerende sociale bescherming en dat wij er goed aan doen dat zo veel als mogelijk te verdedigen.

Van zero rechten naar beetje rechten

Afgelopen week was ook het bedrijf Deliveroo weer in het nieuws omdat de pizzakoeriers er nu stuksgewijs gaan betaald worden en hun broze statuut bij SMart verliezen.

SMart is het internationale bedrijf dat (schijn)zelfstandigen zoals koeriers en kunstenaars een statuut aanbiedt waardoor ze een minimale sociale bescherming krijgen. Zo’n statuut is uiteraard beter dan niets, een beetje rechten is beter dan geen rechten, maar toch.

Tel daarbij de beslissing van de regering om mensen 6.000 euro per jaar onbelast te laten bijklussen en je ziet zo wat er gebeurt. Studenten én werknemers kunnen er een minijob bijnemen, en als we straks een basisinkomen van 500 euro per maand krijgen is er niets aan de hand.

Is dit de toekomst die we willen?

Wekelijks worden we gewaarschuwd over het gevaar van de slinkende arbeidsmarkt, robotten komen ons werk afnemen en zolang die er niet zijn komen migranten en andere vreemdelingen ons beconcurreren. De nieuwe regels voor het gedetacheerde werk in Europa zijn onvoldoende.

Alle cijfers tonen aan dat het met die robots en zeker met die migranten en gedetacheerden nog aardig meevalt. Maar wat er echt aan de hand is en nauwelijks in de media komt is dat de loonarbeid en het arbeidsrecht worden afgebouwd. In alle Westeuropese landen met een hoge bescherming gebeurt hetzelfde. Het aantal jobs neemt toe, zo stelt de premier en zo stelt de Europese Commissie, maar het zijn wel precaire en deeltijdse jobs die er bij komen, geen volwaardige banen met een behoorlijke verloning en bescherming.

We mogen dus blij zijn dat pizzakoeriers en horecapersoneel onbelast kunnen flexwerken of dat jongeren ergens een onbetaalde stage kunnen lopen, maar zou het niet beter zijn mochten in de plaats daarvan volwaardige banen komen? Het verhaal van sommigen aan de linkerzijde over loonarbeid die slavenarbeid is, komt hier echt niet van pas.

De middenklasse en de lijmsnuivers

Sociale werkers maken zich terecht zorgen over de verslechterende sociale situatie van jongeren, daklozen en vluchtelingen.

Maar in plaats van enkel daarop te focussen, moet er minstens evenveel aandacht zijn voor alles wat die verslechtering in de hand werkt.

De neoliberale consensus die over West-Europa en uiteindelijk ook over België wordt uitgespreid betekent niet noodzakelijk dat de armoede toeneemt, wel dat er meer ongelijkheid komt en de middenklassen worden uitgevlakt.

Als de armoede toeneemt kan het niet anders of die ‘nieuwe’ armen waren vroeger niet-arm of m.a.w. mensen uit de lagere middenklasse die hun bescherming hebben verloren. Dat zijn geen generatie-armen maar mensen die wel erg snel in een spiraal van armoede terecht komen, tot ze, zonder hulp, niet meer rechtop kunnen staan. Werk verliezen, uitkering verliezen, huis verliezen, partner verliezen … het kan snel gaan.

We zijn in Europa en wereldwijd op weg naar een duale maatschappij met bovenaan een kleine groep van superrijken – die vandaag alweer in het nieuws staan met hun fiscale paradijzen – een iets grotere maar relatief kleine groep van hogere middenklasse en daaronder een kleine groep van extreem armen, en een erg grote groep van mensen net boven de armoedegrens, mensen die zo kwetsbaar zijn dat ze bij de minste tegenslag weer in de ellende worden geduwd.

We staren ons blind op dakloze krakers en lijmsnuivertjes, maar blijven stil bij de dagelijkse afbouw van alle rechten die dit onheil vroeger konden tegen houden.

Dus nogmaals, respect en bewondering voor de sociale werkers die hulp en ondersteuning bieden waar ze kunnen, maar als het gezelschap van vakbonden en andere sociale bewegingen om de sociale bescherming te redden niet snel vergroot en versterkt, zullen ze in de toekomst enkel meer werk krijgen.

Sociale rechtvaardigheid en emancipatie

De toekomst is onzeker en het kan moeilijk anders. De robotisering zal een fundamentele verandering van de arbeidsmarkt met zich brengen, de klimaatverandering is onvoorspelbaar en zal wellicht nog grotere vluchtelingenstromen veroorzaken, onze eigen samenlevingen evolueren naar meer individualisering.

Het is normaal dat mensen snakken naar meer zekerheid en zich politiek gaan richten naar die krachten die zekerheid aanbieden, indien niet met economische en sociale rechten, dan met politie en leger. De voorkeur zou duidelijk moeten zijn, maar de praktijk schiet tekort.

Het is duidelijk dat onze systemen van sociale bescherming niet langer beantwoorden aan de nieuwe eisen en vragen. Terwijl we moeten vasthouden aan wat we hebben, moeten we tegelijkertijd denken aan de toekomst, aan hoe het beter kan, aan hoe we ons kunnen voorbereiden op wat op ons af komt.

Dat gebeurt nog te weinig. Het gros van het wetenschappelijk onderzoek gaat naar alle gevolgen van de verslechtering van de sociale situatie, of ze gaat naar ‘innovatie’ van deelgebieden. Dat is positief, maar het is ook nodig om daarnaast een algemene blik te houden op wat we vroeger emancipatie noemden, op wat sociale rechtvaardigheid inhoudt, van sociale rechten tot milieu en cultuur. Hoe kunnen we in ons nog steeds hoogbeschermde land beter inspelen op de onzekere toekomst? Bijvoorbeeld, hoe kunnen we er voor zorgen dat overheden effectief beschermen, hoe burgers inspraak kunnen krijgen, hoe de milieubezorgdheden worden opgenomen in die bescherming, hoe kunst en cultuur kunnen bijdragen tot de gewenste emancipatie?

De wereld staat op een kruispunt. De culturele mondialisering kan even problematisch zijn als de economische openheid. De waarden van de verlichting, democratie en mensenrechten, vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid, ze staan onder druk.

Sociale bescherming, breed bekeken, speelt hier een sleutelrol in, veel meer dan de armoedebestrijding. We hebben ze nodig om samen na te denken over hoe we de nieuwe tijd ingaan en armoede kunnen voorkomen.

 

Francine Mestrum is doctor in de sociale wetenschappen en doet onderzoek naar sociale rechtvaardigheid, ontwikkeling en samenwerking, armoede, ongelijkheid en mondialisering. Zij is voorzitter van het mondiale netwerk van Global Social Justice (www.globalsocialjustice.eu) en werkt momenteel aan een project voor ‘social commons’ (www.socialcommons.eu ) voor een transformatieve en universele sociale bescherming.