Macron, zonder oppositie, zonder enthousiasme

Geoffroy-Van-der-Hasselt, afp
Facebooktwittergoogle_plusmail

Een overdonderende meerheid van zetels voor La République en Marche, alle opposanten die hun wonden likken, Franse kiezers die in meerderheid niet kozen. Hoe dan ook, president Emmanuel Macron zal zich de komende jaren niet veel moeten aantrekken van ‘frondeurs’ en opposanten, want in het parlement zal de oppositie bijna onvindbaar zijn. Alleen rechts is zeker in de Assemblée een fractie te kunnen vormen, als het er geen twee worden. Triomf en  nederlagen worden allemaal overschaduwd door één cijfer: 51,29 % koos niet.

Duels

La République en Marche (LREM) haalt in de eerste ronde 32 % van de stemmen. Dat is bijna één kiezer op zes, voldoende voor ongeveer 70 % van de zetels. En Marche wordt gediend door zijn positie in het midden en door het  kiesstelsel. De kiesdrempel om naar de tweede ronde te mogen, ligt nu hoger: 12,5% van de ingeschreven kiezers. In één kiesdistrict waar slechts 35 % ging stemmen, betekent dat meer dan een derde van de uitgebrachte stemmen. Waar de opkomst de helft is, betekent dat nog altijd een vierde van de uitgebrachte stemmen. Resultaat: zeer veel kandidaten zijn uitgeschakeld, bijna overal zijn er slechts duels waar En Marche uitkomt tegen een rechtse of, zelden, een linkse kandidaat. Linkse kizers zullen niet rap voor rechts stemmen, en omgekeerd. En Marche haalt alles binnen.

De zeer lage opkomst zal wel veel oorzaken hebben. Maar wat zeker meespeelde is het gevoel dat het allemaal niet veel meer uitmaakte. Macron had vooraf al politiek personeel overgenomen van de PS en van rechts, onder wie zijn premier Edouard Philippe. Alle peilingen voorspelden een zege zonder weerga. Macrons succes heeft meer te maken met gelatenheid dan met enthousiasme. Zowel bij veel thuisblijvers als bij kiezers van En Marche is er het gevoel hij is nu president, laten we hem een kans geven.

Tranen

Bij al de rest hangen de vlaggen halfstok. Rechts (Les Républicains LR en centristen van UDI) hopen dat ze de schade nog kunnen beperken. Rechts moet zich alvast geen zorgen maken dat het geen fractie zal kunnen vormen. Daar zijn 15 zetels voor nodig. Maar hoe samenhangend zal de rechtse fractie zijn, met aan de ene kant de groep die een harde oppositie wil, aan de andere kant de voorstanders van enige samenwerking met Macron – die hen wel niet nodig heeft.

Grote teleurstelling bij het Front National (FN) dat geen enkele kans maakt op de vorming van een fractie. Het FN zakt met 13 % ver onder het niveau van het percentage van Marine Le Pen (21). Op grond van de uitslagen bij de presidentsverkiezingen, dacht het FN op minstens 40 zetels te kunnen rekenen, et worden er beduidend minder.

Dat heeft een reeks financiële gevolgen, de partij grijpt naast veel overheidsgeld. Maar vooral, het verhoogt de spanningen binnen het FN. Florian Philippot, de nummer twee, komt nu wel zeer zwaar onder vuur te liggen. Zijn tegenstanders verwijten hem het FN “naar links” te hebben geduwd met zijn strategie dat het niet gaat tussen links en rechts, maar tussen soevereinisten en mondialisten. Hij blijft bij de afwijzing van de euro, iets wat het FN volgens zijn tegenstanders veel stemmen heeft gekost. En hij vindt dat het FN van naam moet veranderen. Het congres van het FN begin volgend jaar belooft spektakel.

Links

Verzameld links haalt 28 % van de stemmen, ongeveer hetzelfde percentage als bij de presidentsverkiezingen. Het is La France insoumise (FI) dat de leiding neemt binnen links, met 11 % maar waarschijnlijk weinig zetels. Allicht niet genoeg om op eigen kracht een fractie te kunnen vormen.

Links lijdt zwaar onder de versnippering van krachten. In de meeste districten is links in de tweede ronde afwezig omdat geen enkele van de vele kandidaten de drempel haalde. Dat gebeurt zelfs in traditioneel linkse districten, gewoon omdat er tegelijk een kandidaat was van France insoumise, van de communistische PCF, van de PS, soms nog een of twee groene, twee kandidaten van uiterst-links en vaak ook nog “divers gauche”. Een bedroevend spektakel dat alleszins niet mobiliserend was en waar alle linkse groepen voor verantwoordelijk zijn. Resultaat: links is zogoed als afwezig. Misschien, als FI en PCF samenwerken, dat er nog een fractie inzit.

Debacle

De PS haalt dat nog wel, al hebben sommigen hun zetel te danken aan de goedwillendheid van En Marche dat geen kandidaat tegen hen voordroeg. Ook hier, zoals bij rechts, zal er weinig samenhang zijn tussen voor- en tegenstanders van samenwerken met de president. Partijleider Jean-Christophe Cambadélis spreekt terecht van een historisch debacle. Hij zelf werd in de eerste ronde al vernederend  uitgeschakeld in wat altijd een links bolwerk was. Zoals ook de presidentskandidaat van de PS, Benoit Hmon, de tweede ronde niet haalt. ‘Une hécatombe’, een slagveld van olifanten. De PS verdwijnt bij voorbeeld van de kaart in het noorden, zo lang een bolwerk. In Rijsel haalt de PS de tweede ronde niet.

Kan die partij dat overleven, zoals ze nu in de marge is geduwd (zoals haar Nederlandse en Griekse zusterpartijen). Het wordt een financiële ramp, rond 250 parlementsleden minder. Er is al een drastisch besparingsplan voor collectief ontslag van personeel en mogelijk de verkoop van het partijgebouw in de Parijse rue Solférino.

Om niet te spreken van het politiek-ideologische failliet. De PS heropbouwen? Maar op welke grond? De politiek van François Hollande voortzetten? Dat doet Macron toch al. Er is bovendien la France insoumise dat, indien het zich minder sectair opstelt, met resten van de PS en van het, eveneens failliete groene EELV, een links alternatief kan uitwerken voor het beleid van Macron.

Dringend

Want er zal snel moeten gehandeld worden. De president wil snel gaan, hij wil met ordonnanties de arbeidswet hervormen. Wat nu van de projecten is uitgelekt, komt neer op beperking van ontslagvergoedingen bij onterecht ontslag, op het verder omkeren van de hiërarchie inzake arbeidsorganisatie tussen sectoriële en bedrijfsakkoorden. Het gaat verder dan de wet El Khomri waar zoveel Fransen, met de steun van een meerderheid van de publieke opinie, zich vorig jaar tegen verzetten. Het verzet kon een deel van de wet afvlakken, maar dat wil de regering nu “corrigeren”.
Er is ook de uitzonderingstoestand die voorlopig wordt verlengd tot november. Maar intussen staat been wet op stapel die sommige bepalingen van die uitzonderingstoestand permanent wil maken. Verscheidene mensenrechtenorganisaties waarschuwen daartegen, het zou makkelijk kunnen leiden tot beperkingen op het betogingrecht zoals met de uitzonderingstoestand het geval is. Het Grondwettelijk Hof heeft zich daar al tegen uitgesproken. Het neemt soms absurde vormen aan. Een jongeman die “betrapt” werd met een keukenmes, hij kwam van een picknick, kreeg verbod deel te nemen aan een betoging tegen de wet El Khomri. Verscheidene verenigingen voor mensenrechten hebben alvast de intrekking van het ontwerp gevraagd.

Media

Macrons ploeg heeft intussen last van de media. Zijn minister van Justitie, François Bayrou die de Franse politiek gaat moraliseren, belde Radio France op met het verzoek een uitzending te schrappen. Die ging over de financiering van zijn partij, Modem.
Minister van Arbeid Muriel Pénicaud heeft klacht ingediend tegen Libération wegens “diefstal en heling”. Het gaat erom dat de krant een intern document van haar ministerie had gepubliceerd.

Dat belooft weinig goeds.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.