Corbyn wint

en.wikipedia.org
Facebooktwittergoogle_plusmail

Wat ook het uiteindelijke eindresultaat zal zijn van de Britse verkiezingen van overmorgen, 8 Juni 2017, en het exacte aantal zetels dat elke partij zal binnenrijven, vast staat dat Corbyn de winnaar is van deze verkiezingen. Ook al zou De Conservatieve Partij de sterkste blijven, zoals de meeste peilingen blijven aangeven.

Twee maand geleden gaven de marktonderzoekers de Tories een 20% voorsprong op de traditionele rivalen van Labour. Eerste minister Theresa May werd door haar ploeg mediaspecialisten aangeraden om zo snel mogelijk verkiezingen uit te schrijven. Op die manier zou de partij een stevige meerderheidspositie in het parlement verwerven, waardoor zij met meer autoriteit en overtuigingskracht de Brexit-onderhandelingen zou kunnen aanvatten. Bij Labour bleven de meeste parlementsleden zich afzetten tegen hun door de basis opgedrongen partijvoorzitter. Oud-gediende Tony Blair kwam zich even op de voorgrond dringen om een pleidooi pro Europese Unie te houden, tegenover zijn partijvoorzitter die meent dat het referendum over de uitstap uit de Unie moet worden gerespecteerd. Geen betere omstandigheden in te beelden om Labour voor de volgende vijf jaar tot uitzichtloos oppositie voeren te veroordelen, meenden de Conservatie strategen.

Inderdaad, de verdeeldheid binnen de eigen rangen – een diepe politieke tegenstelling tussen de leden van de partij en de mandatarissen – vormde een ernstig probleem voor Labour. Bovendien leek de ‘publieke opinie’ het grotendeels eens te zijn met de stelling: onder Corbyn kan Labour de verkiezingen niet winnen. De media – alle media ook de klassiek Labourgezinde The Guardian –  meenden dat Corbyn voor een politiek uit het verleden stond. De vervroegde verkiezingen zouden de travaillisten tot een tweederangspartij doen krimpen, dat was de algemene overtuiging.

Twee dagen voor de verkiezingen is het beeld behoorlijk anders. Corbyn kon door zijn sterke band met de gewone leden van de partij een campagne ontwikkelen die zeer goed aanslaat bij heel wat kiezers. Labour slaagde erin verschillende grote massabijeenkomsten te realiseren, waar Corbyn zicht ontpopte tot een een redevoerder van hoog niveau. Hij bleek ook een uitstekend televisiedebater te zijn. Voor de Tories was een sterke partij als krachtige Brexitonderhandelaar de inzet. Labour koos voor een sociale en economische insteek, die goede grond vond bij grote delen van de bevolking. Het partijprogramma was duidelijk een schot in de roos: beter onderwijs voor iedereen; betere toegang tot hoger onderwijs; investeren voor effectieve en efficiënte openbare diensten, in het bijzonder de National Health Service, maar ook de hernationalisatie van de spoorwegen en andere nutsbedrijven. Blijkbaar zitten daar veel elementen in van wat kiezers verwachten en verhopen voor de nabije toekomst.

Een aantal flaters bij de Conservatieve partij hielpen mee het tij te keren. Het programmapunt dat ouderen (meer) zelf zouden moeten betalen voor de zorg kreeg heel wat tegenwind. Bovendien weigerde Theresa May een rechtstreeks televisiedebat, wat algemeen als een teken van zwakheid werd gezien, terwijl ze juist zichzelf als sterke (Brexit)onderhandelaar wilde promoten. Met de terreuraanslagen in Manchester en Londen komt haar pleidooi ‘enough is enough’ wat hypokriet over omdat May als minister van binnenlandse zaken de politie-eenheden met 19000 agenten deed inkrimpen.

Mede door de ultra negatieve berichtgeving over Jeremy Corbyn zat Labour de laatste jaren op de schopstoel. Corbyn en zijn ploegen hebben de partij dus vanuit een absolute verliezerspositie omhoog gewerkt, tot een tegenstrever van formaat voor de premier. Zoals al eerder gesteld: het tweepartijensysteem is  volop terug in het Verenigd Koninkrijk. Jeremy Corbyn is nu al de (morele) winnaar van de verkiezingen, met name omdat zijn politiek platform echt aanslaat bij veel meer mensen dan werd gedacht, met als bijkomend gevolg dat zijn leiderschap in de partij minder ter discussie zal staan.

Voor Theresa May geldt het tegendeel. De conservatieve politieke voorstellen hebben geen enthousiasme kunnen opwekken en in plaats van een rustige mega-overwinning zou de partij wel ’s kunnen eindigen met een kleiner aantal zetels dan voor de verkiezingen. Mochten de Tories winnen dan is in elk geval May’s positie intern en tegenover de Brexitonderhandelaars erntig verzwakt.

De Liberaaldemocraten, UKIP, de Groenen doen het niet goed. In Schotland blijven de nationalisten veruit de sterksten, maar zouden minder halen dan de vorige keer. In Wales lijkt Labour enorm vooruit te zijn gegaan, hoewel het nog niet zo duidelijk is welke kant de voormalige UKIP kiezers daar uit zullen gaan. In Noord-Ierland zou Sinn Fein wel ’s de grootste kunnen worden.

Tenzij natuurlijk, de opiniepeilers er weer ’s naast zitten.