Het “vergeten” Frankrijk

Whirlpool, verhuist naar Polen. Foto Denis Charlet (afp)
Facebooktwittergoogle_plusmail

De kansen van Marine Le Pen om op 7 mei president van Frankrijk te worden, zijn gering. Het volstaat wellicht dat peilingen haar toch een kans geven, om veel kiezers die rivaal Emmanuel Macron niet lusten, toch naar het stembureau te lokken om haar tegen te houden. Zoniet is de kans groot dat de opkomst op 7 mei klein wordt. Hoe dan ook, het Front National (FN) van Le Pen heeft zich alvast steviger ingeplant in zijn regionale en sociale bolwerken.

De groeipolen van het FN zijn mensen en gebieden die zich sterk verwaarloosd voelen, la France des oubliés. Zoals de arbeiders van Whirlpool in Amiens dat wordt gesloten. Le Pen stond er woensdag voor de poort als kandidate van ‘les oubliés, de vergeten Fransen. Macron werd er even later uitgefloten.

Twee kaarten laten zien hoe Le Pen grote winst boekt in gebieden met groeiende inkomensongelijkheden,  vooral in de oude industriegebieden in het noorden en noordoosten. Het zijn streken waar talrijke bedrijven zijn gesloten, zeer dikwijls om naar elders te trekken. Geen wonder dat mensen daar oor hebben naar een kandidate die pleit voor sluiting van de grenzen en hoge taksen voor ondernemingen die wegtrekken. Het zijn ook gebieden waar bewoners de indruk hebben dat openbare voorzieningen worden verwaarloosd. Le Pen richt zich uitdrukkelijk tot hen, tot “la France des oubliés”.

Laag in steden

Een eerste vaststelling: het FN doet het niet goed in grote steden. In die gebieden is er géén schrijnend tekort aan openbaar vervoer, aan ziekenhuizen en scholen en vooral aan werk. Parijs is het meest extreme voorbeeld: daar haalt Le Pen amper net 5 %. In het 16e arrondissement van Parijs haalt ze 4%, de rechtse Fillon haalt er 58,5%). In de ganse regio Ile de France – Parijs en omliggende departementen waarin toch ook enkele banlieues met problemen – haalt ze slechts 12,5% . In deze regio gaat het FN achteruit.

Het is voor Le Pen nauwelijks beter in andere grote steden. Rennes 6,7%,  Nantes 7,1, Bordeaux  7,4,  Lyon 8,9, Toulouse 9,4. In andere komt ze onveranderlijk onder haar regionaal gemiddelde: Angers 10, Grenoble 10,7, Straatsburg 12,2, Tours 12,4, Clermont Ferrand 12,5, Brest 13, Montpellier 13,3, Le Mans 13,5, Rijsel 13,8. Ook in steden waar ze hoge scores haalt, liggen die gevoelig onder het regionale gemiddelde. In Marseille haalt ze wel 23,6%, maar pas de tweede plaats na de linkse Jean-Luc Mélenchon en onder de 27,3 voor het departement Bouches-du-Rhone. Idem voor Amiens, 18,4, Nimes 21,5, Metz, 18,8, Reims, 21,9, Le Havre 20, Nice 25,3.

Ze raakt dus alleen in zuidoostelijke steden met oude inplanting (invloed van de pieds-noirs, de Fransen die uit Algerije vluchtten na de onafhankelijkheid) boven haar nationaal gemiddelde.

Noordelijke opmars

Anderzijds zit ze ver boven dat gemiddelde in oude industriegebieden en landelijke regio’s waar een sterk gevoel leeft dat ‘la République’ hen is vergeten. Zones die soms veel weg hebben van rampgebieden waar al in de jaren 1970 veel industrie wegtrok.

Er is een sterke stijging in departementen waar het FN lang bijna afwezig was. Zoals in de noordelijke departementen Aisne (35,7), Pas de Calais (34,3); Oise (30,9), Nord (28,2)  en nu ook de regio Normandië (23,9). In de regio Grand Est, 27,8 %, komt Le Pen in de tien departementen op de eerste plaats. Met uitschieters in de Ardennes (32,4), Meuse (32,3) en Haute Marne (33,2), drie landelijke departementen waar veel inwoners zich aan hun (triestig) lot voelen overgelaten. Zij stemmen voor het FN om zich te laten horen.

Dat FN heeft zich dan ook geduldig ingeplant, zich opwerpend als de verdediger van de verdrukten naar wie “de elites” niet luisteren. Dit is een rol die de communistische PCF lang in veel van die gebieden speelde. Marine Le Pen zelf gaf het voorbeeld met haar inplanting in Hénin-Beaumont (Pas de Calais), een typische arbeidersgemeente waar socialisten en communisten lang de dienst uitmaakten. Ze haalt er in de eerste ronde 46,5 %. Dit is de vrucht van de aanwezigheid van het FN op het terrein,steeds de indruk gevend dat het FN zich om de problemen van de mensen  bekommert…

Die inplanting in oude en nieuwe bolwerken kan het FN veel zetels opleveren bij de parlementsverkiezingen van juni. Rond de honderd of zelfs meer, schatten analisten ook al is dat koffiedik kijken. Het stemgedrag bij presidentsverkiezingen kan erg verschillend zijn bij parlementsverkiezingen. De twee klassieke machtspartijen, het rechts LR en de PS, zijn in crisis, het is onduidelijk hoe de PS naar de verkiezingen zal trekken, terwijl rechts wel na zijn vele successen bij lokale verkiezingen, sterk staat ingeplant. En wat met de nieuwkomers En Marche! en France insoumise die weinig ingeworteld zijn.

Tweede ronde

Intussen is er natuurlijk de tweede ronde. Marine Le Pen maakt veel kans om in de bolwerken van het noorden, noordoosten en zuidoosten Macron te verslaan. Maar haar zwakke positie in de grote steden en het westen van het land, zijn de troeven van Macron. Haar 21,3 % was trouwens voor het FN een ontgoocheling, peilingen hadden zo lang voorspeld dat zij eerste zou eindigen, zelfs met scores tot 30 %. Ze vertrekt dus wel met een achterstand op Macron.

De hamvraag is natuurlijk hoe de rest van de kiezers zich zal gedragen. Meer dan 20 % ging niet naar de stembus en de meesten zullen ook wel op 7 mei wegblijven. Macron en Le Pen samen, dat is 45 %. Wat met de 55 % andere?

Rechts tracht na de rechtsradicale campagne van zijn kandidaat François Fillon respectabel te blijven: stem tegen Le Pen, aldus de oproep. Maar de naam van Macron krijgen velen  niet over de lippen. Enkele zeggen dat ze toch Le Pen gaan stemmen, onder wie Christine Boutin, voorzitster van de (zeer kleine) christendemocratische partij en enkele regionale vertegenwoordigers. De katholieken van Sens commun, uitloper van de betogingen tegen het homohuwelijk, staan voor een verscheurende keuze. Ze hebben met hart en ziel Fillon gesteund, maar hun hart gaat nu meer uit naar Le Pen dan naar haar rivaal.

Marine Le Pen hoopt dat veel kiezers van Fillon het niet over hun hart krijgen te kiezen voor Macron, door Fillon aangevallen als de erfgenaam van president François Hollande. Een open vraag dus: hoe gedraagt de 20 % van Fillon zich. Het FN mikt er al jaren op rechts te doen imploderen, zodat een stuk ervan front vormt met het FN. Er zijn alvast al barsten waar Le Pen kan van profiteren.

Pest en cholera?

De 6,3 % van de socialistische kandidaat Hamon zal allicht eenparig Macron kiezen. Maar wat met de 19,6 % van Mélenchon die zijn 440.000 volgers om advies voor een stemadvies heeft gevraagd. Alleszins geen enkele stem voor Le Pen, luidt het alvast. Mélenchon heeft veel kiezers gehaald onder de mensen met een laag inkomen, mensen die misschien niet erg geneigd zijn om te stemmen voor Macron. Volgens peilingen haalde Macron onder arbeiders en bedienden nauwelijks 10 %.

Velen wachten niet op Mélenchons stemadvies en hebben nu al besloten niet naar het stemlokaal te gaan. Dat zou wellicht wel veranderen indien peilingen Le Pen toch een kans op de zege zouden geven. Zoniet, geen keuze tussen “pest en cholera” zoals velen het uitdrukken.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.