Media weer in overdrive rond gifgasaanval

Facebooktwittergoogle_plusmail

Oorlog is propaganda. De Morgen kopt vandaag: ‘Assad gebruikt gifgas, het Westen kijkt toe’. Media gaan nog maar eens in voorbarige overdrive met een dubbele vooringenomen suggestie in één kop: 1. Assad is de dader 2. het Westen kijkt ‘slechts’ toe met onderliggende boodschap, doe iets, wat makkelijk kan begrepen worden als, grijp in desnoods militair… In De Standaard klinkt het zelfverzekerd, vrij van alle twijfel: “Waant Assad zich onaantastbaar?”

Volgens de journalistieke code moet de journalist de waarachtigheid van de informatie checken, waarheidsgetrouw berichten en geen feiten verdraaien. De code zegt ook dat de journalist zich niet laat lenen tot propaganda.

In het betrokken artikel van De Morgen valt nochtans zelf af te leiden dat de kop een valse weergave is van de feiten: “De VN-Veiligheidsraad zal bijeenkomen en we gaan uitzoeken wie er verantwoordelijk voor is”, aldus de speciale VN-Gezant Staffan de Mistura. Er is dus blijkbaar geen bewijs over wie er verantwoordelijk is.

Het OPCW, de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens, meldt op haar website dat ze bezig is om de feiten te verzamelen en informatie te analyseren over de vermeende gifgasaanval in Khan Shaykhun, ten zuiden van Idlib in rebellengebied. De OPCW wijst vooralsnog niemand met de vinger.

We beschikken dus NIET over feiten die duidelijk maken wie de verantwoordelijken zijn. Dat neemt niet weg dat Frankrijk, Groot-Brittannië en de VS de bewijzen niet afwachten om het Syrische regime als verantwoordelijke aan te duiden. Samen werken ze aan een resolutie in de VN-Veiligheidsraad. Het Syrische regime en Rusland ontkennen achter de aanval te zitten.

De vermeende gifgasaanval komt op het ogenblik dat in eigen land volop het debat woedt over de burgerdoden die vallen onder de bommen van de internationale coalitie waar België deel van uitmaakt.

Het contrast is groot. Over de mogelijke betrokkenheid van Belgische gevechtsvliegtuigen bij de dodelijke aanval op al Jadida (er is sprake van mogelijks 200 doden), een wijk in Mosoel, Irak, schrijft Het Laatste Nieuws (3/04): “Zoals wel vaker in oorlogssituaties hangt er nog veel onduidelijkheid rond het bloedbad, dat minstens tientallen maar wellicht honderden levens heeft gekost.” Behoedzame berichtgeving, zoals we die de jongste dagen in de meeste media rond dit incident konden vaststellen. Het is vergeefs zoeken naar ronkende beschuldigende titels en straffe verklaringen van politici of journalisten over burgerdoden die vallen bij de Belgische gevechtsmissie. Al enkele dagen krijgen we vooral te horen dat er een onderzoek komt naar wie er verantwoordelijk is. Zoals het hoort. Blijkbaar kan het alleen maar twijfelend of genuanceerd als we zelf betrokken partij zijn in een oorlog?

Ludo De Brabander studeerde pers- en communicatie aan de Universiteit Gent. Sinds 1995 werkt hij voor Vrede vzw, een linkse vredesorganisatie met kantoor in Gent. Tegenwoordig is hij er de woordvoerder. Hij is auteur van o.m. 'Als de NAVO de passie preekt' (EPO, 2009 - samen met Georges Spriet) en 'Oorlog zonder grenzen' (EPO, 2016). Hij is van bij de start (1999) redactielid van Uitpers