VS-‘druk’ voor hogere militaire uitgaven komt EU-leiders goed uit

Facebooktwittergoogle_plusmail

Amerikaans vice-president Mike Pence eiste tijdens zijn eerste doortocht in Brussel ‘meer verantwoordelijkheid’ van de Europese NAVO-lidstaten. “Uw budgetten moeten dringend omhoog”, of hoe een oproep ten bate van wapenindustrie en agressie in tijden van harde besparingen voor de gewone burger wordt omgetoverd tot een ‘noodzaak’.

De uitspraak van Donald Trump – vlak voor zijn inauguratie tot president – dat de NAVO ‘verouderd’ is, zorgde voor een paniekreactie in Europa. Het was dus uitkijken naar de komst van Amerikaans minister van Defensie Jim Mattis naar de NAVO-bijeenkomst in Brussel (op 15 en 16 februari) en naar de parallelle Europese tournee van vicepresident Mike Pence, met de toekomst van de transatlantische relaties als hoofdmenu.

Beiden stelden ze de gemoederen gerust. De Amerikaanse vicepresident verkondigde tijdens zijn bezoek aan de EU-instellingen dat de relaties met de EU ‘onwrikbaar’ zijn. Eerder, tijdens de jaarlijkse NAVO-conferentie in München, zei hij dat ook over de relaties met de NAVO.

De Amerikaanse minister van Defensie herhaalde wel de voorwaarde dat de Amerikaanse steun aan de NAVO afhankelijk is van de mate waarin de Europese NAVO-lidstaten in hun defensie-apparaat investeren. Dat is een verwijzing naar de afspraak die de NAVO-leiders op 4-5 september 2014 maakten tijdens de NAVO-top in Wales. Daar spraken ze af om de defensiebudgetten op te trekken naar 2 procent van het Bruto Binnenlands Product (BBP = de totale financiële waarde van de economische activiteit van een land in één jaar, overheid en privé samen) en om binnen het defensiebudget minstens 20 procent te reserveren voor investeringen in militaire uitrusting.

Niets is wat het lijkt

De Europese paniekreactie na Trumps uitspraken had meer weg van politiek theater dan dat het een gevolg zou zijn van stijgende dosissen stresshormonen. Deze Amerikaanse druk komt immers niet helemaal ongelegen om in tijden waarin de EU de lidstaten op de vingers kijkt om de overheidsuitgaven in bedwang te houden, de Europese bevolking toch te overtuigen om meer te gaan investeren in de militaire apparaten.

Na haar aanstelling tot nieuwe Europese Hoge Vertegenwoordiger op 1 november 2014, kreeg Federica Mogherini al de opdracht om te komen tot een nieuwe Europese veiligheidsstrategie. Die zag in de zomer van 2016 het daglicht, maanden voor er nog maar sprake was van Trump als president.

Daarin klinkt het dat “de EU moet versterkt worden als een veiligheidsgemeenschap” want “een geloofwaardigere Europese defensie is ook noodzakelijk in het belang van een gezond transatlantisch partnerschap met de VS”. Dat is zo’n beetje wat Washington al jaren graag wil horen.

Hoewel het pleidooi voor hogere defensiebudgetten er Orwelliaans vaag wordt omschreven als “het ontwikkelen en behouden van defensiecapaciteiten vereist zowel investeringen als het optimaliseren van het gebruik van de nationale middelen via diepere samenwerking”, resulteerde dat enkele maanden later in concrete plannen voor een Europees defensiefonds.

Concrete plannen zijn er al

De Europese Commissie wil voor de periode 2020 tot 2027 jaarlijks 500 miljoen euro in defensie-onderzoek stoppen. Daarnaast wil ze elk jaar 5 miljard euro vrijmaken voor gezamenlijke investeringen van de lidstaten in militair materieel. In januari 2017 deed Donald Tusk, de voorzitter van de Europese Raad, er een grote gemilitariseerde smak bovenop in zijn ongewoon scherpe brief met duidelijk pleidooi voor hogere defensiebudgetten.

Tijdens zijn recent bezoek herinnerde Pence de Europeanen aan al deze plannen en beloftes, maar ook aan de oproep van Trump om – conform de NAVO-normen – 2 procent van het BBP te reserveren voor militaire uitgaven. Duits bondskanselier Angela Merkel reageerde gehoorzaam met de verklaring: “We zullen alles doen om dit engagement na te komen”.

Washington is zogenaamd boos omdat het meer dan dubbel zoveel meer budgettaire ‘inspanningen’ levert dan alle Europese NAVO-bondgenoten samen. Dat ligt echter niet aan verondersteld lage Europese defensie-uitgaven, maar aan het buitenproportionele Amerikaanse defensiebudget van 664 miljard dollar in 2016, of 3,61 procent van het BBP van de VS.

NAVO-budget is helft van militaire uitgaven in de wereld

De VS zijn in hun eentje goed voor een derde van alle wereldwijde militaire uitgaven. Als je alle NAVO-landen daar bij telt, spreken we over meer dan de helft van alles wat wereldwijd wordt uitgegeven aan defensie. Op korte termijn moeten de Europese landen nog 100 miljard euro extra ophoesten om deze NAVO-normen te halen. Hoewel ondertussen ook Rusland zijn defensie-uitgaven laat stijgen, bedragen die uitgaven minder dan 10 procent van de NAVO.

Het opblazen van de Russische dreiging maakt evenzeer deel uit van het Europese politieke theater om de publieke angst te verzilveren met hogere militaire uitgaven. In januari 2017 ontplooide de NAVO met dat doel een extra troepenmacht van 4.000 militairen en honderden gepantserde voertuigen in Centraal- en Oost-Europa. De logischerwijze verwachte Russische reacties op deze machtsontplooiing en de verdere NAVO-expansie naar het oosten maken deel uit van het transatlantisch beleid om zo een zelfvervullende voorspelling te verwezenlijken.

In zijn brief van januari 2017 haalde Donald Tusk nog andere argumenten aan om te pleiten voor een sterker militair Europa: naast de “Russische agressieve politiek in Oekraïne” en de “zorgwekkende verklaringen van de nieuwe Amerikaanse regering” verwees Tusk ook nog naar een “assertief China” en de “oorlogen, terreur en anarchie in het Midden-Oosten en in Afrika.”

Zelfvervullende voorspelling

Enige kritische bedenking dat de NAVO-landen misschien wel eens een behoorlijke steen hebben bijgedragen aan het ontstaan en instandhouden van die dreigingen ontbreekt in zijn discours volledig. Geen woord van hem over de oorlogen die de NAVO heeft ontketend in Afghanistan, Irak en Libië of de massale wapenleveringen aan conflictgebieden om er slechts twee te noemen.

De Amerikaanse druk en Europese NAVO-plannen om beduidend meer te besteden aan het militaire apparaat, dreigt niet alleen voor nog meer instabiliteit te zorgen, maar brengt ook de sociale welvaartsstaat in het gedrang.

De Belgische regering anticipeerde al enigszins met een plan om het Belgische defensiebudget naar 1,3 procent te laten stijgen tot een jaarbedrag van 6,5 miljard euro tegen 2030, wat een stijging van 2,6 miljard euro is ten opzicht van het huidige budget voor defensie. De vraag is maar of dit ‘voldoende’ zal blijken.

Op de komende NAVO-top in Brussel op 24-25 mei zal de discussie over de defensie-budgetten ongetwijfeld centraal staan. De kans is groot dat van ons land – onder Amerikaanse druk – nog meer militaire inspanningen worden verwacht bovenop de reeds geplande toename.

Ludo De Brabander studeerde pers- en communicatie aan de Universiteit Gent. Sinds 1995 werkt hij voor Vrede vzw, een linkse vredesorganisatie met kantoor in Gent. Tegenwoordig is hij er de woordvoerder. Hij is auteur van o.m. 'Als de NAVO de passie preekt' (EPO, 2009 - samen met Georges Spriet) en 'Oorlog zonder grenzen' (EPO, 2016). Hij is van bij de start (1999) redactielid van Uitpers