Poetin, ontvrienden

Putin (nationalinsterest - creative commons)
Facebooktwittergoogle_plusmail

Vladimir Poetin, president van de Russische Federatie, heeft steeds meer buitenlandse vrienden. Onder hen lieden met macht, zoals in Ankara, Boedapest en Washington. En vrienden die hopen snel aan de macht te komen, zoals de Franse Marine Le Pen en andere uiterst-rechtse leiders in Europa. De vriendschap van sommige ‘progressieven’ voor de Russische president is aan het bekoelen. Hoog tijd voor overblijvende twijfelaars om Poetin snel te ontvrienden.

De Russische Federatie is de Sovjet-Unie niet. In tijden van de vroegere Koude Oorlog kon niet-stalinistisch links de Sovjet-Unie terecht (maar zeer kritisch) verdedigen als tegengewicht voor het kapitalistisch blok. Alleen al haar bestaan was een prikkel voor westerse bestuurders om de sociale zekerheid uit te bouwen. Moskou ondersteunde anti-koloniale revoluties, progressieve regimes hadden een alternatief tegenover Washington, zoals bijvoorbeeld de Egyptische leider Nasser.

Met de implosie van Sovjet-Unie en Sovjetsysteem viel die prikkel weg. De “nieuwe” leiders, producten van het vergane systeem, sprongen snel in het kapitalistische om rap rijk te worden. Poetin bewaakt dat systeem.

Koud

Maar omdat hij niet zoals Boris Jeltsin naar de westerse pijpen danst, herleeft de Koude Oorlog. Poetin heeft gelijk als hij er westerse groepen van beschuldigt dat ze de hand hadden in de zogenaamde kleurrijke “revoluties” in Georgië en Oekraïne. Hij vindt terecht dat hij zich liet bedotten in Libië met de praat over ‘humanitaire operaties’, wat later meespeelde in zijn Syrië beleid: hij wou zich niet opnieuw laten bedotten. En de westerse sancties omdat de Krim nu bij Rusland is op wens van de plaatselijke bevolking, zijn arrogant, zoniet agressief.

Dat Poetin overhoop ligt met de Navo die verder oostwaarts wil uitbreiden, is echter onvoldoende reden voor een positieve beoordeling van de Russische president. Poetin heeft alle redenen om het Westen te wantrouwen, links heeft alle redenen om Poetin te wantrouwen. Het volstaat te kijken hoe het gros van de bevolking en linkse bewegingen in Rusland zelf worden behandeld om te begrijpen dat Poetin met Le Pen en co, en misschien ook Trump, de rechtse vrienden heeft die hij verdient.

Ongelijkheden

Zo is Rusland in één generatie uitgegroeid tot een kampioen inzake ongelijkheid.

Eén percent van de Russische bevolking bezit 74,5 % van de nationale rijkdom,  aldus een recent rapport van Crédit Suisse. Tien percent bezit 89 % van alle materiële goederen, dus 90 % heeft de overige 11 %. 93,6 % van de bevolking heeft een jaarlijks inkomen van minder dan 10.000 dollar (9400 euro), 5,7 % zit tussen 10.000 en 100.000; 0,6 % meer dan 100.000 en 0,1 % meer dan een miljoen. Het is aan deze mensen dat de Zwitserse uurwerkmakers hun uurwerken van 400.000 en meer euro kunnen slijten die ze dan aan elkaar cadeau doen.

Veel Russen zijn Poetin nog altijd dankbaar voor hun snel gestegen koopkracht tussen 2000 en 2007. Maar de voorbije twee jaar is die sterk gedaald. Naar schatting 40 % van de bevolking heeft het nu erg moeilijk om voldoende eten en kleren te kopen. Door de lagere olie- en gasprijzen en de sancties, ervaart Rusland de nadelen van een beleid dat te exclusief op die bodemrijkdommen is gericht.

Van de 38 onderzochte landen, is Rusland het meest ongelijke. De basis voor die ongelijkheid werd in de jaren 1990 gelegd, onder Jeltsin. Poetin heeft die roof geconsolideerd en de kloof nog verder verwijd. Nooit vergeten dat Poetin de keuze van Jeltsin was, hij is de garant van het roofdierkapitalisme. Een vorm van kapitalisme die met Donald Trump als president in de VS weer hoogdagen beleeft. Weg met regularisatie, laat de speculanten die de crisis van 2008 veroorzaakten, weer de vrije loop.

Fossiele vriendschap

Poetins gehechtheid aan fossiele bodemrijkdommen wordt door veel nieuwe VS-beleidsmakers gedeeld. Trump zweert bij die fossiele brandstoffen. Hij beloofde in zijn campagne de ontginning van steenkool in eer te herstellen, hij wil de aanleg van omstreden oliepijpleidingen die zijn voorganger Barack Obama niet wou. Met de ontginning van leisteenolie en ‘fractioning’ voor schaliegas en olie, gaan we naar nieuwe fossiele hoogdagen. Trumps infrastructuurprojecten zullen mee voor energiepieken zorgen.

De mogelijke ‘vriendschap’ tussen Trump en Poetin is dan ook voor een groot deel fossiel. Trumps minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson was zelf betrokken bij het akkoord van 2012 tussen ExxonMobil en Rosneft voor de ontginning van drie grote velden in de Noordelijke IJszee. De sancties kwamen roet in het eten gooien; nu kijkt Washington met lede ogen toe hoe Russen erg bedrijvig zijn in het Noordpoolgebied.

Die ontginning is makkelijker geworden met de klimaatopwarming. Alleen achterdochtige mensen zouden kunnen denken dat de energielobby’s in Rusland en de VS die opwarming liever niet willen bestrijden. Zeker in de VS zijn die lobby’s druk in de weer om alle klimaatplannen op te bergen, ze financieren allerlei denktanks die moeten aantonen dat die opwarming een sprookje is.

Gezinswaarden

Trump en Poetin hebben nog allerlei andere dingen gemeen. Gemeend of niet gaan ze beide tekeer tegen zogenaamde zedenverwildering. Trump zou met plezier een wet tekenen die het huwelijk beperkt tot man en vrouw. Hij zou liefst van al een algemeen abortusverbod ondertekenen. Terwijl Poetins patriottische jeugdbeweging campagne voert voor meer geboorten om de neergang van het Russische volk tegen te houden.

Het Russisch parlement heeft nog maar vorige maand een wet goedgekeurd (395 voor, 2 tegen) die huiselijk geweld niet langer strafbaar stelt. Zolang er maar geen ziekenhuisbehandeling aan te pas komt, mag de huisvader letterlijk toeslaan. De nog resterende vrouwenbewegingen voeren aan dat jaarlijks ongeveer 10.000  vrouwen omkomen bij huiselijk geweld. Dat kan die “patriottische jeugd” toch ook niet goedvinden, vrouwen die kinderen kunnen baren?

Die wet kwam er onder meer onder druk van het Kremlin en van de bevriende Russisch-orthodoxe kerk. Poetin en de kerk, de pijlers van het “patriottisme”. “We moeten de traditionele gezinswaarden vrijwaren”, aldus poetinistisch parlementslid Elena Mizoelina die eerder al de grote voorvechtster was van de wet tegen homoseksuele propaganda.

Eurovrienden

Poetins visie kan ook op veel sympathie in de rest van Europa rekenen. Niet bij de Oekraïense reactionairen die door andere priesters worden gezegend of bij de rabiaat anti-Russische Poolse reactie, maar wel bij onder andere de Hongaarse premier Viktor Orban waar Poetin zeer onlangs te gast was. Zij delen hun afkeer was de “westerse decadentie” zoals die in het homohuwelijk en abortusrecht tot uiting komt.

Het verbaast niet dat Poetin ook in de bovenste la ligt bij uiterst-rechts in West-Europa. De Italiaanse Lega Nord is een zusterpartij van Poetins ‘Rusland Eén’. Marine Le Pen en haar Front National steken Poetins loftrompet als een groot patriot. Vlaams Belangers zwaaien met wierook. De Oostenrijke FPÖ heeft eind vorig jaar een samenwerkingsakkoord met Poetins partij getekend.

Die FPÖ was vier jaar eerder al op bezoek geweest bij een grote beschermeling van Poetin, Ramzan Kadyrov. Dat is de president van Tsjetsjenië, een deelrepubliek van de Russische Federatie. De man deed in Grozny de grootste moskee van Europa bouwen en organiseerde enkele weken naar de moordpartij op Chartlie Hebdo een betoging van honderdduizenden …tegen  Charlie Hebdo. Het werk van Poetins protégé. De Russische president is in eigen land alleszins geen bestrijder van islamistisch extremisme.

Niet alleen extreem-rechts, ook ‘gewoon’ rechts heeft een boontje voor Poetin. Dat was het geval met de Italiaanse ex-premier Silvio Berlusconi; niet omdat die de ‘decadentie’ wou bestrijden, maar om zakelijke belangen. De Franse presidentskandidaat van rechts; François Fillon, is een andere pleitbezorger van Poetin, net zoals ex-president Nicolas Sarkozy.

Rechts en zeker extreem-rechts houdt van Poetin. Ze hebben daar goede redenen voor. Links heeft geen enkele goede reden.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.