Oostenrijk, het zoveelste alarm

oostenrijk16
Facebooktwittergoogle_plusmail

‘Ga voorlopig niet skiën in Oostenrijk”, aldus de Belgische minster van Buitenlandse Zaken Louis Michel in 2000. België nam toen het voortouw in sancties tegen de nieuwe Oostenrijkse regering, een coalitie van de conservatieve ÖVP en de uiterst-rechtse FPÖ van Jörg Haider. De boycotactie tegen die FPÖ haalde niets uit, ze bleef tot 2006 meeregeren. Nu maakt Norbert Hofer van die FPÖ grote kans volgende maand president van Oostenrijk te worden, waarna hij de regering van sociaaldemocraten en ÖVP kan naar huis sturen en verkiezingen kan uitschrijven om zijn FPÖ volop te laten regeren. De lijst van uiterst-rechtse successen in Europa wordt lang, zeer lang. We zitten in een stroomversnelling.

Hofer

Hofer kreeg na zijn succes van 24 april onmiddellijk gelukwensen van Marine Le Pen, voorzitster van het Franse Front National (FN). Zij ziet in de 36.4 % van Hofer ook een succes van haar politieke lijn van de-diabolisering om het FN in ruimere kring aanvaardbaar te maken. De ÖVP had de jongste tijd enkele zwarte baronnen die te uitgesproken nazitrekken hadden, op rust gezet en naar Frans model een minder agressief imago aangenomen. Le Pen rekent erop dat zij volgend jaar een gelijkaardig succes kan boeken.

36.4 % voor uiterst-rechts in gematigde verpakking, terwijl de twee historische partijen van de Oostenrijkse politiek, de sociaaldemocratische SPÖ en de ÖVP, respectievelijk 12 en 11 % halen. Dit is een bijzonder vernederend resultaat voor de Oostenrijkse sociaaldemocratie die tot nu toe zowel de president als de premier leverde. Hoe kan deze coalitie blijven regeren tot 2018?  Wat als de FPÖ de grootste wordt in het parlement en een regeringsvormer mag leveren? Zal de ÖVP meedoen, zoals in 2000-2006? Maar ook de sociaaldemocraten zijn een tijdje scheep gegaan met de FPÖ – lang geleden nationaal, kortgeleden regionaal.

Sociaaldemocratie: alarmfase

Dit is een nieuw alarm voor de Europese sociaaldemocratie. Oostenrijk, een van de welvarendste lidstaten van de EU, brengt de zoveelste klap. De lijst van electorale nederlagen en de onheilspellende prognoses is ook zeer lang, die van de successen (Portugal) erg kort. De sociaaldemocraten zakten tot een historisch dieptepunt in Spanje en Griekenland, in Frankrijk is de toestand catastrofaal, Nederland en Duitsland zijn nauwelijks beter, in Polen verdween de partij uit het parlement, er waren de nederlagen in Ierland, Finland, Roemenië en Kroatië… Italië? Na de euforie rond premier Matteo Renzi, komt stilaan de ontnuchtering, de PD haalt in de peilingen nauwelijks meer dan de M5S, de dubieuze Vijfsterrenbeweging.

De crisis van de sociaaldemocratie heeft natuurlijk te maken met haar manifeste onmacht om ook maar een begin van alternatief te bieden na de financieel-economische crisis van 2008. Dit was nu toch het moment om als een echte Internationale met een links alternatief uit te pakken.  Maar de sociaaldemocratie bleef stil en waar ze kon meeregeren deed ze dat met neoliberale recepten.

Winnaars

Waar gaan die sociaaldemocratische kiezers naartoe? Veel van hen zijn te ontgoocheld om nog naar de stembus te gaan, de deelname aan verkiezingen daalt onrustwekkend. In enkele gevallen heeft radicaal linksof groen daar baat bij (Spanje, Griekenland, Franstalig België…).

Uiterst-rechts profiteert mee van deze crisis waarin de gevestigde grote politieke stromingen in de ogen van veel burgers maar wat aanmodderen en in feite uitvoeren wat “de markten”, zijnde de grote financiële belangen, willen. Uiterst-rechts slaagt er in diverse landen zowaar in zich op te werpen als de verdediger van de gewone man en vrouw die te lijden hebben onder de gevoerde verarmingpolitiek. Voor de radicale rechterzijden zijn er de geliefde zondebokken, “de vreemdelingen”, en daaraan gekoppeld de EU die al deze vreemdelingen binnenlaat en de soevereiniteit van het land met de voeten treedt.  De Europese Unie die door zeer veel Europese burgers niet langer gezien wordt als een project dat het leven zoveel makkelijker maakte, maar als een vreemd orgaan dat zogenaamde soberheid opdringt.

Lekenstaat

En waarom slaagt uiterst-rechts erin zich in verscheidene landen op te werpen als het anti-systeem alternatief?  Omdat links, breed genomen, deel uitmaakt van dat systeem. Omdat links talrijke problemen negeert, omdat een grote stroming van links allesbehalve een links beleid voert, omdat links – vaak door zware onderlinge verdeeldheid of door sectair gedrag – te zwak staat om zich te laten horen. Links, breed genomen, deed alsof er in België geen migratieproblemen waren, wat tot gevolg had dat men er ook niets aan deed.  En intussen spon uiterst-rechts daar garen van.

Het is toch onvoorstelbaar dat uiterst-rechtse partijen zich nu opwerpen als verdedigers van de lekenstaat. Inderdaad gedreven door  islamofobie, hun nieuwste handelsfonds.  Maar het werkt. In Nederland, België, Frankrijk en elders zien burgers in uiterst-rechtse groepen als de PVV van Wilders en het FN van Le Pen de beste verdedigers van de lekenstaat. Daar waar uiterst-rechts een halve generatie eerder onderdak bood aan de meest reactionaire religieuze stromingen.

Een flink deel van links, ook bij radicaal links, liet die problemen liever links liggen, blind voor de opmars van uiterst-rechtse moslimgroepen, zoals in Molenbeek. Extreem-rechtse groepen hoeven alleen maar toe te kijken, de negationistische houding van een deel van links maakt hen slapend rijk.

De volgende

Het valt te vrezen dat Oostenrijk slechts de voorbode is van andere successen van uiterst-rechts. Uiterst-rechts dekt wel verschillende ladingen, wat onder meer tot gevolg heeft dat ze niet in één fractie in het EU-parlement zitten, maar verdeeld over diverse fracties – tot en met de EVP waarvan de Hongaarse Fidesz, toch wel een radicaal rechtse partij, deel van uitmaakt.

Maar zowat overal zitten ze in de lift en kunnen ze zich optrekken aan het spectaculaire succes van de Oostenrijkse FPÖ.

Om te beginnen dus Marine Le Pen die een gelijkaardig resultaat verhoopt bij de presidentsverkiezingen over een jaar. Het is in Oostenrijk ook nog maar de eerste ronde, de buit is nog niet binnen. Maar Le Pen zal zonder onverwachte gebeurtenissen er allicht bij zijn in de tweede ronde, en dan is alles mogelijk. Problemen zouden dan wel uit eigen kring kunnen komen, want er bestaan redelijk wat spanningen tussen haar en haar nicht Marion Maréchal-Le Pen. Waar Marine vorig jaar niet opstapte in de marsen tegen het homohuwelijk, deed Marion – die goed opschiet met de uitgesloten grootvader Jean-Marie Le Pen – dat wel. Marine zegt de lekenstaat te willen verdedigen, Marion omarmt traditionalistische katholieken. Marion en haar vrienden verwijten Marine, voorlopig nog in bedekte termen, een te links economisch programma te hebben en de partij teveel open te stellen voor homo’s.

In Nederland staat de PVV zeer hoog in de peilingen. In Duitsland kende de AfD bij de recente deelstaatverkiezingen een grote doorbraak. In Italië neemt de xenofobe Lega Nord samen met fascistische bondgenoten in midden en zuiden de leiding van rechts over. In Kroatië telt de rechtse regering twee fascistische ministers. Polen wordt nu geregeerd door een oerconservatieve partij die inzake migratie alleszins op uiterst-rechtse koers zit, net zoals de Hongaarse regering van de Fidesz die op de hielen wordt gezeten door de nog extremistischer Jobbik. In Slovakije bestuurt een fascistische partij een regio waar ze jacht maakt op Roma, terwijl een andere radicaal rechtse partij mee regeert met de sociaaldemocraten. Radicaal rechts doet het al een tijdje goed in de Scandinavische landen en Finland, het mag in sommige landen vanaf de zijlijn zelfs meeregeren. In België doet de regerende N-VA zijn best om de overloop van kiezers naar het Vlaams Belang – dat volgens peilingen weer in de lift zit – tegen te houden.

Het systeem

Alleen waar radicaal links met een hoorbaar alternatief uitkomt, heeft uiterst rechts het moeilijker om door te breken. Zoals in Griekenland, Spanje en Portugal. En mogelijks later ook in het Verenigd Koninkrijk waar Labour weer een duidelijker links profiel heeft.

Er zijn zoveel symptomen dat massa’s mensen, vooral jongeren, een andere, rechtvaardiger wereld willen en zich tegen “het systeem” afzetten. Maar voorlopig is het globale beeld somber; het is vooral uiterst-rechts dat van dat anti-systeemgevoel profiteert.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.