Jan Jambon: Israël leidt de dans

Facebooktwittergoogle_plusmail

In Den Haag werd op 30 maart een conferentie georganiseerd getiteld Terrorisme, Israël en het Internationaal Recht. Een initiatief van het Israëlisch propagandaorganisme CIDI. Een van de prominente sprekers was Jan Jambon. Daar vertelde hij in zijn speech over de reacties in Brussel na de aanslagen in Zaventem en Maalbeek dat: “in bepaalde wijken van Brussel straatfeesten waren, geen rouwfeesten. Straatfeesten!” U kent de rel die ontstond wanneer hij dit daarna nog eens, lichtjes afgezwakt herhaalde in De Standaard.

Hoe komt zo’n N-VA-corifee nu op een Israëlische propagandameeting terecht?

Ooit was het anders. In maart 2008 ging de partij zelfs de Palestijnse toer op. Een officieel standpunt op haar website begon met de zin: “De N-VA veroordeelt de harde aanval van Israël op de Gazastrook en betreurt de vele onschuldige slachtoffers”. En eindigde met dit statement: “Het partijbestuur van de N-VA onderschreef vanmorgen ook de oproep van het Actieplatform Palestina: ’60 jaar ontheemd, 40 jaar bezet!’ die moet uitmonden in een aantal acties tijdens de volgende maanden.“

Drie jaar later (2011), toen het vredesflottielje met ondermeer de Mavi Marmarra naar Gaza hulpgoederen ging brengen, waren er ook Belgen aan boord. Daarop interpelleerde N-VA parlementslid Els Demol onze minister van Buitenlandse Zaken over de Belgen die deelnamen aan die actie. In haar interventie citeerde ze onder meer de Israëlische Uno-ambassadeur die het had over een actie van “extremistische en terroristische organisaties.”

Het was geen individuele uitschuiver, maar het nieuwe partijstandpunt dat door Jan Jambon met deze woorden in Joods Actueel werd bevestigd: “Wij zien dergelijke actie als een vorm van terrorisme en veroordelen dit ten stelligste. We weten nog dat er vorig jaar terroristen aan boord zaten, daarom veroordelen wij dit initiatief.”

De N-VA heeft niet alleen in België een deel van het terrein ingenomen dat het Vlaams Belang bezette, ook internationaal zijn ze die racistische partij gaan aflossen bij Amerikaanse Ultraconservatieve denktanks die pro-Israël zijn en die prediken dat neo-koloniale oorlogen tegen de islam, het imago van het koloniale Israël kunnen opkrikken. Of, zoals de wervingstekst voor de bijeenkomst in Den Haag het stelde: “Draconische veiligheidsmaatregelen beknotten de rechten van het individu en vergroten de kans op radicalisering. In Israël zijn deze vragen voortdurend stof voor discussie. Wij zouden veel kunnen leren van Israël, dat al jaren kampt met zulke dreigingen en dilemma’s.” En daar heeft Jan Jambon zich dus laten opjutten door Israël lobbyisten en medesprekers als Alan Dershowitz, Eli Bahar of Alan Baker.

Wie zijn ze:

Eli Bahar, voormalig Hoofd juridische afdeling van Shin Bet, de Israëlische geheime dienst. Enkele citaten van deze man over de recentste Israëlische oorlog tegen Gaza, uit Al-Monitor van 17 juli 2014. De journalist vraagt hem: “Hoeveel burgerslachtoffers vindt u proportioneel in zo’n conflict?” Bahar: “Daar bestaat geen echt antwoord op, omdat het concept (proportionele burgerslachtoffers, nvda) te vaag is. Vaak kan je maar de proportionaliteit na gaan na de feiten… Het is een concept dat varieert met de aard van de militaire operatie en in hoeverre die noodzakelijk was binnen de oorlogsinspanning.” Al-Monitor: “Wat u eigenlijk zegt is dat in uw opvatting over Recht het doden van burgers niet altijd een oorlogsmisdaad is.” Bahar: “Inderdaad. Een noodzakelijke militaire operatie kan zo complex worden dat proportionaliteit afhankelijk is van de militaire noodwendigheden, en hoe erg het ook mag klinken, je mag dan burger slachtoffers maken.”

Alan Baker: Was niet alleen een voormalig Israëlisch ambassadeur, zoals hij door Cidi wordt aangekondigd, maar in januari 2012 stelde premier Netanyahu hem aan als een van de drie leden van een comité dat moest bewijzen dat Israël recht had op de Westelijke Jordaanoever. Een ‘deskundige’ dus in Internationaal recht.

Alan Dershowitz: is niet alleen, zoals aangekondigd door Cidi professor aan de Universiteit van Harvard, maar ook al decennialang verwoed lobbyist voor Israël. In 1972 attaqueerde hij op een vuige manier de toenmalige voorzitter van de Israëlische Liga voor Mensenrechten, Israël Shahak, omdat die te kritisch was voor de Joodse staat. Later keerde hij zich ook tegen Norman Finkelstein en Noam Chomsky, en tegen Stephen Walt en John Mearsheimer toen die in 2006 The Israel Lobby schreven. Zelf werd hij door Noam Chomsky ontmaskerd als een plagiaatpleger. Zijn boek The Case for Israël (2003) bleek grotendeels afgeschreven van een eerder gepubliceerd propagandaboek From Time Immemorial (1984) van Joan Peters. De man staat in de VS bekend als Professor of Torture. Hij stelde als eerste, hierin gevolgd door Benjamin Netanyahu, dat de Conventies van Genève moeten worden afgeschaft en dat onder oorlogsomstandigheden het doden van burgers alsook folteren mag. Heeft Bart De Wever bij hem zijn mosterd gehaald als hij het had over de “herziening” van de Conventies van Genève nalv de vluchtelingencrisis?

Dat je in zo’n opgejutte pro-Israël en anti-islam meeting je als rechtse rakker ook laat gaan is dan niet verwonderlijk. Zoals het oeroud Vlaams spreekwoord zegt: “Waar het hart van vol is, loopt de mond van over.”