Daesh (IS) heeft nog altijd weinig te vrezen

Dabiq
Facebooktwittergoogle_plusmail

“We zullen IS vernietigen”, verzekert VS-president Barack Obama. Hoe? Na meer dan een jaar bombardementen van een zogenaamde ‘internationale coalitie’ staat Daesh (IS) er sterker voor dan tevoren. Meer bommen, nu ook Britse, zullen daar weinig aan veranderen. Dan toch te land? Maar met wie? Om wat te bereiken? De precedenten van Afghanistan en Irak zijn weinig bemoedigend.

 

 

Pover

Een blik op de kaart na meer dan een jaar “internationale coalitie” (rond 60 landen) volstaat om de mislukking te zien. Daesh veroverde in Syrië Palmyra en zit er nog steeds. Het veroverde in Irak de stad Ramadi, de belangrijkste van de uitgestrekte Anbar provincie. Iraakse troepen melden nu wel dat ze een stuk van die stad heroverd hebben, maar hun verliezen zijn zwaar en hun opmars zeer onzeker. Alleen de Koerden slaagden erin Daesh terug te dringen, ze namen in noordelijk Irak de plaats Sinjar in. Tot daar de povere balans (zie ook ‘IS heeft weinig te vrezen’, Uitpers 11 augustus 2015).

Wordt er te weinig gebombardeerd? In 1999 was de Navo alleszins niet gierig bij het bombarderen van Servische doelwitten om Kosovo los te maken van Servië (Kosovo dat nu veel rekruten aan Daesh levert). De meeste deelnemers aan de VS-coalitie zijn weinig gemotiveerd: Saoedi-Arabië voerde zijn meest recente bombardementen uit in september 2014, sindsdien wendt het al zijn middelen aan in Jemen. Turkije voegde zich deze zomer bij de coalitie maar is alleen geïnteresseerd in het indijken van de Koerdische PKK; de Turkse militaire invasie van de voorbije dagen is beslist niet tegen Daesh gericht.

Op de grond

Maar meer bombardementen zou Daesh evenmin op de knieën krijgen. Om Daesh terug te dringen, niet eens te vernietigen, zijn volgens militaire experts grondtroepen nodig. Maar de westerse aarzeling is groot. VS-president Barack Obama heeft niet voor niets de Amerikaanse troepen uit Irak weggehaald en de Amerikaanse aanwezigheid in Afghanistan danig teruggeschroefd. Niemand staat te springen om grondtroepen te sturen, het risico is groot dat westerse grondtroepen de toestand alleen maar erger maken en Daesh nog veel meer rekruten oplevert. Voorlopig blijft alles dus beperkt tot ‘speciale eenheden’, vooral in Irak om er het regeringsleger bij te staan. Want met wie samenwerken in Syrië, tenzij met de Koerdische tak van de PKK en zijn bondgenoten.

Er zijn nog andere gewapende strijders op de grond, maar dat ligt moeilijk om er mee samen te werken: het Syrische regeringsleger, Al Qaeda en zijn bondgenoten, de Hezbollah, de Iraakse sjiïtische milities die er eerder mee dreigden op de Amerikanen te schieten als ze in hun buurt kwamen.

Die sjiïtische milities zijn er mede verantwoordelijk voor dat Daesh zo sterk staat in het noorden van Irak. Vooral vanaf 2009 hebben ze immers de soennitische bevolking in het noorden van Irak zwaar geterroriseerd, zodat veel soennieten in deze milities een veel groter gevaar zien dan in Daesh.

Echte staat

De Islamitische Staat als staat is geen fictie. Het kalifaat bestuurt de gebieden die het controleert. Het int belastingen, het voedt de staatskas verder met opbrengsten van de uitvoer – olie, katoen, graan enz., het controleert de markten, onder meer tegen woeker, het handhaaft de orde, het heeft een strijdmacht. Het kalifaat kan rekenen op steun bij een deel van de bevolking die het zeker in Irak als een beschermer tegen erger ziet.

Deze staat heeft invloedrijke buitenlandse vrienden. In alle Arabische landen zijn er gefortuneerde geldschieters, zijn er vaak ook invloedrijke sympathisanten, en zijn er vooral leiders die in Daesh een dam zien tegen de gehate sjiïtische gordel (met o.m. Iran, Assad, Hezbollah en de Houthi van Jemen).

Uitzwerming

Er is meer: het kalifaat zwermt ondanks alle bombardementen razendsnel uit, het zou nu al filialen hebben in meer dan 40 landen. In Libië controleert Daesh het strategische Syrte en een kuststrook van 200 kilometer. De opmars van Daesh bengt de twee grote rivaliserende blokken er zelfs toe toch met elkaar te praten. In Egypte opereert het in een groot deel van de Sinai. Daesh is ineens opgedoken in Jemen waar het een concurrentieslag levert met Al Qaeda.

In Afghanistan zijn de Taliban verbolgen omdat Daesh hun krijgers doet overlopen en steeds actiever wordt. Abu Sayyef in het zuiden van de Filippijnen ziet Daesh wel zitten. In Somalië controleert het filiaal steeds meer terrein. Boko Haram, dat zich tot Daesh bekeerde, is actief in vier Afrikaanse staten… Het is duidelijk: het kalifaat is verre van geïsoleerd, het volstaat al lang niet meer alleen in Syrië en Irak strijd te voeren.

Na vier jaar wordt nu ook gedacht aan de geldstromen van het kalifaat. De bronnen van inkomsten droogleggen door onder meer de smokkel in olie te beletten. Maar dat stuit op de brede medeplichtigheid van leidende Turkse kringen bij die smokkel.

Daesh toch maar trachten te treffen in het hart? In het Syrische Rakka en het Iraakse Moessoel? De regering in Bagdad kondigde begin dit jaar een groots offensief aan om ‘Mossoel te bevrijden’, maar dat is op de lange baan geschoven, zo eenvoudig is het niet. Vooral het op grote schaal inzetten van kamikazes vol explosieven maakt veel slachtoffers en schrikt het Iraakse leger af.

Militair genie

Vooral omdat dit Iraakse leger goed weet dat het te maken heeft met ervaren tegenstanders: topgeneraals en experten van het leger en van de geheime diensten van Saddam Hoessein. Toen de Amerikanen Saddam hadden ten val gebracht, ontbonden ze het Iraakse leger, waardoor in één klap 400.000 gewapende mannen werkloos werden. Vooral een deel van het officierenkorps zit nu in de leiding van Daesh. Het waren zij die de inname van Mossoel organiseerden, het zijn zij die het militair genie van het kalifaat vormen. Wapens vonden ze in overvloed in de depots die het vluchtende Iraakse leger vorig jaar achterniet en bij de bloeiende wapensmokkel.

Zijn die officieren extremistische soennitische moslims? Het zijn vooral militairen die wraak nemen voor de vernedering van 2003 en die in de onderdrukking van de Arabisch soennitische bevolking een uitgelezen aanleiding vinden. Voor hen is de jihad een middel om massaal te rekruteren.

Ze kunnen daardoor rekenen op tienduizenden gemotiveerde strijders die een echt leger onder eenprofessioneel commando vormen. Zelfs als massale aanvallen uit de lucht en te land hen uit hun bolwerken zou kunnen verdrijven, dan betekent dat nog lang niet het einde van het kalifaat en Daesh. Niet alleen omdat ze andere terreinen buiten Irak en Syrië hebben, maar vooral omdat zij – zoals de Afghaanse Taliban – in het decor zullen verdwijnen in afwachting dat ze kunnen terugslaan. Aan kandidaat-kamikazes ontbreekt het niet.

Dabiq

Daesh biedt zijn volgelingen een sterk coherent wereldbeeld: we gaan naar de definitieve confrontatie tussen het leger van de ware gelovigen en dat van de ongelovigen, de afvalligen, de ketters (de sjiieten voorop). De internationale coalitie(s) zijn voor Daesh het bewijs dat de slag tussen de ware gelovigen en de laatste kruisvaarders nakend is. En volgens een uitspraak van de profeet zal die slag zich afspelen in het plaatsje Dabiq, ten noorden van het Syrische Aleppo. Vandaar ook de naam van het tijdschrift van het kalifaat, ‘Dabiq’.

Om die confrontatie te bespoedigen, moet polarisatie worden aangemoedigd. De aanslagen in Parijs, San Bernardino enz. moeten een klimaat van confrontatie scheppen. Het werkt, Donald Trump en compagnie (zoals Wilders) spelen volledig in de kaart van Daesh: door de islam in zijn geheel en alle moslims als terroristen of aanhangers ervan te brandmerken, neemt de islamofobie overhands toe en voelen meer en meer moslims zich gediscrimineerd, bedreigd. Wat Daesh dus goed uitkomt, dan kan het nog meer rekruteren.

Voortekenen

Via uitgebreide gesofisticeerde communicatie sturen de predikers van Daesh dagelijks de hersenspoelende boodschap door dat alweer nieuwe tekenen wijzen op de nakende confrontatie. Vrouwenslavernij, het bestaan van het kalifaat enz. zijn allemaal voorspeld als voorbodes, aldus de preken. Na de confrontatie kan dan de Messias komen en is de dag van het Laatste Oordeel nakend. Dit is dus een uitgelezen tijd voor kamikazes. En inderdaad, tot blijdschap van Saddams officieren kunnen zij tegenstanders als het Iraakse leger en vooral de Koerden bijna dagelijks met zelfmoordcommando’s bestoken.

Een product van obscurantisme? Ongetwijfeld, maar de hysterische campagnes van een Trump en co moeten er nauwelijks voor onderdoen. Zij voeden elkaar, en daardoor wordt het met de dvag nog moeilijker Daesh in te dammen, laat staan uitschakelen.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.