Frankrijk in oorlog? Was dat niet al langer zo?

stille wake in Gent Parijs
Facebooktwittergoogle_plusmail

Het ochtendjournaal deed me wat ongemakkelijk schuiven op mijn stoel. Het lijkt er naar uit te zien dat Europa zijn eigen 9/11 scenario aan het schrijven is. Volgens president Hollande heeft Daesh (IS) een aanslag beraamd “tegen datgene wat wij zijn, een vrij land dat met de hele planeet praat.” Waarbij de Franse president eventjes vergeet dat zijn land nogal heel gemakkelijk communiceert met wapengekletter. Veel wapengekletter zelfs. (foto: Dieter Boone)

Sinds 2011 heeft Frankrijk zijn wapens laten spreken in achtereenvolgens Ivoorkust, Libië, Mali, Centraal-Afrikaanse Republiek, Irak en Syrië. Dat is meer dan een militaire interventie per jaar! Ik ga niet beginnen aan de ontzettend lange lijst van eerdere postkoloniale interventies, laat staan het bloedige koloniale verleden zelf in landen als Algerije, maar ook in het Midden-Oosten. Of de verantwoordelijkheid van Frankrijk in het koloniale opdelen van het Midden-Oosten (Sykers-Picot) waar de regio vandaag nog altijd veel problemen uit oogst. Ik wil het ook niet hebben over de grote steun aan dictators als Ben Ali in Tunesië, de Franse wapenhandel zoals het miljardencontract afgesloten met het Egypte van dictator Sisi, of hoe het Franse militaire apparaat meer dan het humanitaire vooral er op uit is om de economische belangen (uranium in Afrika bv.) veilig te stellen.

Ik wil het hebben over de band tussen de oorlog in Syrië en de blinde terreur in Parijs. Voor Hollande is zijn land zoals gezegd in oorlog. Was dat niet al langer zo? Frankrijk heeft zich van meet af aan diep in het Syrische conflict gepositioneerd. Niet alleen door als een van de eerste landen de oppositie te steunen om te komen tot ‘regime change’. Dat was pas het ‘geweer van schouder veranderen’ (vergeef me de uitdrukking in deze context). Was het immers niet zo dat een paar jaar eerder – 2008 om precies te zijn – de Syrische president al-Assad nog officieel uitgenodigd werd op het défilé van Quatorze Juillet, om vervolgens met president Sarkozy gezellig te gaan tafelen en te kijken welke contracten er voor het Franse bedrijfsleven te versieren vallen?

Franse wapens voor Syrië

Vorig jaar maakte de Franse krant Le Monde bekend dat Frankrijk ook meehielp met het voeden van de Syrische oorlog door wapens te leveren aan het ‘gematigde’ Vrije Syrische Leger’ (FSA). Dat was nadat (of toch al eerder?) Parijs en Londen (mei 2013) eisten dat het Europees wapenembargo voor Syrië niet langer zou gelden voor de gewapende oppositie. Dat was niet meteen een succesvolle operatie. Veel van die wapens zijn bij radicale Islamistische strijders terecht gekomen, hetzij omdat hele groepen er naar zijn overgelopen, hetzij omdat de depots – Le Monde beschrijft zo’n incident – van het FSA werden geplunderd door deze strijders. Het was wishful thinking. Het FSA kreeg nooit echt voet aan grond. Het bleken vooral radicale groepen zoals Jabhat al Nusra, IS en Ahrar al-Sham met het door Saudi-Arabië (onze bondgenoot) opgezette Islamitisch Front te zijn die het terrein militair domineerden.

Vertrokken naar nieuw oorlogsmoerras?

Maar goed, nu is Frankrijk pas echt in oorlog, dixit Hollande. Hij en zijn premier laten de spierballen rollen en de daad wordt bij het woord gevoegd door IS doelwitten in Raqqa (de ‘IS-hoofdstad’ in Syrië) te bombarderen. Dit begint op Afghanistan te lijken. Er is geen mandaat van de VN-Veiligheidsraad nodig, zo wordt geoordeeld, want het gaat om zelfverdediging. Vervolgens zullen de NAVO-landen worden geconsulteerd om Frankrijk solidair bij te staan overeenkomstig artikel 5 van het NAVO-verdrag: als een land wordt aangevallen, dan springen de andere lidstaten solidair bij. En dan? Gaan we dan weer in de richting van een uitzichtloos oorlogsmoerras met vele doden en gewonden? Met destabiliserende gevolgen in Libanon en inperkingen van burgerlijke vrijheden in Frankrijk en buurlanden onder het mom van de terreurdreiging? Eerlijk gezegd, ik heb ook niet op alles een antwoord klaar. Maar ik denk wel te weten dat er slechte antwoorden zijn. En nu de oorlog opvoeren zonder eerst na te denken wat de mogelijke gevolgen zijn is voor mij zo’n slecht antwoord. Wat Frankrijk – met de steun van ons land – doet is het antwoord geven dat IS zo graag wil uitlokken. Als de ‘grote Satan’ zich nog meer militair begint te roeren, dan is dat spek naar de bek en begint de rekruteringsmachine voor zelfmoordaanslagen pas echt op volle toeren te draaien. Een slecht antwoord dus, zoals de meeste eerdere militaire interventies slechte antwoorden waren en hetgeen we beweren te bestrijden juist sterker heeft gemaakt.

Lichtpuntje

Er is in al die duisternis misschien toch een lichtpuntje. De aanslagen verhogen misschien de noodzaak bij de internationale en regionale machten om eindelijk ernstig werk te maken van een politiek proces in Syrië. Zij hebben de macht – gezien zij het conflict ook politiek, militair en financieel voeden – om hun proxy’s rond de tafel te dwingen en een toekomstplan voor het land uit te tekenen. Vervolgens kunnen zij het lokale antwoord geven op het probleem IS, maar ook alle andere problemen. Want wat Syrië nodig heeft is een toekomstplan dat niet alleen vrede en veiligheid brengt, maar ook een samenlevingsmodel dat respect brengt voor alle etnische en religieuze groepen, voor democratie en mensenrechten. En dat kan, want dat is de wil denk ik van de meerderheid van de Syrische bevolking die nu jammer genoeg niet aan het woord komt.

 

Ludo De Brabander studeerde pers- en communicatie aan de Universiteit Gent. Sinds 1995 werkt hij voor Vrede vzw, een linkse vredesorganisatie met kantoor in Gent. Tegenwoordig is hij er de woordvoerder. Hij is auteur van o.m. 'Als de NAVO de passie preekt' (EPO, 2009 - samen met Georges Spriet) en 'Oorlog zonder grenzen' (EPO, 2016). Hij is van bij de start (1999) redactielid van Uitpers