Xi is er niet gerust in

Xi jinping
Facebooktwittergoogle_plusmail

De Volksrepubliek China lijkt op de sukkel. Beurzen die met grote sprongen op en neer gaan, een zeepbel in de vastgoedsector, gevoelige daling van de economische groei en van de uitvoer, groeiende twijfels over de betrouwbaarheid van de Chinese statistieken… Het zet allemaal een domper op de euforie enkele maan den eerder na de grote bijval voor China’s nieuwe “wereldbank”, de Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB). Na de overdrijvingen rond de reus China, de overdrijvingen van de onheilsprofeten? Is China nu ineens een reus op lemen voeten? Prada, BMW en co kijken bezorgd toe.

Speculeren

De inzakking van de aandelenkoersen op de beurzen van Shanghai en Shenzen (zie ook Uitpers 8 juli: Chinese en andere zeepbellen) kwam ook voor de Chinese overheid als een schok. Ze stond voor het voorspelbare dilemma te kiezen tussen de zogenaamde ‘marktmechanismen’ aan de ene kant, de wil van de partijleiding om alles te controleren aan de andere.

De leiding greep naar een voor de hand liggend paardenmiddel: zelf aan de markt deelnemen om de marktmechanismen een neus te zetten. De grote beleggers werden verplicht deel te nemen aan de ‘China Securities Finance Corporation’ die daarmee dan op de beurs tussenkwam om de koersen te doen herstellen. Volgens Goldman Sachs – niet altijd even betrouwbaar, zie Griekenland – heeft die tussenkomst 130 miljard euro gekost. Met een beperkt resultaat, zelfs in een éénpartijsysteem is het niet eenvoudig de beursspeculatie naar uw hand te zetten, je moet er zelf aan deelnemen. De staat die tussenkomt om de markt te redden, we kennen dat maar al te goed.

Yuan

Daarop kwam China de jongste tijd in het nieuws met de koers van de yuan. Vooral de Verenigde Staten klaagden jarenlang steen en been dat de yuan ondergewaardeerd was waardoor China zo goedkoop kon leveren. Er was ook vanuit het IMF grote druk om de yuan op te waarderen, wat China deed.

Maar toen kwamen de slechte cijfers over de handel binnen In juli lag de uitvoer 8.3% lager dan een jaar eerder, en dat heeft niet alleen met dalende prijzen te maken, het volume daalt. Het is iets wat buitenlandse specialisten die de containerhandel volgen, al eerder was opgevallen. Dergelijke experts hebben twijfels bij veel officiële cijfers, ook die over de economische groei. De 6.8 % die officieel wordt opgegeven, zou in feite redelijk lager zijn. Hoeveel, dat is overwegend speculatie.

Prada

Hoe dan ook, China zit nu met de koers van de yuan te spelen in een moeilijke combinatie van markt en staatstussenkomst: de yuan mag een beetje schommelen rond de vastgestelde koers. Maar de trend is duidelijk: China is de yuan aan het devalueren om zijn uitvoer op te krikken. Zoals Japan onlangs deed, zoals de Europese Centrale Bank deed. Het is slecht nieuws voor Prada, Louis Vuitton, de grote champagnemerken enz. want de invoer van hun producten wordt duurder, voor sommige nieuwe rijken te duur.

De daling van de uitvoer heeft te maken met de economische sloomheid bij veel klanten, maar ook met delocalisaties. Beijing heeft de binnenlandse markt aangewakkerd, de lonen zijn gestegen, met als gevolg dat bedrijven wegtrekken. Dat gebeurt deels naar goedkopere zones binnen China, het westen, maar ook zuidwaarts, richting Cambodja en Vietnam onder meer.

Prijzen

De binnenlandse vraag sputtert echter niet alleen voor luxemerken. Het aantal verkochte wagens, een belangrijke index, daalt, terwijl de openbarstende zeepbel in de bouw de vraag ook drukt. Veel lokale en regionale overheden en veel particulieren zitten met schuldenbergen, wat het bankwezen onder druk zet. China begint door de dalende vraag nu al het spook van de deflatie te zien. Het is ook een spookbeeld voor de rest van de wereld.

Dat is verontrustend voor de politieke leiders van de Volksrepubliek. Het sociaal protest neemt toe, comités in Hongkong die de sociale onrust op de voet trachten te volgen, hebben het over een toenemend aantal grote stakingen.

Sociaal spookbeeld

En dat is een ander spookbeeld voor president Xi Jinping. Wat als die sociale onrust niet beperkt blijft tot lokale of bedrijfsprotesten, maar verder uitdeint… De enorme verspreiding van de ‘sociale media’ maakt het risico op uitdeining groter. De Chinese samenleving is ook minder geatomiseerd dan bijv. de Russische, bovendien hebben de interne tegenstellingen binnen de Communistische Partij, waarbij fracties elkaar ooit bekampten door een beroep te doen op de verheerlijkte massa’s, tot gevolg gehad dat tegenstellingen binnen de samenleving meer naar boven komen.

En er zijn tegenstellingen zat in het China van 2015. De economische groei die botst met de dringende noodzaak het milieu beter te beschermen. De tegenstellingen tussen de grote groeiregio’s en het binnenland. De demografische problemen met een ongewoon numeriek overwicht van mannen plus de vergrijzing, neveneffecten van de één-kind-politiek. En vooral de ontstellende sociale ongelijkheden, met de groei van elitescholen en ziekenhuizen voor de rijken en machtigen in een land dat zich nog altijd op weg naar het socialisme noemt. De realiteit botst hier wel elke dag erger met de theorie.

Xi’s nachtmerrie

Het is de nachtmerrie van Xi en compagnie dat het Chinese model eenzelfde lot zou kunnen beschoren zijn als de Sovjet-Unie, namelijk een implosie van land en systeem. In het begin van de jaren 1980 stelde de Sovjetleiding vast dat ze in een illusie leefde, namelijk de illusie dat ze greep had op de maatschappij. Toen ze wou ingrijpen, was het te laat, een implosie volgde. Een deel van de bureaucratie stuwde het land naar die implosie om eindelijk haar droom te verwezenlijken: zelf kapitalist worden. De Chinese bureaucratie heeft niet op een implosie gewacht vooraleer kapitalisten van een nieuwe soort te worden.

Maar om dat te bestendigen moeten ze permanent klaar staan om hun zeer materiële belangen te vrijwaren. Naarmate de toestand moeilijker wordt, grijpt de leiding meer en meer naar repressie. Al wie zich van ver of dichtbij bezighoudt met (grondwettelijk gewaarborgde) rechten en vrijheden, wordt geïntimideerd of opgesloten. Beheerders van Internet-instellingen worden permanent onder politietoezicht geplaatst.

Xi betrouwt zijn eigen veiligheidsdiensten niet. In naam van de strijd tegen de corruptie zuiverde hij die veiligheidsdiensten – die in elk autoritair een mogelijke concurrent zijn voor politieke leiders (Stalin liquideerde Beria, Xi deed vorig jaar de chef van het veiligheidsapparaat, Zhou Yongkang, arresteren en levenslang opsluiten). Boven de bestaande instanties creëerde Xi een Nationale Veiligheidscommissie, vrezend dat de situatie in het land ontspoort en het regime daardoor zou verrast worden. Het zou immers niet de eerste keer zijn.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.