Griekenland: “Enorme schulden voor wapens die het niet nodig heeft”

frankslijper
Facebooktwittergoogle_plusmail

De Nederlandse econoom Frank Slijper publiceerde onlangs het rapport “Wapens, Schuld en Corruptie: Militaire uitgaven en de crisis van de EU“. Het toont een verband tussen de schuldencrisis en de hoge niveaus van militaire uitgaven in het zuiden van Europa. Een gesprek met de auteur: “Een krankzinnig niveau van militaire uitgaven heeft Griekenland in enorme schulden gestort voor wapens die het niet nodig heeft.”

Frank Slijper is een Nederlandse econoom gespecialiseerd in vraagstukken over wapenhandel en militarisering. Hij is onderzoeker aan het in Amsterdam gevestigde Transnational Institute en hoofd van de NGO-campagne tegen Wapenhandel. Zijn publicaties over het militair-industrieel complex van de Europese Unie, het ruimtevaartbeleid van de EU en het Europees Defensieagentschap vormen een fundamentele bijdrage aan de analyse van huidige processen van militarisering.

Zijn recentste TNI-rapport Wapens, Schuld en Corruptie: Militaire uitgaven en de crisis van de EU toont het inherente verband tussen de schuldencrisis en de hoge niveaus van militaire uitgaven in het zuiden van Europa. De navolgende gesprek spitst zich toe op de Griekse zaak, maar de implicaties van Slijpers beweringen gelden ook voor andere Europese landen en zijn van belang voor elke betrokken burger.

Wat zijn de belangrijkste bevindingen van uw rapport? Is het uit de pan gerezen militaire budget van Griekenland een factor die bijdraagt aan de economische situatie van het land?

“Voorafgaand aan de crisis vergrootten de meeste EU- en NAVO-landen hun militaire uitgaven aanzienlijk. Dit compenseerde geheel of gedeeltelijk de bezuinigingen na de Koude Oorlog. Hoewel de militaire uitgaven van de VS het meeste toenamen, gebeurde dat in Europa ook sterk in Griekenland en Cyprus. Toen de militaire uitgaven eindelijk verminderden als gevolg van bredere bezuinigingsmaatregelen – maar voornamelijk pas sinds 2010 – trof dat het personeel veel meer dan wapeninvesteringen. En toch, met inflatiecorrectie zijn de militaire uitgaven van veel Europese landen vandaag hoger dan tien jaar geleden. Ook al is Europa veiliger dan ooit en zijn er geen serieuze bedreigingen. Dus de militaire mantra dat uitgaven onder een geloofwaardig niveau zijn gedaald, is volledig ongegrond.”

Het gebruikelijke tegenargument gericht aan critici van hoge militaire uitgaven is dat Griekenland bedreigd wordt in haar territoriale integriteit door Turkije. Wat is uw reactie daarop?

“Volgens de meeste experts is de dreiging veel kleiner dan pakweg tien of twintig jaar geleden. De relatie is aanzienlijk verbeterd en ook Turkije is bereid om aan vertrouwenwekkende maatregelen te werken. Opnieuw, het is belangrijk om in te zien dat het leger belang heeft bij het in stand houden van een sterke positie door vermeende bedreigingen te overdrijven. Ze willen ons doen geloven dat de economie in gevaar komt door verdere besparingen op defensie, terwijl militair verbruik in feite een zeer dure banenschepper is gebleken.”

Griekenland kenmerkt zich door een vrij minimale wapenproductie, dus het is moeilijk om te spreken van een ‘militair-industrieel complex’ in de handboekbetekenis. Welke belangen worden gediend door de handhaving van hoge militaire uitgaven in het geval van wapenimporterende landen als Griekenland?

“Het is allereerst een militair belang. Maar net zoals de meeste tweederangs (meestal kleinere) wapenproducerende landen handhaaft Griekenland een zogeheten offset beleid. Dat beleid is bedoeld om een bepaald percentage van een wapenopdracht geretourneerd te krijgen in binnenlandse opdrachten – liefst in de vorm van coproductie, bijvoorbeeld van onderdelen voor het aan te kopen wapensysteem. Dit is een zeer dure en inefficiënte vorm van industrieel beleid. Terwijl men opschept over enorme resultaten voor werkgelegenheid die vaak niet worden geboekt, blijkt het in de realiteit bijna altijd een schandalige ondersteuning van een industrie die volledig ongeschikt is om te overleven. Dat is ook wat er is gebeurd in Griekenland, en daarom wil de overheid die zeer onrendabele handel nu verkopen. Het is een wederzijds voordeel dat zowel de militaire belangen (‘toys for the boys’) als die van de wapenindustrie behartigt.

Men spreekt grote woorden over nationale veiligheid en hamert op werkgelegenheid. In het geval van Griekenland weet ik het niet zeker, maar in elk geval in Nederland kiezen vakbonden vaak blindelings de kant van het leger en bedrijven die nieuwe wapendeals bevorderen, omdat ze uitstekende vooruitzichten op werkgelegenheid beloven. En de geschiedenis herhaalt zich hier keer op keer, helaas, terwijl er met veel minder geld werkgelegenheid kan worden gecreëerd elders in de economie. Dat toon ik ook aan met de voorbeelden in mijn rapport.”

Duitsland heeft het voortouw genomen in de retoriek van de fiscale discipline. Is het niet relatief tegenstrijdig om voor bezuinigingen op de overheidsbegroting te pleiten en tegelijkertijd de verkoop van belangrijke wapens, zoals de Leopard 2 tanks en de Type 214-onderzeeërs, aan Griekenland te promoten?

“Natuurlijk is dat tegenstrijdig: zowel Griekenland als Portugal hebben fortuinen uitgegeven om Duitse onderzeeërs te kopen, en ze zullen de komende jaren nog honderden miljoenen betalen voor deze boten (en ik vraag me af wat de strategische logica is geweest om ze te kopen). Griekenland schijnt plannen te hebben om er nog meer te kopen en Duitsland is natuurlijk blij te leveren. Maar wat is de logica als je tegelijkertijd bezuinigingsmaatregelen op de mensen loslaat, in lonen en pensioenen snijdt, gezondheidszorg en onderwijs – als je niet ophoudt wapens te kopen die je eigenlijk niet nodig hebt? De vorige minister van Buitenlandse Zaken Theodore Pangalos zei dat hij zich“gedwongen” voelde “om wapens te kopen die we niet nodig hebben” en dat hij die deals als een “nationale schande” ervoer. Dan is het hoog tijd voor een radicale shift, weg van de cultuur van onbetwiste militaire uitgaven die jaarlijks miljarden van de belastingbetaler verspillen, geld dat zeker nu veel beter gebruikt kan worden om Griekenland uit deze economische ellende te krijgen.”

Speelt de NAVO een rol in het opleggen van een zekere ‘discipline’ ten gunste van wapenimport en de handhaving van grote militaire budgetten in het zuiden?

“Secretaris-generaal Rasmussen heeft de afgelopen jaren elke gelegenheid aangegrepen om de nood aan hoge militaire uitgaven te benadrukken, om verdere bezuinigingen te voorkomen. Elke keer wordt de valse vergelijking van Europa met de VS gebruikt om de indruk te wekken dat we in gevaar zijn, want Washington geeft zoveel meer uit. Zulke mensen vermelden nooit dat het budget van het Pentagon geen gelijke kent, zeker niet in absolute zin, maar ook niet als percentage van het BNP (Bruto Nationaal Product). Enkel een paar landen in het Midden-Oosten, zoals Saoedi-Arabië en Israël (gevoed door aanzienlijke Amerikaanse militaire hulp), bereiken dat niveau. Griekenland was lange tijd het enige land in de EU dat ook maar in de buurt kwam van dat krankzinnige niveau. Kijk wat het voor Griekenland heeft aangericht: enorme schulden voor wapens die het niet nodig heeft. Zelfs binnen het leger geeft men toe dat de grote wapendeals met Frankrijk, Duitsland en de VS enkel financiële ellende hebben opgeleverd. Het zou veel beter zijn als mensen een voorbeeld namen aan Ierland, dat Europa’s kleinste deel van het BNP aan strijdkrachten besteedt.”

In uw werk verwijst u naar het bestaan van een militair-industrieel complex op het niveau van de EU. Heeft de crisis de functie van dat complex getroffen en zo ja, op welke manier?

“Gedeeltelijk wel, omdat dalende nationale begrotingen in zekere zin haar vooruitzichten op nieuwe opdrachten en programma’s hebben beperkt. Aan de andere kant – met toegenomen overheidssteun, juist vanwege de crisis –concentreren ze zich meer op andere markten in het buitenland, of het nu BRICS-landen zijn of Arabische oliestaten, die tot nu toe niet beïnvloed zijn door afslanking van de militaire budgetten. Ondanks de veroordeling tijdens de Arabische Lente van de verkoop van EU-wapens aan dictators in het Midden-Oosten en Noord Afrika is het twee jaar later weer business as usual. En je ziet sterke druk in Frankrijk, in het Verenigd Koninkrijk, in feite in de meeste landen, om veel van de (voorgestelde) bezuinigingen ongedaan te maken. Premier Cameron zei onlangs dat de Koreacrisis weer toonde waarom Groot-Brittannië miljarden ponden moet uitgeven om haar onderzeeërs met nucleaire raketten te vervangen. Zowel de industrie als het leger hebben een gedeeld belang om bedreigingen te overdrijven, ten koste van de burgers die de rekening betalen.”

Tot slot, is er een alternatief voor de permanente ‘wapeneconomie’ zoals voorgesteld in het geval van Griekenland? Wat is uw eigen visie op een sociaal en economisch model dat de constante wapenstrijd zou kunnen vervangen?

“Een fatsoenlijke, intensieve discussie in de gehele samenleving over hoe we denken over militaire uitgaven, en over de alternatieven: over de opofferingskosten van militaire uitgaven en over voorbeelden van alternatieve benaderingen van veiligheid: werkzekerheid, sociale zekerheid, menselijke veiligheid. Ik ben ervan overtuigd dat de meeste mensen liever toewerken naar een constructieve dialoog met Turkije dan doorgaan met een eindeloze wapenwedloop die enkel ten goede komt van de wapenindustrie. Hoe zit het met een focus op innovatieve technologieën op gebieden als groene energie? En natuurlijk toerisme: laat de buitenwereld zien dat je corrupte ambtenaren, bankiers en industriëlen hebt opgedoekt, en dat je de macht terug aan het volk hebt gegeven. Denk aan hoe IJsland is herrezen uit een gigantische crisis.”

 

Dit interview verscheen eerder op De Wereld Morgen: http://www.dewereldmorgen.be/artikel/2015/03/05/griekenland-enorme-schulden-voor-wapens-die-het-niet-nodig-heeft

De oorspronkelijke, Engelse versie van dit interview vind je Analyze Greece! http://www.analyzegreece.gr/interviews/item/145-frank-slijper-an-insane-level-of-military-spending-led-greece-to-massive-debts-for-weapons-does-not-need