De nachtmerrie van schalie

schalie
Facebooktwittergoogle_plusmail

In Oakland, de overkant van San Francisco, betoogden zaterdag 7 februari tienduizend mensen tegen ‘fracking’, de ontginning van schaliegas en –olie uit rotsen. De nochtans als ‘groen’ geboekstaafde gouverneur Jerry Brown ziet er geen graten in dat de ontginners van die schalie-energie  massaal afvalwater in putten gooien die in de waternappen en zo in het drinkwater terechtkomen. In dat afvalwater zitten onder meer lood, arsenicum en benzeen. De betogers willen dat Brown het voorbeeld van zijn Newyorkse collega Cuomo volgt en fracking gewoon verbiedt.

Alleen al de enorme schade die deze technieken aan milieu en volksgezondheid toebrengen, zouden de regeerders er moeten toe brengen daar een halt aan te maken. Gouverneur Brown verweert zich, hij wijst met de vinger naar de Californische inwoners die volgens hem alleen al met hun wagens 53 miljard liter benzine per jaar verbranden. “Niemand stelt een moratorium op de wagen voor”, aldus Brown die intussen met dat sofisme het water voor mens en dier laat aantasten.

Geldputten

De exploitanten van schalie liggen weinig wakker van de protesten, ze worden al jaren geconfronteerd met tegenstanders die wijzen op de grote schade voor de volksgezondheid van die ontginningen. Sommige laten echter wel hun slaap omdat het financieel niet zo goed gaat met die ontginningen. De meesten werken met verlies sinds de energieprijzen zo sterk daalden. De ironie is dat die prijzen zo daalden ten gevolge van de toenemende productie van schalieolie en gas.

Dankzij die energie uit de rotsen heroveren de Verenigde Staten na bijna een halve eeuw hun positie als energieproducent nummer één. Dat hebben ze te danken aan die ‘schalie-energie’ die de productie enorm deed stijgen. De VS waren tot voor kort grote invoerders (tien jaar geleden nog 60 % van hun verbruik), nu denken ze aan uitvoer.

Die prijzen blijven ook zo relatief laag omdat Saoedi-Arabië absoluut weigert om binnen de Opec (Olieproducerende en uitvoerende landen) afspraken te maken over productievermindering. Met die prijzenoorlog beogen de Saoedi’s twee fronten. Ze slaan hard toe in de beurs van hun grote vijand Iran en van diens bondgenoten Rusland en Venezuela. Maar hun prijzenoorlog is vooral gericht tegen de schalieboeren die de Saoedische positie op de wereldmarkt danig hebben ondermijnd.

Uitputting

Saoedi-Arabië betrouwt erop dat het een lang conflict uiteindelijk zal winnen. Schalie-energie is hoogstens een middellang leven beschoren, en zelfs dat is niet zeker. Schalie-ontginning is veel duurder dan de ontginning van de olievelden in het Nabije Oosten waar de olie bijna bovendrijft en van goede kwaliteit is. De prijzenoorlog slaat een gat in de Saoedische begroting? Mogelijk een gat van 40 miljard dollar tekort dit jaar? Een tegenvaller, maar ook niet meer. Want met reserves van 750 miljard dollar mag dat een tijdje duren. En intussen zullen, aldus de Saoedische verwachting, de meeste schalieboeren op hun gat zitten. En na die uitputtingsoorlog kan Saoedi-Arabië stilaan zijn hegemonie op de energiemarkt heroveren.

Ze kunnen nu alvast toekijken hoe de olieboeren van de schalie momenteel lijden. Voor de meeste ligt de kostprijs hoger dan de marktprijs. Er moet dus verwoed worden gezocht naar nieuwe technieken om de kostprijs te drukken, maar dat vergt dan weer nieuwe dure investeringen, terwijl zoveel kleinere ontginners al met zware schulden zitten. Onder die investeerders zitten nogal wat ‘start ups’ en speculatieve fondsen die zware risico’s nemen, overtuigd als ze zijn dat ze op termijn de oorlog wel winnen. (Een gelijkaardig investeringsprobleem hebben de gewone oliemaatschappijen die wel veel nog te ontginnen velden hebben, meestal onderzee. Maar waar het zeer veel kost om de energie boven te halen. Veel meer dan de huidige marktprijs. )

Zeepbel?

Bovendien zijn er steeds meer analisten die vinden dat de verwachtingen inzake schalie-energie veel te hooggespannen zijn/waren. De Amerikaanse schalieproductie gaat van nu tot 2035 met 3 miljoen vaten per dag toenemen, waarmee de VS de energiewereld zullen domineren tot in de jaren 2030, aldus een recent rapport van de oliemaatschappij BP. Ook het International Energy Agency denkt daar zo over.

De US Energy Information Administration (EIA), het officiële bureau voor energievooruitzichten, is zo mogelijk nog optimistischer. Volgens EIA zijn investeringen van vele tientallen miljarden in de schalie-ontginning meer dan verantwoord. Maar verscheidene analisten betwisten dat.

Het wetenschappelijk tijdschrift ‘Nature’ verwees in december vorig jaar naar enkele onafhankelijke studies om die prognose van EIA in twijfel te trekken. Onder meer onderzoekers van een Texaanse universiteit kwamen op basis van gelijkaardige studies als die van EIA tot volledig andere conclusies: na 2020 zal het hoogtepunt van schalie-ontginning al voorbij zijn. Nature herinnert aan de vroegere prognoses in Polen: Poolse geologen berekenden dat de ramingen van enthousiaste voorstanders tien keer te hoog lagen, de schaliedroom viel in duigen. En wat als die sceptici in de VS gelijk hebben? Waarom dan zoveel geld investeren in een sector die momenteel niets opbrengt.

Mens en natuur

Opvallend is dat in deze energie-oorlog helemaal geen sprake is van de gevolgen voor mens en natuur. De weerslag op de watervoorraden, de risico’s op bodemverschuivingen, het massaal gebruik van gevaarlijke stoffen spelen geen enkele rol in het beleid. Evenmin het feit dat door die extra-productie en goedkope energie de druk voor een duurzaam energiebeleid sterk afneemt. Waarom windmolens zetten als die rotsenkloverij veel goedkopere energie oplevert…

Die ontginning vergt intussen enorme hoeveelheden water die niet kunnen gezuiverd worden en leidt tot vernieling van natuurgebieden. Ze doet gassen vrijkomen die volgens onderzoeken in de VS giftig zijn en ziekten in de hand werken. De Amerikaanse documentaire ‘Gasland’ (Josh Fox, 2010) liet zien welk onheil die exploitatie reeds heeft aangericht en hoe men dat in de doofpot stopte.

Maar noch Obama, noch Brown lijken daar erg bekommerd om. Zij vinden het belangrijker dat de VS op energiegebied waar op kop staan en daarmee aan extra macht winnen. Ga daarmee naar de klimaattop.

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.