De Bende van Nijvel – Het blunderboek van Hilde Geens

Facebooktwittergoogle_plusmail

Over de beruchte Bende van Nijvel is al veel papier vuil gemaakt, inkt gevloeid. Tussen 1982 en 1985 – het lijkt al oude geschiedenis – liet die in het centrum van het land een spoor van voorheen niet gezien geweld achter. Op de achterflap van het boek staat het nog eens netjes te lezen, 17 raids, 28 doden en ruim 40 gewonden.

Een overzicht

En nooit werd er voor die serie slachtpartijen een man voor het gerecht gebracht. De laatste overval betrof die op het grootwarenhuis Delhaize in Aalst van 9 november 1985 met eventjes 8 doden. Waarbij steevast vooral de onvoorstelbare brutaliteit opviel. Men schoot bewust op onschuldige toeschouwers en zelfs op kleine kinderen.

Hilde Geens heeft samen met een aantal andere journalisten waaronder langs Vlaamse zijde vooral Raf Sauviller en Guy Bouten ook veel werk verricht. Ze was altijd begaan met dit merkwaardig dossier en beet er zich in vast zoals we in onze pers maar zelden zien. Hilde Geens presenteerde met beetgenomen een meesterwerk over het meest moorddadige gerechtelijke dossier uit de Belgische geschiedenis. Ook zij voelt zich beetgenomen, bedrogen.

Nu presenteerde zij haar eerste boek over de zaak, een kanjer van jewelste die haar ook grote eer aandoet. Het is 432 pagina’s dik en geeft vooral een overzicht van het gerechtelijk dossier zelf. Ze vertrekt hierbij niet van bepaalde mooi klinkende hypotheses of vermoedens maar van het gerechtelijk bundel zelf.

Of beter bundels want het dossier van het parket telt mogelijks meer dan 5 miljoen pagina’s. Hoger dan een appartementsgebouw van 26 verdiepingen stelt men in het boek. Dat zij er desondanks nog wijs in raakte lijkt dan ook bijna een mirakel. Het is alleszins het bewijs van haar kwaliteiten als journalist en schrijver.
De meeste journalistiek is plak- en knipwerk, de overname van vooringenomen prietpraat, voorgekauwde propaganda, PR en gehele of halve leugens. Waardeloze rommel. Maar mensen als Hilde Geens bewijzen dat er in journalistenland ook nog wat anders te beleven valt. En dat is kwalitatief kritisch onderzoek zonder oogkleppen. Een verademing.

Droogjesweg

De titel van haar werk zegt al veel over het boek “Beetgenomen – Zestien manieren om de Bende van Nijvel nooit te vinden”. Het is een schokkend relaas over de onvoorstelbare blunders die in dit dossier zijn gemaakt. De incompetentie, dubieus gedrag, kwade wil en criminaliteit van sommigen in het gerechtelijk en politioneel milieu die uit dit boek blijkt is schokkend.

“Ik heb er feitelijk schrik van”, geeft zij in een gesprek toe. Het feit dat zij zich sec over het dossier boog en het ook zo beschrijft maakt het boek nog sterker. Een goede journalist zal niet wild om zich heen slaan, scheldwoorden gebruiken of zelfs beledigen.
Droogjesweg de feiten geven is veel dodelijker dan een incompetente of dubieuze magistraat of flik de huid vol schelden. Het tweede zal van de dader veelal afglijden als water op een eend, het eerste is veelal dodelijker, figuurlijk dan uiteraard.

Het boek is in bepaalde milieus die beroepshalve met het dossier bezig geweest zijn dan ook goed onthaald, mede omdat ze vertrok van een oprechte analyse van het dossier en gewoon constateerde waar de fouten duidelijk lagen.
Neem pagina 72 waar ze in ‘een spoor van bloed’ het volgende schreef:
De moord (op taxichauffeur Constantin Angelou, nvdr.) was een raadsel en het onderzoek een ramp. Magistraat Marcel Thousse, die het dossier doornam in opdracht van de eerste parlementaire onderzoekscommissie, stelde vast dat het onderzoek in de periode voor 10 maart 1986, toen het bij de bundel van de bende van Nijvel werd gevoegd, net als dat van de moord op José vanden Eynde meer dan twee jaar volledig had stilgelegen.
In een periode van drie jaar en twee maanden waren er zes verschillende onderzoeksrechters mee belast geweest, die er geen van alle iets mee gedaan hadden. Het was tijdens die ‘stille’ tijd terechtgekomen op het kantoor van (onderzoeksrechter, nvdr.) Jean-Michel Schlicker in Nijvel en daar werd het gefotokopieerd. Gelukkig maar, want toen er uiteindelijk op gerechercheerd werd, bleek dat het origineel verdwenen was.

Niet onderzocht alibi

Typerend is ook de geciteerde reactie van een onderzoeker als men vraagt of een bepaalde moordpartij ook niet het werk van de Bende van Nijvel kon zijn. Het antwoord was doodsimpel want er was andere munitie gebruikt en dus was dat hun werk niet. Hoe idioot kan men werkelijk zijn.
Ook alibi’s als dat van de later vermoorde Bruno Vandeuren, heel vermoedelijk een lid van de bende, werden niet onderzocht. En dan waren er de corrupte en criminele flikken zoals Madani Bouhouche, Georges Marnette of Robert Beijer die soms mee belangrijke onderzoeken deden of de vroegere collega’s continu op het verkeerde been zetten.

Zo werd de dubbele moord door Westland New Post, een zeer duistere fascistische en gewelddadige groep, in de Brusselse Herdersliedstraat onderzocht door commissaris van de gerechtelijke politie Georges Marnette waarvan men achteraf vermoedde dat hij lid kon zijn. Hij nam als het ware eigenhandig het onderzoek over. Met de gekende gevolgen: een serie gerechtelijke blunders.

Het is diezelfde Georges Marnette die nadien huidig premier Elio di Rupo ‘ontmaskerde’ als een pedofiel. Wat in wezen een poging was om op criminele wijze de regering te doen vallen en de sociaal-democraten in de regering te laten vervangen door liberalen. Een spelletje waarin De Standaard, Het Nieuwsblad en VLD’er Herman De Croo een meer dan dubieuze rol speelden.

Een vroegere Brusselse rijkswachter stelde het ooit zo: “Als we met het speciaal interventie eskadron (SIE) op interventie gingen dan zorgden we er altijd voor dat we nooit met onze rug naar Marnette stonden. De man was gewoon gevaarlijk”, aldus de vroegere rijkswachter. Een verhaal dat de sfeer bij de Brusselse politiediensten in die jaren typeert.

Albert Raes

Typerend is ook de ‘zelfmoord’ van WNP-leider Paul Latinus die opgehangen werd gevonden. Het lijk wordt verwijderd maar nooit gewogen. Wat nochtans essentieel is om te weten of het wel of geen zelfmoord is. Eerst catalogeerde men het als zelfmoord om het dan veel later als moord te bestempelen. De zaak raakte nergens, evenzeer als de onderzoeken naar de WNP.

Wat zij goed ontrafelt is de zaak van Christian Smets, de commissaris van de Staatsveiligheid, en zijn contacten met de WNP.  Daarover verschenen in de media veel indianenverhalen die het stelden alsof de WNP een creatie was van die geheime dienst. De meest logische in het boek ontwikkelde thesis is dat Smets gewoon infiltreerde in de WNP en dat die organisatie hiervan gewoon gebruik maakte om Albert Raes, de baas van de Staatsveiligheid, te discrediteren. Mogelijks omdat hij toen een fikse ruzie had met de CIA. Vanuit de WNP en ook Georges Marnette lekte men dan ook naar believen naar hun vrienden in de media.

En dan is er wapendeskundige Claude Dery die zo expert was in eventjes 1400 gerechtelijke onderzoeken – hij deed blijkbaar alles in Brussel – maar ondertussen stiekem commandant-kapitein was bij de militaire veiligheid, ADIV, en betrokken was bij de afdeling PIO, het Public Information Office dat na een serie zware schandalen werd opgedoekt. Een amper te vertrouwen man dus.

Strategie van de spanning

Wat vooral ook opvalt aan het boek is de openheid van geest waarmee zij door het dossier gaat. Ze legt netjes de verschillende hypotheses naast elkaar en laat het verder aan de lezer over. Het probleem is, zoals zij duidelijk laat blijken, is dat men het gerechtelijk onderzoek zo slecht voerde dat men nooit de zekerheid zal krijgen welke hypothese de juiste is.

Hilde Geens
Hilde Geens toonde haar kwaliteiten met het fileren van het gerechtelijk dossier rond de Bende van Nijvel. Een opeenstapeling van gerechtelijke en politionele blunders, gesjoemel en crimineel gedrag. Incompetentie troef.

Van het vermoeden dat dit allemaal kaderde in een grote door de VS en haar CIA georkestreerde destabilisering lijkt zij deels afgestapt. Ze blijft het wel aanhouden als een van de mogelijke pistes, maar het is geen zekerheid meer als voorheen. Wat bij haar collega Guy Bouten nog steeds het centraal motief is.

Zij constateert dat de Bende van Nijvel plots na Aalst stopte ondanks het feit dat men de indruk had dat ze nog verdere bloederige plannen had. Maar, stelt ze, de clan rond Philippe De Staerke was in de gevangenis en zo ook Bouhouche en Beijer. En bovendien was er in 1988 een regering zonder de PS/SP gekomen, een politieke omwenteling dus zoals nu.

Het boek zou feitelijk verplichte lectuur moeten zijn voor de mensen van justitie en politie die met gerechtelijke onderzoeken te maken hebben. Het is ook een  mooi voorbeeld van wat journalistiek zou horen te zijn. Met een open geest het al gigantische dossier bestuderen en beschrijven.

Wel lijkt zij bij de bespreking van het schandaal rond het Nationaal Drugsbureau (NDB) van commandant Léon François en de Amerikaanse Drugs Enforcement Administration (DEA) de indruk te wekken dat die DEA echt de drugshandel wil bestrijden. Wat de DEA doet is die onder controle houden en er zo leiding aan geven. Uit een gesprek blijkt duidelijk dat zij die rol deels ook wel beseft.

Wie in die handel dwars ligt krijgt de DEA op zijn nek om hem te pakken, wie een vriend is krijgt alle mogelijke steun. De verhalen over ‘generaal’ Vang Pao in Laos voor 1973 en de in 2011 vermoorde Ahmed Wali Karzai, broer van de Afghaanse president Hamid Karzai, spreken boekdelen. Beiden werden gefinancierd door o.m. de CIA en als Ahmed Wali Karzai problemen heeft met een lokale rivaal in de drugshandel dan zorgt de DEA ervoor dat die professioneel wordt uitgeschakeld. Die man zit nu in een Amerikaanse cel weg te rotten want de VS en DEA bestrijden toch de drugshandel nietwaar. Vermoedelijk was opium trouwens de echte reden voor de inval in Afghanistan.

Geen interesse bij de kranten

Wat ontbreekt is een vermelding van de in die periode eveneens opererende CCC, de Cellules Communistes Combattantes, een heel vermoedelijk door de VS gemanipuleerde terroristengroep. Maar het zit natuurlijk wel los van het gerechtelijk bundel van de Bende van Nijvel.

Wat ook ontbreekt is een meer uitgebreide chronologie en namenregister. Maar vermoedelijk zou dit wel veel extra pagina’s nodig hebben gemaakt. Het boek is een uitstekend werk dat ook goed geschreven is. Het vergt gezien de vele moordpartijen, diefstallen en andere criminele feiten wel veel aandacht en ook een goed geheugen.

En ja, dit is het grootste misdaadverhaal uit de Belgische geschiedenis maar een bespreking van dit nochtans belangrijk overzichtswerk zal je in de kranten niet vinden. Het typeert ook hier het niveau waarop de kranten zitten. Alleen De Wereld Morgen, het Nederlandse Vrij Nederland en Humo besteden er aandacht aan. Hilde Geens schreef er in Humo dan ook regelmatig over.

Er zijn twee websites exclusief met het dossier van de Bende van Nijvel bezig. De eerste en oudste is Franstalig: tueriesdubrabant.winnerbb.com. De tweede is in het Nederlands: bendevannijvel.com

Beetgenomen
Hilde Geens
Manteau
2013
432
9789022328170

Journalistiek onderzoek naar de Bende van Nijvel, die in de jaren tachtig in België dood en verderf zaaide, maar waarvan de daders nooit zijn achterhaald.