De Egyptische verkiezingen of de eerste nederlaag van maarschalk al-Sisi

Al-Sisi
Facebooktwittergoogle_plusmail

De definitieve resultaten van de presidentsverkiezingen zijn op dinsdag 3 juni bekendgemaakt. De winnaar ervan was echter al maanden geleden bekend. Veel Egyptenaren zijn niet gaan stemmen. Deels omdat de uitslag toch al van tevoren vaststond en deels omdat ze ze wilden boycotten.

De 6 aprilbeweging die een belangrijke rol speelde bij de Egyptische oppositie, eerst tegen het regime van Hosni Moebarak en later ook tegen de regering van Mohamed Morsi had daartoe opgeroepen. Dat daarnaast ook de Moslimbroeders de stembusgang boycotten is niet verwonderlijk. Sinds 3 juli vorig jaar, toen het leger zijn coup uitvoerde tegen president Morsi, vielen meer dan 1.400 pro-Morsi demonstranten onder de kogels van politieagenten en soldaten. Meer dan 15.000 Moslimbroeders werden gevangen genomen en honderden ervan ter dood veroordeeld in massaprocessen die slechts enkele minuten in beslag namen. Bijna alle leiders van de Moslimbroeders zitten achter de tralies en riskeren eveneens de doodstraf.

Tijdens de campagne had de huidige machthebber en kandidaat al-Sisi zich op zijn minst 45 miljoen van de 54 miljoen stemmen als objectief gesteld. Zijn grootste angst was dan ook dat er minder kiezers zouden opdagen dan de 51,58 % die bij de presidentsverkiezingen van juni 2012 Morsi, de leider van de Moslimbroederschap, aan de macht bracht.

Bij de verkiezing die na verlengingen, drie dagen duurde, hebben de Egyptenaren echter het kieshokje gemeden en een domper gezet op de triomf van de aanhangers van voormalig legermaarschalk al-Sisi. Uiteindelijk maakte de Verkiezingscommissie op dinsdag 3 juni bekend dat er slechts 47,5 % van de kiezers waren opgedaagd. Al-Sisi werd 23,78 miljoen kiezers of 96,91 % van de stemmen toegedicht terwijl de oppositie, vertegenwoordigd door zijn enige uitdager, de linkse activist Hamdeen Sabahy, slechts 3,9 % zou behaald hebben. Sabahy liet al dadelijk verstaan dat “er geen krediet diende gehecht te worden aan die cijfers. (…) Ze zijn een belediging voor de intelligentie van de Egyptenaren”.

De lage opkomst moet ook voor de nieuwe president als een opdoffer zijn aangekomen. Hij beweerde immers dat hij, sinds hij op 3 juli 2013 de Moslimbroederschap van de macht verdreef, de harten van de Egyptenaren had veroverd en 80 % van de kiezers kon mobiliseren. Helaas konden de Egyptenaren op hun televisiescherm zelf zien hoe leeg de stembureaus er bijlagen. De mythe van de vermeende populariteit van al-Sisi stortte in een oogwenk in elkaar.

De lage opkomst zorgde alleszins voor verwarring en paniek in het kamp van het leger, bij zijn  hielenlikkers en de media. Premier Ibrahim Mehleb besloot in ijltempo van de tweede verkiezingsdag een feestdag te maken. Toen ondanks dat manoeuvre de stembureaus er toen ook weer verlaten bijlagen besliste de Verkiezingscommissie er, tegen de mening van deskundigen en de wil van de twee kandidaten in, dan maar gewoon een derde dag bij te plakken. De Premier dreigde ermee dat diegenen die niet gingen stemmen zich aan een boete van 500 Pond (ongeveer 50 euro) mochten verwachten en voor het gerecht zouden gedaagd worden. Een dreiging die door de meeste mensen die op de derde dag zijn gaan stemmen letterlijk is opgevat. Om de quota nog te verhogen werden duizenden mensen manu militari uit winkelcentra, waaronder het gigantische City Stars shopping center in Caïro gejaagd waarna die winkelcentra werden gesloten. Dat alles om de Egyptenaar aan te moedigen om toch maar te gaan stemmen.

Verbijsterd door het weinig enthousiaste gedrag die de bevolking na maanden schaamteloze propaganda hun mentor toedroeg, ontketenden de media, waar de weinige dissidente stemmen ook al lang uitgezuiverd waren, een waar offensief tegen ‘het volk’ waarbij jammerklachten werden afgewisseld met beledigingen.

“Al zestig jaar ergeren jullie ons omdat jullie jullie mening niet geven! Een lage opkomst van 8 tot 10 miljoen mensen zal de Moslimbroederschap terug aan de macht brengen! Ik zou mijn aders kunnen doorsnijden opdat jullie zouden gaan stemmen’!, sneerde de beroemde presentator Amr Adib op de privézender Al Youm.
Hetzelfde refrein weerklonk op de zender Al Tahrir, waar presentatrice Iman Azzeldin haar vervloekingen de vrije loop liet: “Verraders, dat is wat jullie zijn en jullie sleuren het land en de volgende generaties mee in het verlies en verkopen ze aan de Moslimbroeders! Jullie, zogenaamde revolutionairen, voeren een boycot, jullie vernietigen het land, jullie willen ons terug naar AF voeren. Waarom verkopen jullie het land aan de terroristische Broederschap? Waarom doen jullie dat? Als de kandidaten jullie niet aanstaan, ga dan stemmen om het te zeggen! Stem dan blanco!”

De beledigingen werden overgenomen en herhaald door de invloedrijke voorzitter van de Club der Rechters, Ahmed Zend (“Diegenen die boycotten zijn geen mannen”), door de vice-voorzitter van het Grondwettelijk Hof, Tahani el-Gebbali (“Diegenen die boycotten zijn samenzweerders”) en werden bekroond door een waarschuwing van al-Sisi zelf: “Zijn burgerplicht niet vervullen kan tot resultaten leiden die de Egyptenaren niet verwachten.”

De vraag is of, nu de verkiezingen zijn afgelopen, de resultaten betrouwbaar zijn? De voorlopige cijfers die de Verkiezingscommissie heeft bekendgemaakt zijn op zijn minst gezegd verwarrend. Met officieel 23,78 miljoen stemmen, en een opkomst van 47,5 % zou al-Sisi meer mensen hebben gemobiliseerd  dan er tijdens het in januari gehouden grondwettelijk referendum opdaagden. Dat werd toen, ondanks de lage opkomst van slechts 38 %, als positief voor al-Sisi voorgesteld. Kan het toeval zijn dat hij de score (tussen 20 en 25 miljoen stemmen) behaalt die zijn campagneleider Tarek Nour had voorspeld?

De cijfers zijn twijfelachtig maar de andere kandidaat Hamdeen Sabahy liet ook weten dat verscheidene van zijn vertegenwoordigers werden gearresteerd en gemarteld bij het constateren van manipulaties. Hij was trouwens de enige opponent die zijn kandidatuur heeft durven stellen. De hele oppositie, niet alleen de Moslimbroeders, is sinds het leger zijn coup heeft uitgevoerd letterlijk monddood gemaakt. Volgens een gedetailleerd verslag dat door diverse organisaties ter verdedigen van de mensenrechten op de site Wikithawra gepubliceerd werd zijn er sinds juli 2013 41.163 mensen gearresteerd en vervolgd. Slechts 4 % van deze aanhoudingen zijn gerelateerd aan terrorisme, terwijl 89 % ervan gemotiveerd zijn wegens politieke activiteit. Sinds al-Sisi aan de macht is gekomen zouden er 53 mensen in de gevangenis zijn gestorven.

De verkiezingen zijn, volgens de Amerikaanse NGO Democracy International dat waarnemers naar de verkiezingen stuurde, doorgegaan binnen een context die “de geloofwaardigheid al sterk ondermijnd heeft”. Onder de bekende onregelmatigheden zijn er de bekendmaking van de uitslag van de stemmen uit het buitenland voor het begin van de lokale verkiezingen en het gebrek aan pluralisme waarbij de aanwezigheid van Hamdeen Sabahy bijna onzichtbaar en onhoorbaar was in de media.

Interessant is ook hoe het mogelijk is dat de door de Verkiezingscommissie op het einde van de tweede dag naar voor geschoven 37 % opkomst er uiteindelijk na de derde dag 47,5 % werden. Dit terwijl volgens de getuigenissen van de pro-al-Sisi media zelf de stembureaus op die dag nagenoeg leeg bleven. Verschillende bronnen spreken van een resultaat van slechts 10 tot 15 miljoen kiezers bij een opkomst tussen 19 en 38 %. Morsi behaalde twee jaar geleden 13,2 miljoen stemmen.

Terwijl de farce van de verkiezingen in de wereldpers breed uitgemeten wordt, lijkt er voor Europa helemaal geen probleem te zijn. Mário David is Portugees parlementair binnen de fractie van de Europese Volkspartij (christendemocraten) maar ook voorzitter van de Delegatie voor de betrekkingen met de Masjraklanden van het Europees Parlement. De Europese Unie stuurde hem als leider van een 60 koppen sterke waarnemingsmissie naar de verkiezingen in Egypte. Donderdag 29 mei liet hij weten dat de verkiezingen “conform de wet” waren verlopen.

De Egyptenaren konden dan misschien wel voor al-Sisi stemmen, moeilijker was het om dat voor zijn programma te doen. Kandidaat al-Sisi heeft tijdens de campagne immers klaar en duidelijk laten weten dat hij geen verkiezingsprogramma had! Zijn campagneleider liet anderzijds weten: “Al-Sisi heeft een fantastisch en gigantisch programma maar hij kan het er niet over hebben want het is veel te gedetailleerd. Er zou een jaar overgaan  om het uit te leggen aan de bevolking en het is niet het moment om in controverse te gaan en discussies uit te lokken.”  Toen hij daarop werd aangesproken zei al-Sisi dat hij dat programma “om veiligheidsredenen” niet kon onthullen. Tijdens een verkiezingsmeeting voor een publiek van wat oudere artiesten riep hij zelfs uit: “Jullie maken deel uit van de mensen die druk op mij hebben uitgeoefend om op te komen en nu vragen jullie om een programma?” Aan enkele verwonderde journalisten liet hij weten: “Ik ben geen politicus, ik ben een Egyptisch burger die van zijn land houdt.”

Maar al-Sisi is eerst en vooral militair. De cultus van het leger lijkt zijn enige programmapunt te zijn. Over het leger praat hij de ene keer met de tranen in de ogen en de andere keer strak in de houding staand. “Zolang het goed gaat met het leger gaat het goed met Egypte,” bevestigde hij in zijn eerste interview op Sky News Arabia. Toen hem in een ander interview een vriendelijke vraag gesteld werd over de toekomstige controle van het parlement op het budget van het leger reageerde hij verbijsterd. Hij zocht tevergeefs is zijn nota’s naar een antwoord en toen hij dat niet vond antwoordde hij met de tranen in zijn ogen: “Het leger, meneer, is een grote instelling, tot op een punt dat de Egyptenaren zich niet kunnen voorstellen. Ik hoop, met de hulp van God, dat Egypte naar haar imago kan worden.”

Zonder twijfel was zijn populariteit op het ogenblik van de omverwerping van president Morsi groot maar die is, mede door de bloedige repressie en zijn merkbare politieke en economische onwetendheid, sterk afgenomen. De bevolking leerde hen kennen om zijn minachting van de democratie (“een eventualiteit die voor twintig tot vijfentwintig jaar niet van toepassing is op Egypte”) en voor het volk (“De armen zouden een brood in vier moeten snijden en het slechts langzaam opeten om de overheidsuitgaven te helpen verminderen.”)

Ondanks de vreugdetaferelen  van de al-Sisi supporters die na de bekendmaking van de (voorlopige) uitslag de straat opgingen hebben de Egyptenaren, na een jaar van ongebreidelde propaganda en hevige repressie kunnen merken dat de koning naakt is en weten ze eindelijk hoe populair de nieuwe Raïs eigenlijk wel is. Abdul Fatah Saeed Hussein Khalil al-Sisi mag dan wel gewonnen hebben maar die overwinning komt eigenlijk neer op de restauratie van een militair regime in een land in diepe crisis.

Francis Jorissen woont in het midden van nergens ergens in Frankrijk, nieuwsgierig, schrijver en free-lance journalist, activist, would-be wereldreiziger en geïnteresseerd in Rusland, de landen die ooit behoorden tot wat men toen 'Het Oostblok' noemde en het Midden-Oosten