Verkiezingen in Zuid-Afrika, barsten en breuken

zuid-afrika verkiezingen J Zuma
Facebooktwittergoogle_plusmail

Het ANC heeft voor de vijfde keer op rij met vlag en wimpel de parlementsverkiezingen gewonnen. Met 62,15% van de stemmen kunnen ze alweer zonder omzien vijf jaar ongestoord de lakens uitdelen. Maar ze kunnen er niet naast kijken dat ze vergeleken met 2004, toen de partij 69,7% van de kiezers overtuigde om voor haar te stemmen, ruim zeven procent van haar aanhang kwijt is. In 2009 kwam het ANC op 65,7% uit. De tendens klaart zich uit. Winnen en verliezen, het valt te rijmen én te verklaren.

De troeven van het ANC

Het ANC is niet zomaar een partij. Het is een beweging die een mijlpaal gezet heeft in de geschiedenis door een einde te maken aan de apartheid. Miljoenen Zuid-Afrikanen zijn gedurende decennia in armoede gedompeld en vernederd. Hun aanhankelijkheid aan het ANC is hun leven lang niet stuk te krijgen. Velen onder hen overleven dezer dagen van een sociale uitkering of een baantje dat ze van of dank zij de overheid gekregen hebben. Velen onder hen wonen tegenwoordig in een beter huis, hebben stroom en stromend water en een zij het niet altijd comfortabel toilet. Mochten ze wat vergeetachtig zijn, dan heeft de dood van Nelson Mandela een maand of vijf geleden ze zeker herinnerd aan wat ze hem en het ANC verschuldigd zijn. Bv. hun stem om de vijf jaar.

Het ANC is een geoliede machine. Het weet wat organisatie, mobilisatie en propaganda is en heeft het geld om een campagne soepel te laten verlopen. Het kan bovendien rekenen op de vakbondskoepel Cosatu en de communistische partij, waarmee het sinds de jaren van de apartheid een eedverbond gesloten heeft.

Onder het ANC is Zuid-Afrika uitgegroeid tot een van ’s werelds opkomende economieën. Samen met Brazilië, Rusland, India en China vormt het de BRICSA-landengroep, waar niemand naast kan kijken. Op zijn eentje is Zuid-Afrika goed voor 0,7% van wat er jaarlijks in de wereld aan goederen en diensten geproduceerd wordt, iets minder dan de helft van Canada en Zuid-Korea, een derde van Mexico. Regionaal is het een grootmacht, die militair tussenbeide komt in Congo en er de rebellengroepen opruimt, een operatie waarin de blauwhelmen bijna twintig jaar niet geslaagd zijn. Zuid-Afrika’s rijkdom steunt op grondstoffen als diamanten, goud, platina en steenkool, en het beschikt over een prima georganiseerde financiële sector, waarop elk ander Afrikaans land jaloers kan zijn. Een weldenkende Zuid-Afrikaan gaat ervan uit dat hem dat ooit, al is het met mondjesmaat, ten goede moet komen.

Zuid-Afrika is uitstekend georganiseerd. Zijn wegeninfrastructuur en internetverbindingen kennen op het continent huns gelijke niet. Politiek en administratie, gerecht en media functioneren naar behoren. Zuid-Afrika is geen apenland, zoals Somalië, waar ze op de drieëntwintigste verjaardag van de afwezigheid van de staat afstevenen, of Congo, waar ze de staat weer proberen op te bouwen, met bijzonder veel vallen en opstaan, zodat nu zelfs de Verenigde Staten het ervan op hun heupen krijgen. Zuid-Afrika trekt gelukszoekers aan vanuit Congo en Zimbabwe, van overal. Zelfs voor Somaliërs is het een eldorado dat de voorkeur op Lampedusa geniet. Je moet als ANC-kiezer wel gek zijn, als je je van die ontwikkeling afsluit.

De afkalving van de kiezersgroep

De 7e mei hebben er van elke honderd Zuid-Afrikanen een stuk of drie, vier niet meer voor het ANC gestemd. Er is wel degelijk wat aan de hand.

Stilaan maar zeker blinkt het ANC uit in onbekwaamheid, arrogantie en soms naar corruptie gaande vormen van persoonlijke verrijking. Dat is zo aan de top, waar president Zuma het bestaat om 246 miljoen rand, ruim 17 miljoen €, uit te geven voor een stulpje in zijn straatarme geboortedorp, met alles erop en eraan, inclusief zwembad en amfitheater. Dat is zo in de laagste bestuursorganen, waar ze sollicitanten een forse som vragen voor ze een baan toebedeeld krijgen. Op het aureool van het ANC als bevrijdingsbeweging zitten grote, stinkende vlekken. De grote hoop jongeren, die nooit de apartheid gekend hebben en nu naar de stembus trekken, krijgen geen absolute reden meer aangereikt om hoe dan ook ANC te stemmen.

De 34 doden die op 16 augustus 2012 gevallen zijn aan de platinamijn van Marikana, toen de Zuid-Afrikaanse politie er op stakers schoot, zijn niet vergeten. Opvallend dat de staking niet verliep onder de vlag van de legendarische National Union of Mineworkers, de ruggengraat van Cosatu. Dat het dezer dagen zelfs een grote bond niet meer lukt om de eisen van mijnwerkers te kanaliseren is een teken aan de wand. Op de verkiezingsdag waren er 70.000 in staking in de platinamijnen, sinds vier maanden. NUMSA, de vakvereniging in de metaalverwerkende nijverheid, heeft het vertikt om tijdens de campagne Jacob Zuma haar steun te geven. Er zitten barsten in de heilige alliantie tussen het ANC en Cosatu.

Groei is tegenwoordig overal ter wereld een bron van toenemende ongelijkheid. Dat merken ze in Brazilië en de andere BRICSA-landen, en zeker in Zuid-Afrika. De ene ongelijkheid, de nageboorte van de apartheid, is nog niet opgeruimd of een andere, een inherent gevolg van de globalisering, komt er bovenop. Er is wel degelijk een middenklasse in het leven geroepen en er lopen aardig wat rijke dobbers rond in het land maar voor de armsten ziet het leven er rampzalig uit. Zo zit de helft van de jongeren zonder werk. Precies, diegenen die net stemrecht gekregen hebben.

Bovendien gaat het niet goed met de economie. Sterk afstekend tegen de in Afrika veralgemeende groei van meer dan 5% laten de vooruitzichten uitschijnen dat Zuid-Afrika dit jaar genoegen moet nemen met 2,3%. Voor het eerst ziet het zich door Nigeria voorbijgestoken als sterkste economie van het continent. Wie erop rekent dat sociale verschillen automatisch afnemen naarmate er een grotere koek op tafel komt, komt bedrogen uit. Wachten kan niet meer, is voor velen de boodschap.

Kapers op de kust

Groeiend ongenoegen mag dan de voedingsbodem zijn waaruit de oppositie kracht kan putten, ze moet ook geloofwaardig zijn, een aantrekkelijk alternatief brengen en genoeg organisatorische en financiële draagkracht vertonen. Vanuit het niets boks je niet zomaar tegen een partij als het ANC op, die tot in de kleinste uithoeken van Zuid-Afrika op hutten en krotten zijn vlag laat wapperen.

COPE, een afsplitsing van het ANC o.l.v. voormalige boegbeelden als Terror Lekota, heeft dat vijf jaar terug aan den lijve ondervonden. Stemmen vallen je niet in de schoot. Daarvoor moet je hard en lang werken, en meer te bieden hebben dan mooie, zij het kritische woorden. 7,4% toen, 0,67 nu. De facto behoort COPE tot het verleden.

Deze keer steekt een andere dissident de kop op. Julius Malema sleept met zijn gloednieuwe formatie, Economic Freedom Fighters, 6,35% van de stemmen in de wacht. Hij is de gewezen voorzitter van de jeugdliga van het ANC, eruit gegooid voor zijn gedrag en zijn uitspraken, en sleept een kwalijke reputatie van slordige omgang met geldmiddelen met zich mee. Malema appelleert aan de onderklasse, die zijn buik vol heeft van de patsers binnen het ANC die hen zelfs de kruimels van het bord halen. Maar, zoals met COPE, valt het te bezien of Malema meer in huis heeft dan een korte sprint naar het verkiezingsspandoek. En of hij kiezers diets kan maken dat hij geen deel meer uitmaakt van de elite die hij in de wind zet. Malema, zo schreef een waarnemer, is een populist die op de juiste vragen de verkeerde antwoorden geeft. Bovendien heeft het ANC met de clan rond Winnie Madikizela, de ex van Mandela, zelf mensen in huis, die binnen de groep waarop Malema mikt over een onverwoestbaar aanzien beschikken. Winnies vroegere minnaar heeft aan de persoonlijke breuk een politiek verlengstuk gebreid en is overgestapt naar het EFF.

Mamphela Ramphele, een hooggeschoold intellectueel uit de Kaap die zowel in de academische als de zakenwereld, en bij de Wereldbank, haar strepen verdiend heeft, is beneden de verwachtingen gebleven. Ze rijft amper 0,28% van de stemmen binnen. In haar jonge jaren was ze een partner van Steve Biko, de grondlegger van de zwarte bewustzijnsbeweging, die in 1977 in een politiecel gefolterd het leven liet. Maar dat verhaal is 37 jaar oud, black consciousness is geen wervende ideologie meer – de vijand is niet meer het blanke apartheidsregime maar een door zwarte politici uitgetekend beleid dat armoede bestendigt – en Biko is gezien zijn dood op jeugdige leeftijd nooit de icoon geweest die Mandela wel was. Ramphele is het levende bewijs dat ideeën, bekwaamheid en persoonlijke integriteit alleen niet volstaan om het ANC parten te spelen. Agang South Africa (Bouw Zuid-Afrika) was een goedbedoelde poging maar waarschijnlijk niet meer dan dat.

Blijft de Democratische Alliantie. Ze klokt af op 22,23%, flink meer dan in 2009 toen 16,7% van de kiezers op haar stemde. Meer zelfs dan de 20,4% die de Nasionale Party van F.W. De Klerk in 1994 op haar naam schreef, toen het voor de blanke Zuid-Afrikanen erop aan kwam om zo hoog mogelijk te scoren. Nadat de NP in het ANC opgegaan is, kleeft op de DA het etiket van blanke oppositiepartij. Ze trekt inderdaad blanke stemmen aan maar ze heeft bij deze verkiezingen uitgepakt met betrouwbare kandidaten uit de zwarte gemeenschap en heeft met haar voorvrouw, Helen Zille, als burgemeester van Kaapstad een onberispelijk parcours afgelegd. Wat haar door het marktgerichte denken geïnspireerde programma betreft, verdient het macro-economische beleid van de ANC-regering al bij al niet even goed een liberale stempel ?

Conclusie

De zwarte middenklasse breekt met het ANC en vindt stilaan haar weg naar de DA. Op de duur blijft het ANC achter als de partij van de verdrukten, maar ziet ze zich door een aantal van hen gecontesteerd. Zolang er zich aan die linkerzijde geen valabel alternatief aandient, blijft het bij barstjes, elke verkiezing groter en zichtbaarder. Het is aan Zuma, van wie op de 21e mei de tweede en laatste ambtstermijn van start gaat, om uit te maken hoe zijn partij dat aanpakt. Nu het oude “pap, vlees en gravy”-scenario, de hemel op aarde voor iedereen, met elke avond een volle kop mede, onwerkbaar gebleken is, moet hij oppassen niet in het “bafana bafana”-scenario te vervallen, genoemd naar de nationale voetbalelf, bekend voor veel gedribbel en weinig doelpunten. Het ANC heeft de volgende vijf jaar nogmaals afspraak met de geschiedenis.