Wie gelooft die mensen nog ?

Facebooktwittergoogle_plusmail

Toen de befaamde Duitse schilder Max Liebermann in 1933 de nazi’s triomferend door de Brandenburgse Poort zag opstappen, gromde hij : “ik kan onmogelijk zoveel eten als ik nu zou willen kotsen”.
De vergelijking hinkt verschrikkelijk, lezer(es), maar ik moet erkennen dat ik zopas een boek heb gelezen dat mij echt bijna aan het kotsen bracht. En voor alle duidelijkheid: niét omdat het een laaghartige aanval zou zijn op de christelijke arbeidersbeweging. Wél omdat het ontstellend duidelijk maakt hoe topmensen van die christelijke arbeidersbeweging hun eigen achterban wetens en willens hebben bedrogen en bestolen, en uit ongebreidelde geldzucht de geloofwaardigheid van – en het respect voor – die hele beweging de grond hebben ingeboord.

Wie in de voorbije jaren ook maar een béétje kritisch het politieke en financiële reilen en zeilen in dit koninkrijk heeft gevolgd, heeft ongetwijfeld meer dan eens met de tanden geknarst bij de opeenvolgende afleveringen in de Dexia-Arco-saga. En waarachtig niet alleen vanwege de financiële implicaties voor elke braaf-belastingbetalende Belg, maar veel meer nog vanwege het afgrondelijke morele failliet van – de top van ! – een voorheen respectabele arbeidersbeweging. Een boek dat een en ander nog ’s op een rijtje zet is dan ook allesbehalve luchtige lectuur. Maar wel uitermate leerrijk.

Scepsis

Natuurlijk : het is geschreven door een parlementslid van de oppositie, en dan nog wel van een partij die bepaald niet als vakbondsvriendelijk bekend staat en soms zelfs als staatsgevaarlijk wordt afgeschilderd. Dus is scepsis gewettigd. Iedereen weet dat de N-VA nog een eitje te pellen heeft met het ACW, en omgekeerd. Maar een beklemmende opeenstapeling van feiten valt nu eenmaal niet te ontkennen.
Alleen : wie kan bewijzen dat ook àlle feiten op tafel liggen ? Wie kan uitmaken of niet elke betrokkene in dit verhaal vooral de feiten in het licht stelt die in zijn of haar verhaal passen, en de andere liefst onder de mat veegt ? Niemand.

Althans : niét zolang de ACW-top als belangrijkste betrokkene grofweg weigert esentiële feiten bekend te maken. En niét zolang de beide andere traditionele partijen (die in het Dexia-verhaal haast evenveel boter op hun hoofd hebben) schouder aan schouder met de christendemocraten halsstarrig weigeren een parlementaire onderzoekscommissie aan het werk te zetten.

Niet zonder reden pleit iemand als Luc Huyse daarom in deze affaire voor een ‘waarheidscommissie’ – en van Huyse kan toch waarachtig niet worden beweerd dat hij dit koninkrijk of de christelijke arbeidersbeweging niet in het hart zou dragen. Maar die waarheidscommissie zal er niet komen. Zeker niet vóór de verkiezingen, en al evenmin nadien. Want alles laat vermoeden dat de resultaten van zo’n waarheidscommissie (of van een parlementaire onderzoekscommissie, die er evenmin ooit zal komen) niet of nauwelijks zouden afwijken van wat Dedecker in dit boek opsomt. Integendeel: de resultaten van een werkelijk grondig en kritisch onderzoek zouden waarschijnlijk nog meer verontwaardiging oproepen dan nu al heerst.

Kluwen

Het is niet eenvoudig uit een fabelachtig kluwen van (al dan niet legale) constructies en manipulaties de essentie van het Dexia-Arco-verhaal te voorschijn te halen. Het is alvast één verdienste van dit boek, dat Dedecker dat gecompliceerd gemaakte verhaal vrij begrijpelijk ontleedt. In wezen kan je volgende elementen onderscheiden.

Hoe een bescheiden spaarkas van de arbeidersbeweging, gebaseerd op een coöperatie, steeds meer volgens de ‘wetten’ (door wie afgekondigd of goedgekeurd ??) van de financiële markteconomie wordt beheerd en steeds minder volgens de ethische maatstaven die de arbeidersbeweging wél tegenover anderen hanteert. Hoe in die evolutie honderdduizenden coöperanten via een getrapte (doortrapte ?) structuur eerst monddood werden gemaakt en vervolgens bedrogen omdat hen werd wijsgemaakt dat hun spaarcenten “risicoloos” waren belegd, ook toen dat al lang niet meer het geval was. Hoe die coöperanten uiteindelijk in feite bestolen zijn geworden, omdat zij al die tijd door ‘hun’ beweging aan het lijntje werden gehouden en hun ‘deelname in de coöperatie’ (anders dan  aandelen op de beurs) niet of nauwelijks konden verzilveren voor het definitief te laat was. En last but not least hoe het ACW wel – nog steeds ! – over onvermoed veel vermogen beschikt maar het toch vertikt de coöperanten die het jarenlang heeft misleid met zijn eigen middelen te vergoeden, en die factuur liever doorschuift naar de Belgische belastingbetaler.

Een operatie die, merkwaardig genoeg, door beide andere traditionele partijen blijkbaar wordt geaccepteerd omdat die nu eenmaal zelf mee-verantwoordelijk zijn voor het afgrondelijke Dexia-debacle, aangezien zij Dexia mee-bestuurden – via de Gemeentelijke Holding die inmiddels ook moest ‘vereffend’ worden, wat u en ik spoedig zullen voelen aan de gemeentelijke opcentiemen…

Drogreden

Het moet gezegd : in heel dit weerzinwekkende dossier – en dus ook in dit boek – wordt nooit beweerd dat individuele topfiguren van het ACW (of, mutatis mutandis, van de Gemeentelijke Holding) zichzelf onrechtmatig verrijkt zouden hebben. Althans dàt minieme restje geloofwaardigheid is nog niet aangetast.

Voorzover je natuurlijk – als coöperant, als sympathisant van een of andere zuil, of gewoon als belaagde belastingbetaler – niet teveel aanstoot neemt aan het feit dat royale zitpenningen blijkbaar volstonden om alle eventuele kritische bedenkingen in de kiem te smoren. Of aan het feit dat zowel Arco als de Gemeentelijke Holding in feite de ondergang van Dexia in de hand hebben gewerkt door onder geen beding de rijkelijke stroom aan dividenden even te willen stilleggen om het geheel te redden. Voor dat meedogenloze windstbejag gebruikt Dedecker het fraaie beeld van lieden die tot elke prijs aan hun business seats vasthouden … in een neerstortend vliegtuig.

Voor wie de georganiseerde arbeidersbeweging nodig – en in tijden als deze zelfs onontbeerlijk – vindt, is dit een extreem droevig verhaal. Neen, het is een ronduit dégoutant verhaal.

En dat ligt echt niet aan de verteller. Maar wel aan de hoofdrolspelers … die tegen beter weten in de vermoorde onschuld blijven spelen. Of dat althans proberen. Door fouten slechts toe te geven nadat ze werkelijk onloochenbaar zijn aangetoond, door binnen de eigen beweging een heksenjacht te ontketenen tegen iedereen die ervan verdacht wordt de omertà te hebben geschonden, door kritiek op de eigen graaicultuur en allerlei onfrisse praktijken af te doen als ‘aanval op de arbeidersbeweging’.

Van alle aangevoerde drogredenen is dat wel de meest dégoutante. Ze lijkt dan ook (als ik me nog ’s een gewaagde vergelijking mag veroorloven) als twee druppels water op wat je van officiële zijde te horen krijgt wanneer je het imperialistische en racistische beleid van de staat Israël bekritiseert : dan ben je een vijand van de joden, en word je ei zo na bij de Holocaust-ontkenners gerangschikt.

Hemeltergend

Dedeckers boek geeft een goede kijk op de duizelingwekkende bedragen én constructies waar het in “de zuil van zelfbediening” om ging. Dan gaat het om cijfers die onweerlegbaar zijn. En – vooral – om bedragen die in schrijnend contrast staan met de schamele miljoenen waaraan het, naar het schijnt, “ontbreekt” om allerlei sociale initiatieven te financieren of wachtlijsten weg te werken. Wie daar dag-in, dag-uit (en waarschijnlijk zelfs als ACW-lid) “zijn kas afdraait”, zal bij het lezen van dit verhaal het woord hemeltergend waarschijnlijk nog te zwak vinden.

Misschien zullen die mensen dan terugdenken aan de legendarische uitspraak van wijlen Wilfried Martens (evenals Miet Smet toch ‘vriend van de beweging’) dat dit land er heel wat beter voor zou staan indien de sterkste schouders ook de zwaarste lasten zouden dragen. De droeve werkelijkheid is, anno 2014, dat die sterke schouders, ook als het ACW-schouders zijn, de lasten liefst afwentelen op de gemeenschap van simpele belastingbetalers.

Neen, fraai is het allemaal niet. En hemeltergend inderdaad, voor wie zich nog wil inzetten voor sociale rechtvaardigheid – en dacht dat de christelijke arbeidersbeweging daarbij een bondgenoot kon zijn. “Met dit soort bondgenoten heb je geen vijanden meer nodig” denkt een mens dan.

Maar dat zou ten onrechte zijn. Zoals trouwens – jazeker – ook Peter Dedecker herhaaldelijk in zijn boek beklemtoont, zijn honderdduizenden oprechte mensen aan de christendemocratische basis de eerste en allicht meest gefrustreerde slachtoffers van (veel te mild uitgedrukt) de ‘normvervaging’ aan de top.

Je kan dus alleen maar hopen dat dit boek een héél ruime lezerskring krijgt. Het is haast een krachttoer om dit weerzinwekkende verhaal zo nuchter en bevattelijk op papier te zetten. De geïnteresseerde lezer zal zich sporadisch ergeren aan enkele (maar herhaaldelijk terugkerende) kleine partijpolitieke venijnigheden; maar waarschijnlijk meer aan slordigheden die door een wakkere eindredactie hadden kunnen – en dus moeten – vermeden worden.

Een zuil van zelfbediening. ACW, Arco en Dexia
Peter Dedecker
Pelckmans
2014
256
9789028977860