Over algemeen belang en volksverlakkerij

Facebooktwittergoogle_plusmail

Het algemeen belang is een term uit de politieke filosofie, die duidt op datgene dat voor het welzijn van het volk in het algemeen nuttig, gewenst of nodig is. In zijn boek Het algemeen belang stelt de Italiaans-Belgische econoom Riccardo Petrella, stichter van de Universiteit voor Algemeen Belang (UAB) – samen met Noortje Wiesbauer die ook stRaten-generaal oprichtte – dat het object van het algemeen belang de gemeenschappelijke rijkdom is, met name het geheel van principes, regels, instellingen en middelen die het bestaan van alle leden van een menselijke gemeenschap kunnen ondersteunen en garanderen. Ik citeer de man zelf: ‘Op immaterieel vlak bestaat een van de elementen van het gemeenschappelijk belang uit het drieluik erkenning-respect-verdraagzaamheid in de relatie tot de andere. Op materieel vlak krijgt het algemeen belang gestalte in het recht op een gelijke toegang voor iedereen tot voeding, huisvesting, energie, opvoeding, gezondheidszorg, transport, informatie, democratie en artistieke uitdrukking.’

Tot zover deze eerder saaie definities. Soms is het echter goed daarnaar te grijpen om grove begripsvervuiling en – erger nog – volksverlakkerij tegen te gaan.

Neem nu dat onverkwikkelijke Oosterweeldossier. Op het fameuze Valentijnsakkoord waar beslist werd wat iedereen al lang wist, namelijk dat het BAM-tracé overeind bleef – ‘Meccano delendum est’ was immers de opdracht van de Vlaamse overheid aan de MER-specialisten – vielen er mooie quotes te noteren. Het notoire gezelschap dat toen aan tafel zat spande zich in om er een goed-nieuws-politieke show van te maken. Niet alleen de ‘daadkracht’ van minister-president Kris Peeters en zijn hyperkinetische minister Hilde Crevits werd in de verf gezet, maar ook de NVA mocht zich bij monde van Minister van Begroting Philippe Muyters en de sp.a via minister Ingrid Lieten extra profileren voor hun inspanningen om nog in extremis zogenaamde verbeteringen aan te brengen.

Rudi Thomaes, de voorzitter van de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM) en gewezen VBO-topman, scoorde echter het hoogst in de wedstrijd volksverlakkerij. Hij zei zonder blikken of blozen dat het dossier een ‘primeur’ is op het vlak van inspraak en dat de ervaring die daar rond is opgedaan zeker nog zal kunnen dienen bij gelijkaardige grote projecten. Dat is een uitspraak met heel veel wishfull thinking waarschijnlijk ingegeven vanuit de bezorgdheid om nog meer van die mega overheidsprojecten te kunnen binnenhalen. Pochend zei hij dat Antwerpen door de Valentijnsbeslissing een van de grootste bouwwerven van Europa zal worden, maar hij voegde er niet aan toe dat die werf ook een ontzettend democratisch deficit heeft blootgelegd.

Antwerpen is een test case voor een democratische besluitvorming die de stadsgrenzen overstijgt. Politicologen en wetenschappers van buiten Antwerpen die heel dit dossier met argusogen volgen, beamen dit. De socioloog Luc Huyse van wie binnenkort een studie over het Oosterweeldossier gepubliceerd wordt, is er daar een van. “Wat in Antwerpen is gebeurd en nog zal gebeuren is een unieke leerschool. Het zou goed zijn als nu al een cel ‘leren uit Oosterweel’ aan het werk kon gaan.  Er zijn lessen te trekken uit wat vanaf het prille begin verkeerd is gelopen in de ramingen, de budgettering, de informatie. Maar ook en vooral  uit het ontstane democratisch deficit.”

Dat is een citaat van Luc Huyse op de binnenflap van Manu Claeys’ boek ‘Stilstand’. Claeys stelt daarin dat Oosterweel niet alleen een technisch dossier is, zoals de Vlaamse regering en de BAM het graag voorstelden, maar voornamelijk een politiek dossier. De ondertitel “Over machtspolitiek, betweterbestuur en achterkamerdemocratie” is dan ook geladen en beschuldigend. Echte democratie heeft niets te maken met het één keer om de vier jaar uitbrengen van een symbolische stem. Dan wordt de politieke macht in handen van partijen en verkozenen gelegd die tijdens hun mandaat en volgens de regels van de formele representatieve democratie het voor het zeggen hebben en niet die vervelende actiegroepen en wakkere burgers die roet in het eten dreigen te werpen van machtspolitici.

Het is zeker niet toevallig dat de ‘Jury Prijs voor de democratie’ in 2010 precies aan stRaten-generaal en Ademloos werd uitgereikt met volgende kanttekening:  “Het gaat om onafhankelijke burgernetwerken die zich zelfstandig rond een thema organiseren. Zeer opmerkelijk daarbij is dat het niet alleen gaat om een eisenstrijd, om verzet tegen bestaande beleidsplannen gaat, maar dat er gebruik wordt gemaakt van expertise en kennis om alternatieve voorstellen uit te werken. Zo wordt de kwaliteit van de politiek verhoogd door de discussie inhoudelijk te stofferen en de standpunten van de politieke partijen te bevragen.’ Politicoloog Carl Devos van de Universiteit Gent onderstreepte al eerder in verband met het optreden van stRaten-generaal en Ademloos: “Dit is (een stuk) van het nieuwe middenveld. Intellectuelen met een grondige dossierkennis, die politici doen twijfelen. Hen het vuur aan de schenen leggen. Ze moeten dat vooral blijven doen.”

En ze hebben dat ook gedaan: belangeloos, zonder middelen, met ontzettend veel inzet van vrijwilligers én met ontzettend veel deskundigheid en doorzettingsvermogen. Laten we eerlijk zijn: wie kent heel dit ingewikkeld dossier ten gronde : Kris Peeters en Hilde Crevits of gewone burgers als Manu Claeys, Peter Verhaeghe en Wim Van Hees om maar enkele namen te noemen? Zet ze over dit onderwerp maar eens tegen elkaar in ‘de slimste mens ter wereld’.  BAM-man Thomaes had nog een andere geweldige uitsmijter in voorraad. ‘Als Antwerpenaar richtte hij een zware waarschuwende vinger naar tegenstanders van het BAM-tracé, die er over zouden denken om opnieuw juridische stappen te ondernemen. ‘Aan diegenen die er aan denken om naar een advocaat te stappen om opnieuw procedures op te starten zou ik willen vragen om eens goed in de spiegel te kijken en zich de vraag te stellen of dat dan wel gebeurt in het algemeen belang.’ Ook de Antwerpse schepen van mobiliteit Koen Kenis (N-VA) deed met zijn provocerende uitspraak Walk and don’t look back zijn duit in het zakje. Het was een regelrechte sneer naar de actiegroepen, want  – jawel – die zouden niet aan het algemeen belang denken.

De vertragingen worden wat graag in de schoenen van die vervelende actiegroepen geschoven, terwijl net het omgekeerde waar is. Slechts een voorbeeld: Manu Claeys: ‘Mogen wij even in herinnering brengen dat op 19 december 2005 stRaten-generaal wees op de ‘beleidsmatige fout’ die de toenmalige regering maakte door vast te houden aan vrachtverbod in de Kennedytunnel? In ons toenmalige bezwaarschrift bepleitten we toen om ons alternatieve tracé te modelleren zonder dat vrachtverbod. We schreven: ‘Het alternatieve tracé dient geëvalueerd in combinatie met een voor vrachtverkeer toegankelijke Kennedytunnel waar tol geheven wordt.’ Vrijdag deed de huidige regering eindelijk afstand van de eigen randvoorwaarde omdat uit het MER-rapport blijkt dat ze ‘contraproductief’ is. Ze vervangt ze nu door de randvoorwaarde die stRaten-generaal negen jaar geleden op tafel legde, als enige. De voorbije negen jaar is dus gesleuteld aan een regeringsproject op basis van een fundamentele kennislacune, men wist namelijk niet hoe dat vrachtverbod aan de Kennedytunnel zou werken. Il faut le faire. Negen jaar lang negeerden diverse regeringen onze vraag om deze randvoorwaarde los te laten. Van vertraging gesproken. Eindelijk is deze kennislacune van de baan. Maar ze wordt al meteen vervangen door een nieuwe fundamentele kennislacune, aangezien de regeringsbeslissing een scenario behelst dat enkel voor het eigen tracé blijkt te zijn doorgerekend. Hier zijn eigenlijk geen woorden voor, want stRaten-generaal was negen jaar geleden binnen de wettelijk voorgeschreven inspraakprocedures de enige pleitbezorger van die randvoorwaarde die de regering nu enkel op het eigen tracé plakt.’

Mede in het licht van dit ene ‘technische’ voorbeeld noem ik de uitspraken van Thomaes en Kennis volksverlakkerij in het kwadraat. Uitgerekend die mensen die al jaren echt belangeloos opkomen voor het algemeen belang, voor de volksgezondheid van meer dan een half miljoen Antwerpenaren en de levenskwaliteit van volgende generaties, krijgen VBO- en NV-A-lesjes in ethiek. In dit land waar de achterkamerdemocratie in heel het Oosterweeldossier op volle toeren heeft gedraaid moet voortaan ‘algemeen belang’ begrepen worden als ‘wat goed is voor Noriant is goed voor het land’. Het is goed om weten, zeker met het oog op de verkiezingen.

Walter Lotens, auteur en Antwerpenaar (zoals Rudi Thomaes)

Borgerhoutenaar Walter Lotens (°1942) noemt zich een glokale burger. Deze gepensioneerde leraar, mede-oprichter van de Actiegroep Kritisch Onderwijs (AKO), moraalwetenschapper, publicist en Latijns-Amerikawatcher schreef voor LA Chispa, een Nederlandstalig magazine over Latijns-Amerika en de Cariben, het Belgische De Reiskrant en voor de Surinaamse krant “De Ware Tijd” en nu voornamelijk voor de webzine voor internationale politiek uitpers.be, waarin hij niet alleen uitvoerig aandacht besteed aan Latijns-Amerika, maar ook aan het Antwerpse mobiliteitsdossier.