Japanse zwijgplicht

japan secrecy law shinzo abe hitler1
Facebooktwittergoogle_plusmail

“Dit zijn terroristische daden”, riep Shigeru Ishiba op 2 december, sprekend over de betogingen in Tokyo voor het Japans parlement tegen een “zwijgwet”. Ishiba is de secretaris-generaal van de regerende Liberaal-Democratische Partij (LDP). Zowel Ishiba als premier Shinzo Abe staan bekend als “haviken” die Japan willen remilitariseren – end at ook doen. Met de nieuwe pas aangenomen “zwijgwet” wordt het bij voorbeeld mogelijk critici het zwijgen op te leggen na een kernramp zoals in de centrale van Fukushima.

Burgercomités, vakbonden, studenten, verdedigers van mensenrechten betoogden tevergeefs tegen deze wet op de bescherming van de binnenlandse veiligheid. Een zeer onliberale wet, die de deur openzet voor de grootste willekeur. Want de wet is zeer vaag over wat die bescherming van de binnenlandse veiligheid precies inhoudt.

Fukushima?

Het wordt dus overgelaten aan de door de overheid aangestelde functionarissen om die bescherming van de veiligheid te bepalen. Het Japanse overheidsapparaat is een van de meest ondoorzichtige bureaucratieën ter wereld, zodat de tegenstanders terecht vrezen dat ze die wet zeer ruim zullen interpreteren. Een kernramp zoals die van Fukushima kan natuurlijk zeer eenvoudig als een zaak van nationale veiligheid worden omschreven. Bijgevolg zou niemand informatie over de ramp mogen verspreiden, want dit brengt uiteraard de nationale veiligheid in gevaar.

De wet voorziet straffen tot tien jaar gevangenis voor overtreders. Dat geldt zowel voor ambtenaren die informatie lekken als voor journalisten. De meeste Japanse media zien daar dan ook een ernstige bedreiging voor de persvrijheid in.

1925

De opposanten vergelijken die wet met een wet uit 1925. Die voorzag in strenge straffen voor al wie de openbare orde in het gedrang zou brengen. Het zette de deur open voor de repressie tegen al wie kritiek had op het groeiende militarisme dat uitmondde in dictatuur en bezettingsoorlogen.

De goedkeuring van de nieuwe zwijgwet valt samen met de oprichting van een Nationale Veiligheidsraad, naar het model van de gelijknamige instelling in de VS. Washington had trouwens aangedrongen op de instelling van zwijgwet en die Japanse raad. Zo zou Tokyo in geval van diplomatieke of militaire crisis sneller moeten kunnen reageren. Het geeft de premier ook een grotere greep op defensie.

Militaire wedloop

Niet toevallig kondigde premier Abe diezelfde week ook een verhoging met 5 percent van de militaire uitgaven voor de periode 2014-2019 aan. Er worden onder meer 52 amfibievoertuigen en 5 onderzeeërs aangekocht. Er was eerder al beslist 28 Amerikaanse gevechtsvliegtuigen F-35, twee destroyers en allerlei ander materiaal voor de marine aan te kopen.

Het wordt uitgelegd als een antwoord op de grotere militaire uitgaven in China. Beijing heeft de militaire uitgaven inderdaad opgedreven, met accent op de marine. Het heeft vorige maand een meldingszone ingesteld voor een gebied waartoe ook de Diaoyu-eilanden behoren (Senkaku voor de Japanners). Die zone overlapt een door Japan ingestelde zone, zodat Tokyo en Zuid-Korea, die eveneens die eilanden opeisen, daar een daad van agressie in zien. De Japanse premier Abe is niet verlegen om de nationalistische gevoelens op te zwepen, terwijl in China de sterke anti-Japanse gevoelens weer de vrije loop kregen.

Die eilanden zijn niet alleen belangrijk door de energievoorraden onderzee, ze hebben ook groot strategisch belang, namelijk in het kader van de “containment” politiek, de inperking van de Chinese invloed in Azië.

Negationisten

De zwijgwet, de Nationale Veiligheidsraad, de militaire uitgaven zijn slechts luiken van een politiek die de grondwet van 1947 wil liquideren. Die grondwet voorziet in een vreedzaam Japan, zonder militaire slagkracht, en in respect voor mensenrechten. Japanse nationalisten als Abe vinden dit een achterhaald document, het is in hun ogen niet rechtvaardig dat Japan geen eigen kernwapens mag bezitten en daarvoor aangewezen is op de VS. Het heeft tot Afghanistan geduurd eer Japan op Amerikaans verzoek militairen naar het buitenland stuurde. In de nauwe militaire samenwerking met de VS zien die nationalisten minder graten.

De LDP was in de jaren 1950 een bundeling van politieke clans waarvan vele een grot rol hadden gespeeld tijdens de oorlogen tegen Korea, China en andere landen. Dat is nog steeds zo, de negationisten – die de Japanse oorlogsmisdaden ontkennen – zijn goed vertegenwoordigd in de regeringskringen. Zij eren jaarlijks de oorlogsmisdadigers die in een tempel in Tokyo opgebaard liggen.

Zo wees Abe onlangs nieuwe leden aan voor de bestuursraad van de NHK, het orgaan dat de leiding van de openbare omroep aanwijst. Onder hen Machiko Hasegawa. Zij schreef een boek dat een regelrechte aanval is op de grondwet, de titel: “Onze zeer afschuwelijke grondwet”. Want volgens haar zijn dat pacifisme, die eerbied voor mensenrechten en democratische instellingen de elementen die naar de ondergang van Japan leiden. Een ander lid is de schrijver Naoki Hyakuta die onder meer het boek schreef  “Wat is dat ding genaamd democratie?” Volgens hem leidde de democratie tot de eerste wereldoorlog.

Die lieden bepalen dus mee de inhoud van de openbare omroep. Japans verre buren hebben redenen om die Japanse militarisatie te wantrouwen. (Zie ook Uitpêrs 18-12-2012: Japan op ramkoers met buren)

Freddy De Pauw was van 1972 tot 2002 redacteur buitenland bij De Standaard. Hij volgde jarenlang Centraal- en Oost-Europa, een groot deel van Azië (o.m. China) en Italië. Hij publiceerde o.m. bij het Davidsfonds ‘Volken zonder Vaderland’ over de ‘etnische kwesties’ in Centraal- en Oost-Europa; De firma maffia; Italië, moeder van alle smeer; Russische mafija; Handelaars in mensen; Maffia in België en Handelaars in nieuws over trens in de berichtgeving. Werkt sinds de start in 1999 mee aan Uitpers.