Het akkoord met Iran: en als het mikpunt de Yuan zou zijn?

Fotosearch k11430416
Facebooktwittergoogle_plusmail

Het akkoord dat de Verenigde Staten met hun grootste vijand sinds de val van de Sovjet-Unie afsloten, een land dat ooit behoorde tot de zogenaamde ‘as van het kwaad’, betekent een geopolitieke verschuiving met tot nog toe onberekenbare gevolgen. Waar het om gaat, naast vrede, is het overleven van de Petrodollar, of met andere woorden, de hegemonie van de US Dollar.

 

 

Enkele maanden geleden leek dit nog onhaalbaar. Vóór de Arabische lente was het onmogelijk. Maar na het akkoord dat de invasie van Syrië door toedoen van de Russische diplomatie van de agenda haalde, lijkt plots alles mogelijk te zijn in het Midden-Oosten, en wie weet, misschien ook in andere werelddelen. De allianties die voor een broze stabiliteit in de regio zorgden zijn in rook opgegaan. De drie traditionele bondgenoten van de VS – Israël, Saoedi-Arabië en Egypte – gaan verschillende wegen op in hun relaties met de VS, terwijl Rusland opnieuw een plaats probeert te veroveren in de regio en China alsmaar meer invloed krijgt.

Alle analisten en een goed deel van de media zijn het er vandaag over eens om te stellen dat Washington niet langer alleen speelt op de wereldscène. Sommige adviseurs die altijd een sleutelrol speelden in het Witte Huis, zoals de invloedrijke Zbigniew Brzezinski, de nationale veiligheidsadviseur van Jimmy Carter (1977-1981), had een akkoord met Iran in het vooruitzicht gesteld van zodra het team van de pragmatische Hassan Rohani aan de macht kwam.’Het Congress zit eigenlijk verveeld met de inspanningen van Netanyahu om het beleid van de VS te dicteren’, zo schreef hij in een twitter enkele dagen geleden (Eldiario.es, 15 november 2013).

Het akkoord dat door de permanente leden van de Veiligheidsraad plus Duitsland (5 + 1) met Iran werd afgesloten geldt voor zes maanden en houdt een vermindering van het nucleair programma van Iran in, in ruil voor een versoepeling van het internationaal embargo. Iran gaat ermee akkoord het verrijkte uranium tot 20 % met de helft te verminderen, en in de toekomst tot niet meer dan 5 % te verrijken, om de verrijkingscapaciteit in Natanz of de reactoren van Fordow en Araki niet te verhogen, en geen nieuwe installaties te bouwen. Het Internationaal Agentschap voor Atoomenergie zal toezicht houden.

Washington van zijn kant accepteert om de boycot van Iraanse olie stop te zetten, de fondsen van Iran in het buitenland te deblokkeren, de sancties tegen de automobielindustrie en in de luchtvaartsector op te schorten en Iran toe te laten voedsel, geneesmiddelen en medische uitrusting aan te kopen.

Dit akkoord biedt voordelen aan beide partijen. Iran zal geen kernwapens ontwikkelen en behoudt het recht om een kernenergieprogramma voor vreedzame doeleinden uit te voeren. Dit kan de eerste stap in 35 jaar zijn op weg naar een duurzaam akkoord tussen de Islamitische Republiek en het Westen, ook al zijn er nog spanningen en meningsverchillen, zowel in de regio als mundiaal. Om uiteenlopende redenen is dit akkoord een overwinning voor Iran, de Verenigde Staten, Rusland en China. De verliezers zijn Saoedi-Arabië en Israël. Frankrijk probeerde de gesprekken te laten ontsporen maar heeft
uiteindelijk moeten inbinden.

De realiteitszin van Obama

Om dit te begrijpen moeten we de moeilijkheden van Washington onderkennen, want dat is het land dat het mondiale bestuur dat nu onderuit wordt gehaald, ook had ingevoerd. Als Washington zijn invloed wil behouden dat moet er een akkoord met Teheran worden afgesloten, hoewel niet voor de aangehaalde redenen. Het is in feite erg onwaarschijnlijk dat Iran een kernwapen kan maken op korte termijn. Alles wijst er op dat er in de onmiddellijke toekomst maar één kernmacht zal bestaan in de regio, en dat is Israël. Pakistan en Indië zijn kernmachten geworden zonder de toestemming van Washington, maar Pakistan is een bondgenoot en de VS flirten met Indië.

Het probleem voor Obama ligt elders: hij heeft dringend een geopolitieke kentering nodig. De groeiende invloed van Rusland en vooral van China in de regio heeft het Pentagon ertoe aangezet een strategie van de ‘Azië –Stille Oceaan’ as te ontwikkelen, zodanig dat het land dat de VS als zijn grootste concurrent ziet, ook kan afgeremd worden. We weten allemaal dat de toekomst van de wereldeconomie meer en meer in Azië ligt. Bovendien heeft Washington sinds de Arabische lente een paar onvoorwaardelijke bondgenoten verloren: Turkije, Israël, Saoedi-Arabië, Irak. Dat zorgt voor onstabiliteit die het onmogelijk maakt zich toe te spitsen op Azië. Daarom schrijft de analist Pepe Escobar: ‘Washington wil meer invloed in Zuid-Oost-Azië, en in geheel Eurazië’ (Russia Today, 15 november 2013).

Met het tijdelijk akkoord dat met Iran werd afgesloten in Genève bereikt Barack Obama zijn grootste succes in buitenlandse zaken en krijgt hij een kans om de geopolitiek mondiaal te hertekenen, voor het eerst sinds de val van de Berlijnse Muur’ (El País, 25 november 2013). Dat dit akkoord nog niet eerder werd afgesloten komt door interne problemen in de VS. Dat het nu wel slaagt komt door een herschikking in de regio waar de VS met handen en voeten gebonden was. Drie jaar geleden, toen Brazilië en Turkije een akkoord maakten om Iran uranium te laten verrijken buiten zijn grenzen, ‘werd er een toegeving gedaan die vandaag niet langer nodig is’, zo zei Celso Amorim, de vroegere Buitenlandminister en huidig Minister van Defensie van Brazilië (Folha de Sao Paulo, 27 november).

Iran had dringend een bestand nodig, vooral om aan de sancties te ontsnappen die zijn economie onderuit halen. De inflatie bereikt 30 %, de werkloosheid 20 %. De olie-export die 80 % van de overheidsinkomsten uitmaakt, was met de helft gedaald. De Iraanse munt, de Rial, was met 100 % gedevalueerd t.a.v. de Dollar en de voedselprijzen waren verdubbeld. Het klopt dat Iran nog olie exporteerde naar 30 verschillende landen, met inbegrip van China en Indië, en de helft van de handel met Beijing gebeurt in Yuan, wat de Dollar beïnvloedt. Door de sancties op te heffen krijgt Iran 8 miljard Dollar, aangezien het weer bij zijn activa in andere landen kan en de handelsstromen kunnen hersteld worden.

Indien het akkoord wordt bevestigd en tijdens de komende zes maanden wordt uitgevoerd, zal Washington de handen vrij hebben om te bereiken waar het de VS echt om te doen is: de omsingeling van China, met betrokkenheid van Japan, Zuid-Korea en Australië, en uiteraard met hun vloot van vliegdekschepen en hun netwerk van militaire bases.

Het nieuwe bondgenootschap tussen Saoedi-Arabië en Israël

De Chinese diplomatie stelde dat het bereikte akkoord slechts ‘het begin’ was en wees er op dat de weg nog lang is (Xinghua, 25 November 2013). ‘China zal de gesprekken verder bevorderen en zal een constructieve rol spelen’, aldus de woordvoerder van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

China is wellicht het land dat het grootste belang heeft bij het vermijden van oorlog in de regio, want in zo’n oorlog zouden verschillende landen betrokken zijn en het zou leiden tot het afsluiten van de Straat van Hormuz in de Perzische Golf waar 20 % van de wereldoliehandel voorbij komt.

Mocht dit gebeuren, dan zouden de olieprijzen verdubbelen en de handelsstroom onderbroken worden, vooral in het nadeel van Aziatische landen en van Europa. Washington van zijn kan wordt zelfvoorzienend worden in energieproducten en zijn bronnen zijn veel verscheidener dan die van zijn belangrijkste concurrent.

Voor Moskou is het belangrijk dat de oorlog in Syrië wordt beëindigd en dat de ‘klemtoon verschuift van het afzetten van Bashar al Assad naar het bestrijden van terrorisme’ (The Brics Post, 25 november 2013). De situatie is vergelijkbaar voor de Iraakse regering van Nouri Al Maliki die de vreselijke tegenstelling tussen sunnieten en sjiieten moet zien te overkomen. Tien jaar na de VS invasie is er chaos in het land. In beide gevallen is de invloed van Iran niet onbelangrijk. Als bondgenoot van de presidenten van Irak en Syrië, kan Teheran een sleutelrol spelen om de spanning te verminderen, met steun van de invloedrijke Russische diplomatie.

Maar de echte sleutel ligt bij het nieuwe bondgenootschap tussen Israël en Saoedi-Arabië. Eerste Minister Benjamin Netanyahu klaagde er in een telefoongesprek met Obama over dat hij het akkoord een ‘historische vergissing’ vond, aangezien ‘de wereld veel gevaarlijker was geworden’ (Russia Today, 26 november 2013). De koninklijke familie van Saoedie-Arabië is dan weer verontwaardigd over het akkoord. De Saoedi’s hebben een dubbele nederlaag geleden, met de mislukking van hun plannen in Syrië en met hun aartsvijand Iran die een bevoorrecht gesprekspartner van Washington wordt en op die manier hun leiderschap in de regio betwist.

Sommige bronnen melden dat de geheime diensten van Israël en Saoedi-Arabië aanvallen in Iran voorbereiden, terwijl de BBC enkele weken geleden stelde dat Saoedi-Arabië probeerde aan kernwapens te komen via Pakistan. Saoedi-Arabië heeft dat kernwapenprogramma vroeger gesteund. Ernstiger is het feit dat Riad bereid is om drones, bevoorradingsvliegtuigen en helicopters, net als het luchtruim zelf, te beschikking te stellen van Israël voor een aanval op Iran.

Toch is het weinig waarschijnlijk dat de nieuwe bondgenoten Iran meteen zullen aanvallen. Wel zal in eerste instantie gemikt worden op het Syrische front en waarschijnlijk ook op Libanon, omdat de sjiietische Hezbolla milities een probleem vormen voor Israël. De zelfmoordaanval op de Iraanse ambassade in Libanon die het leven heeft gekost aan 23 mensen, maakt deel uit van een escalatie om de nieuwe machtsrelaties in de regio te counteren. Het andere zwakke punt is de Gazastrook, waar de afgevaardigde van de Verenigde Naties verklaarde dat de humanitaire crisis die wordt veroorzaakt door de blokkade door Israël nu ‘alle basisdiensten, met inbegrip van ziekenhuizen, riolering en pompstations treft’ (Asia Times, 27 november 2013).

Het Midden-Oosten is het centrum van de VS-hegemonie sinds 1945. Dat is nu niet langer het geval en hun belangen komen meer en meer in de regio van Azië en de Stille Oceaan te liggen. De regio heeft nog wel een strategisch belang, maar de zaken worden erg ingewikkeld voor Washington. Sinds de val van Hosni Mubarak in Egypte is de VS de controle over het land kwijt. Israël wordt een problematische bondgenoot en Saoedi-Arabië kijkt meer en meer richting China. De belangrijkste stukken in dit strategische schaakspel bewegen in onvoorspelbare richtingen zonder centraal bevel om het spel te leiden.

Olie en Dollars

Het scenario waarin de belangrijkste machtsfactoren in het Midden-Oosten tot stand kwamen dateert van de eerste wereldoorlog. Met het geheime Sykes-Picot akkoord van 16 mei 1916 tussen Frankrijk en Engeland werden de respectieve invloedssferen vastgelegd op een ogenblik dat olie steenkool ging vervangen als brandstof voor de oorlogsschepen. In februari 1945, na de conferentie in Yalta, kwam President Franklin D. Roosevelt aan in het Suez kanaal om er de Saoedische autoriteit Ibn Saud te ontmoeten en een bondgenootschap te smeden dat de overwinnaar van de tweede wereldoorlog de plaats liet innemen van Engeland als dominante macht in de regio.

Het Huis van Saoed werd de belangrijke leverancier van goedkope olie aan het land dat instond voor nagenoeg de helft van het mondiale BBP. Het recente rapport van het Internationaal Energie-agentschap geeft aan dat dank zij de nieuwe technologie van hydraulisch ‘fracken’, de VS Saoedi-Arabië kan inhalen als belangrijkste olieproducent. Dit kan gebeuren vanaf 2015, of met andere woord, zeer binnenkort.

Voor de Verenigde Staten is de zelfvoorziening in energie erg belangrijk, want hun afhankelijkheid op dat vlak was juist een zwakte. De rol van Riad is echter nog onzeker. Begin 2012 hebben China en Saoedi-Arabië een akkoord bereikt over de bouw van een grote raffinaderij in de haven van Yanbu, aan de Rode Zee, waar 400.000 vaten per dag kunnen geproduceerd worden vanaf 2014.Het Chinese overheidsbedrijf Sinopec zal een aandeel van 27,5 % hebben, en het Saoedisch bedrijf Aramco van 62,5 %.

Het akkoord is een ‘strategisch partnerschap in de raffinage-industrie tussen een van de belangrijkste energieproducenten in Saoedi-Arabië en een van ’s werelds belangrijkste klanten’, aldus Aramco voorzitter en CEO Khalid Al-Falih (China Daily, 16 Januari 2012). China importeert 56 % van de aardolie die het verbruikt; Saoedi-Arabië is de belangrijkste leverancier van aardolie aan China en de grootste exporteur ter wereld. China participeert in infrastructuurwerken in Saoedi-Arabië, in spoorwegen, havens, de elektriciteitssector en telecommunicatie. Dit is een belangrijk keerpunt in de mondiale oliesector en concreet ook in de Chinese aanwezigheid in een regio en in een land dat een pijler van Washingtons hegemonie was.

De verandering vond plaats in 2012. China verving de Verenigde Staten als belangrijkste importeur van Saoedische olie. Maar de kern van de zaak zit dieper: in 1972 bereikten de VS en Saoedi-Arabië een akkoord over het feit dat de olie die door het Koninkrijk werd verkocht in US Dollar zou worden geprijsd. Dat was het begin van de Petrodollar die door bijna alle landen werd aanvaard en het steunpunt werd voor de economische supermacht, met een voordeel dat geen enkel ander land had.

In 1975 kwamen alle OPEC-landen overeen dat hun olievoorraden in US Dollar werden geprijsd, in ruil voor wapens en militaire bescherming. Het Petrodollar systeem, beter gekend als ‘olie voor Dollars’ creëerde in de hele wereld een artificiële vraag naar Dollars. Met de stijgende vraag naar olie, steeg ook de vraag naar Dollars. Het geld dat in de wereld wordt uitgegeven loopt dus via de Federal Reserve en financiert de overheidsschuld van de VS. Bovendien kreeg de VS zijn olie eigenlijk gratis, want het kon het geld waarmee betaald werd gewoon bijdrukken.

Als de Petrodollar wegvalt kan de dollar niet langer functioneren als reservemunt en komt er de facto een eind aan de VS hegemonie. De BRICS zijn in hun eigen munten beginnen handelen, vooral China en Rusland. Saoedi-Arabië is het sleutelland. De dag dat het ophoudt zijn olie voor Dollars te verkopen, zal dit een rampzalig gevolg hebben voor het financiële systeem en zal Wall Street een geweldige opdoffer te verwerken krijgen. Het volstaat te denken aan de echte reden voor de inval in Irak de dag dat Saddam Hussein besloot zijn olie voor Euro’s te verkopen.

De val van de Dollar is de afgelopen jaren versneld door de akkoorden tussen China en de Verenigde Arabische Emiraten, Brazilië en Rusland en de BRICS landen met elkaar, maar ook met Japan en Australië. Zij zullen hun eigen munt gebruiken (Geab 72, februari 2013). Begin 2013 stelde het European Laboratory of Political Anticipation dat ‘het opheffen van de sancties tegen Iran de eerste stap is voor de betaling in Euro voor in Europa ingevoerde olie’.Er werd aan toegevoegd dat het oude continent ‘niet moet instaan voor de onstabiliteit en de zwakte van de VS economie’.

Deze trend botst frontaal met de internationalisering van de Yuan, de munt die het meest opgang maakt tegenover de dollar. Een symptoom van wat op ons afkomt is de verbijsterende stijging van de goudaankopen door centrale banken in 2012, de sterkste verhoging sinds 1964 (CNBC, 14 februari 2013). De Volksbank van China maakte onlangs bekend dat ‘het land geen voordeel meer heeft bij meer aankopen van buitenlandse munten’, wat betekent dat ze kunnen ophouden met het aankopen van Dollars (Bloomberg News, 21 november 2013). China heeft voor 3600 miljard aan reserves, drie keer zoveel als alle andere landen en meer dan het Duitse BBP.

Een kenmerk van een transitieperiode is altijd dat veranderingen elkaar sneller opvolgen en vooral dat conflicten meer en meer met militaire middelen worden opgelost. Het akkoord met Iran stelt oorlog in het Midden-Oosten uit, maar zou de spanningen in de Azië en Stille Oceaan regio kunnen doen oplopen.

Raúl Zibechi, Uruguayaans journalist, schrijft in Brecha and in La Jornada en is medewerker van ALAI.

Vertaling Francine Mestrum