Syrië en chemische wapens, een stok om een hond te slaan

chemicalweapons
Facebooktwittergoogle_plusmail

 Wie op zoek is naar een excuus om iemand een pak slaag te geven zal dat normaal steeds wel vinden. Zeker in de wereld der internationale politiek is dit zoeken naar een excuus schering en inslag. De Golf van Tonkin, Pearl Harbour, de chemische wapens van Saddam Hoessein en het nucleaire programma van Iran. Het waren en zijn allemaal uitvluchten van de VS om oorlog te voeren. Het “verhaal” over het gebruik van  chemische wapens in Syrië, past in die lijst.

De geschiedenis bulkt dan ook van de nepargumenten die landen en heersers in het verleden gebruikten om de wapens het hoge woord te laten voeren en niet de diplomaten. Ook wat betreft Syrië heeft het westen en haar vrienden uit het Arabisch schiereiland al wat uitvluchten weten te verzamelen. En kijk, plots kwam de Amerikaanse president Barack Obama op 19 augustus 2012 met een wel heel eigenaardige bewering. Voor Obama dreigde er in Syrië een groot gevaar. De regering daar had grote hoeveelheden chemische wapens en deed daar erg verdacht mee.
Washington stelde dat Damascus die wapens wel eens zou kunnen gebruiken tegen die ‘vrijheidsstrijders’, en dat kon niet zijn. Gebruikte Syrië die toch, dan werd er voor Obama een zogenaamde rode lijn overschreden. Het was voor hem een casus belli, een reden voor oorlog.
Een merkwaardige verklaring daar tot dan niemand over die Syrische chemische wapens had gesproken, niet de rebellen, niet hun vrienden in onze media of de Arabische Golfstaten en Israël. 

Staatsgreeppleger

Wat was er dan aan de hand? Nadien speculeerden sommigen in de Amerikaanse pers dat Obama in een val was gelokt om zijn leger toch maar richting Syrië te sturen. Nu zijn er alleen enkele duizenden Amerikaanse geheime agenten, instructeurs, huurlingen, communicatiespecialisten en hulpverleners actief.
Binnen Washington is er over Syrië al meer dan twee jaar een ware oorlog aan de gang tussen de verschillende tentakels van dit imperialistisch monster. De CIA, het Pentagon, het Witte Huis zelf en Buitenlandse Zaken (het State Department) verschillen allen erg van mening over de kwestie.
Vooral Buitenlandse Zaken, eerst onder Hillary Clinton en nu onder John Kerry, speelt daarbij de rol van havik, terwijl het Pentagon (Defensie) dan weer tegen een escalatie van die oorlog is. Ook de CIA loopt verre van warm voor het verder escaleren van deze oorlog. Waarbij er intern binnen die diensten ook een stevig robbertje wordt uitgevochten.
Typerend is dat John Kerry gekend stond als een anti-interventionist wat betreft Syrië en nu sinds zijn aantreden als minister van Buitenlandse Zaken merkwaardig genoeg zijn kar keerde en almaar aandringt om meer direct in te grijpen.

Pentagon is tegen

De oorzaak voor die houding van Buitenlands Zaken is te zoeken in de beslissing van de vroegere president Ronald Reagan om de CIA in twee stukken te hakken met langs de ene kant een puur met spionage en analyse werkende dienst. De taak van staatsgreeppleger en destabilisator van andere de VS onwillige landen, het vuile politieke werk, kwam daardoor dan in handen van de National Endowment for Democracy, een nieuwe structuur.
Dat leverde nadien een wildgroei op van tientallen organisaties die allen eenzelfde doel nastreefden. Waaronder Freedom House en ook de Open Society van de voor criminele feiten veroordeelde topspeculant George Soros.
Ook een ngo als Human Rights Watch hoort in dit rijtje thuis. Het is verder geen toeval dat Amnesty International USA nu onder leiding staat van een vroegere topdame van het State Department die ook een vertrouwelinge is van Madeleine Albright, de vroegere minister van Buitenlandse Zaken onder Clinton. Zij is een leidende figuur binnen de Democratische Partij en te zien als de vrouwelijke Henry Kissinger..
Het is deze wirwar van organisaties die nu deels onder Buitenlandse Zaken vallen of ermee samenwerken, die verantwoordelijk zijn voor al die kleurenrevoluties zoals die in Oekraïne en Georgië. Waartoe men ook de zogenaamde Arabische Lente kan rekenen. Deze structuur rond Buitenlandse Zaken is de huidige speerpunt van het Amerikaanse imperialisme.

Sarin

Het Amerikaanse leger moet dan steeds maar het vuile erg ondankbare werk opknappen en de ene vernedering na de andere slikken, van Afghanistan over Somalië naar Irak. Geen leuk verhaal voor G.I. Joe en stafchef generaal Martin Dempsey die qua Syrië dan ook radicaal gekant is tegen welk direct militaire ingrijpen van zijn leger ook.
De kans dat men Obama hier met die chemische wapens om de tuin leidde kan dan ook niet uitgesloten worden. De geschiedenis van het Witte Huis krioelt van dergelijke histories, meestal georkestreerd door de CIA. Het om de tuin leiden van de Amerikaanse president leek op zeker ogenblik zelfs een nationale sport.
Het is dan ook meer dan eigenaardig dat er op 18 maart plots een eerste verhaal over chemische wapens in Syrië opdook. Niet door het Syrische leger, maar door die jihadisten die dan sarin zouden gebruikt hebben tegen het regeringsleger in het stadje Khan al Assal bij Aleppo.
Of dit klopt weten we natuurlijk niet. Het ging volgens de Syrische regering over kleine hoeveelheden en bewijzen hiervoor verzamelen in een burgeroorlog als deze in Syrië is praktisch onmogelijk. Zeker over de origine van de aanval.
Maar in de buurt waren enkele chemische bedrijven die in handen van die rebellen waren gevallen. En bovendien beschuldigde de VS ten tijde van de bezetting van Irak er met al Qaeda gelieerde jihadisten van om sarin te hebben gebruikt.

Le Monde

Bovendien was het een heel beperkt gebruik zonder echte militaire of zwaar menselijke gevolgen. Niet echt het werk van professionals zoals men dat van een geoefend leger mag verwachten. De bewering van de Syrische regering zou dus wel eens kunnen kloppen. Sarin is ook vrij gemakkelijk aan te maken.
Nadien en niet veel later echter kregen wij plots een ganse serie berichten van die rebellen dat het regeringsleger chemische wapens had gebruikt. Waarbij Rudi Vranckx op de VRT beelden bracht van zogenaamd zwaar gewonde jihadisten met schuim op hun mond. Voor de rebellen en Vranckx het bewijs van chemische oorlogvoering. Columnist Koen Meulenaere had het in De Tijd dan weer cynisch over scheerzeep.
En dan kwam daar plots de Franse krant Le Monde met het verhaal van hun twee journalisten die vele weken bij die rebellen hadden doorgebracht. En er ongetwijfeld maatjes mee waren geworden. Zij hadden stalen bij zich met bewijzen van vermeende chemische oorlogvoering door het regeringsleger. Meegebracht van hun verblijf bij die jihadisten.
Le Monde is zowat de spreekbuis geworden van die rebellen en blinkt uit in hagiografieën over hen. De recente interviews van de krant met rebellenleiders Ahmed Jabra en Salim Idriss zijn typerend. En zie de Franse regering stelde op 4 juni deze stalen onderzocht te hebben en hierin het bewijs gevonden te hebben voor het gebruik van chemische wapens door de Syrische regering.

Onwetenschappelijk

Een bewering die dan na dagen aarzelen eerst door Londen en na nog weer wat dagen door de VS werd overgenomen. Een wetenschappelijk rapport hierover ontbreekt echter voor zover geweten geheel. Dergelijke stalen dienen bovendien op strikt wetenschappelijke wijze genomen te worden. Zo niet is alles gewoon waardeloos.
En dat was zo te zien ook de reactie van de rest van de buitenwereld. Enkele met die rebellen meereizende journalisten die wat stalen van vermeende chemische oorlogvoering door de ‘vijand’ meebrengen is als bewijs gewoon ongeloofwaardig. Het is wetenschappelijk pure nonsens.
En wat voor Obama voordien een casus belli was, een reden voor oorlog, bleek nu plots bijna een non-event. Merkwaardig toch. En men hoort bij die rebellen en hun persvriendjes tegenwoordig ook geen dergelijke verhalen meer. Het is op dit terrein ineens muisstil. Sarin is uit de pers verdwenen!
Het gevoel is hier dan ook dat het gewoon een mislukte poging was om de VS tot directe ingrijpen te verleiden. Het was de periode van herhaalde oproepen in de zogenaamde kwaliteitspers en bij ngo’s genre Amnesty International in die richting. Maar Obama en zeker generaal Dempsey heeft er geen enkele zin in. Het lijkt bij die laatste wel: “Over mijn lijk.”
Zijn recente verklaring in het Amerikaans parlement over de gevolgen voor de VS van een zelfs maar beperkt direct ingrijpen waren duidelijk. Het ging per maand minstens 1 miljard dollar kosten en de gevolgen waren niet te overzien. Met een resultaat dat wel eens slechter kon zijn dan wat men nu had. Zelden verzette het Pentagon zich zo tegen een oorlog.

Gele regen

Het verhaal over Syrië doet feitelijk denken aan de episode met de ‘gele regen’ uit 1983 en ‘84 ten tijde van president Ronald Reagan. Diens regering wilde de spanning met de Sovjetunie opdrijven en dacht eraan om het wederzijds verdrag rond biologische oorlogvoering op te zeggen.
In Laos hadden enkele Amerikaanse fans van de Vietnamese oorlog geruchten bij hun vroegere lokale bondgenoten gehoord over mysterieuze doden met daarbij gruwelijke interne bloedingen. En al dra staken die de schuld hiervoor op de aartsvijanden Vietnam en de Sovjet-Unie.
Die gebruikten volgens Washington, die deze beweringen gretig overnam, een verschrikkelijk biologisch wapen, een soort van bijenkak. Een verhaal te zot voor woorden dat echter in onze pers zelfs voor waar werd aangenomen. Onder meer door Lode Bostoen de toenmalige hoofdredacteur van De Standaard die elke kritiek hierop in zijn krant weigerde op te nemen.
Hier verdedigde de toenmalige Gentse professor in de Toxicologie Aubin Heyndrickx deze onzin en stelde daarbij zelfs over bewijzen te beschikken. Hij werd door zijn collega’s echter ontmaskerd als een oplichter, een wetenschappelijke nul. Niet echter bij figuren als Lode Bostoen en de rest van onze persgilde die hem nog jaren nadien bleven verdedigen.

Morsdood

Internationaal was het verhaal na de tussenkomst van de Gentse bedrieger – de man verloor nadien zelfs zijn titels – morsdood. En zo ook lijkt Le Monde hier de rol van Heyndrickx te hebben overgenomen. Iets wat het echte karakter van dit soort pers aantoont.
Er is nog wel een commissie van de VN die voor onderzoek naar Syrië zou afreizen, maar niemand in Washington, Parijs of Londen lijkt nog veel interesse te hebben in de zaak. Het verhaal is ook bij hen blijkbaar morsdood.
Zoals met Ronald Reagan en onder George Bush Jr. met Irak waren de chemische wapens gewoon de broodnodige stok om de vijand mee te slaan. En zoals met die ‘Gele Regen’ en Irak namen de media ook deze verhalen zonder discussie zo over. Het heet simpelweg en zonder verdere nodige discussie: Geen niveau.
De regeringen in Washington, Parijs en Londen spreken trouwens ook niet meer over oh zo nodige wapenleveranties aan die rebellen. Integendeel, deze zogenaamde ‘Vrienden van Syrië’ rollen tegenwoordig zelfs al vechtend over de straat.
En ook de rebellenvrienden in de pers zwijgen hierover tegenwoordig. Hun steun aan al Qaeda en andere jihadisten wordt ook voor hen blijkbaar te gênant. Hier oproepen voor steun aan Russische homo’s en ginds jihadisten willen bewapenen. Geloofwaardig zijn is wat anders.