Landgrabbing of landjepik

landjepik
Facebooktwittergoogle_plusmail

Inpikken van grond is een oud zeer. In de koloniale tijd werden de beste gronden in Afrika, Azië en Latijns-Amerika opgeëist voor crops die Europa nodig had: suikerriet, cacao, koffie, rubber, … Is het nu zo anders? Ja, nu is het niet alleen meer Europa, maar ook China, India, Japan. Ja, Brazilië doet zelf ook mee in Afrika. Meestal gebeurt de roof in samenwerking met multinationals. Soms onder het mom van NGO’s, om dan nadien voluit als bedrijf zijn gangen te kunnen gaan.

Koop Braziliaanse grond aan 0,50 euro/hectare

In de jaren ’60 kwamen tussenpersonen in België Braziliaanse grond aanbieden aan 20 Belgische frank (halve euro) per hectare. Velen zagen het als een goede belegging en kochten 8000 tot 12.000 hectare. Waarom niet eigenlijk? Interessante belegging. Achteraf bleek dat de betreffende grond soms door drie instanties werd opgeëist. Gevolg: eindeloze juridische procedures en dat vanop 9000 km afstand.

Ook bedrijven als Volkswagen bezitten al decennia lang enorme gebieden in Brazilië. De wet die de aankoop van grond door buitenlandse bedrijven bemoeilijkte, werd omzeild door er ‘Volkswagen Brasil’ van te maken.

 

Brazilianen pikken grond van Brazilianen

De Europese afstammelingen in Brazilië kennen er ook wel wat van. Sinds de Groene Revolutie van de jaren ’60 trekken de Gaúchos van Zuid-Brazilië met Italiaanse, Duitse, Poolse en Oekraïnse namen, hogerop met hun soja. Monocultuur soja in plat gegooide, immense gebieden. Tabula rasa om ‘ontwikkeling’ te brengen. Sinds enkele jaren zijn ze zo in Zuid-Piauí aangekomen. Vooral in de gemeente ‘Bom Jesus’ (Goede Jezus!) bezetten de Sulistas de hoger gelegen plateaus met hun soja. Wat in lager gelegen, minder bewerkbare terreinen overschiet, is voor de oorspronkelijke boerenlandbouw. Mensen worden geïntimideerd en gedwongen om grond te verkopen. Gronden van de deelstaat en van de federale staat worden stoemelings ingelijfd. Fazendeiros als grileiros (1). Ik weet niet of de goede Jezus het zou gewild hebben, maar in Bom Jesus staat er een virtuele muur tussen de oorspronkelijke bevolking en de  inbrekers uit het zuiden. Ze wonen in condominiums, waar ze zich letterlijk achter muren verschansen. Je ziet ze alleen maar bijwijlen rondrijden met hun dure 4×4’s.

 

Sinds 2000 bezetten buitenlandse investeerders 65 keer België

Sinds 2000 veranderde de situatie grondig. Wereldwijd. Steeds meer buitenlandse investeerders beleggen in grond. In vele gevallen werken ze voor grote agrobedrijven. Zo ging van 2000 tot 2010 niet minder dan 203 miljoen hectare over de toonbank. 65 keer België dus.

“Het grootste deel van het land komt uit ontwikkelingslanden met grote voedselproblemen”, zegt Stéphanie Parmentier, specialist ter zake van Oxfam. “Nieuw onderzoek heeft nu bovendien uitgewezen dat de investeerders echt op zoek gaan naar landen met een zwakke staatsstructuur, beperkte regelgeving en een enorme corruptie. Op die manier kunnen ze meer winst maken en een administratieve rompslomp ontlopen.”
Bij voorkeur de zwaksten eerst

Zowat driekwart van de 56 landen die het voorbije decennium landovereenkomsten afsloten, scoort slecht op de ontwikkelingsindex van de Wereldbank. Die index meet hoe een land corruptie aanpakt, politieke stabiliteit garandeert en geweld in de kiem smoort, hoe sterk de rechtsstaat is en hoeveel inspraak burgers hebben. Nochtans vindt de Wereldbank het niet opportuun om de grote landbouwinvesteringen te staken. Een zekere bezorgdheid begint wel te groeien, temeer daar de erosie van landbouwgronden door deze vernietigende landbouwpraktijken wereldwijd schrikbarende vormen begint aan te nemen (1).  “Die buitenlandse investeerders kiezen dié gebieden uit waar weinig controle is”, zegt Parmentier. “En waar de lokale  inwoners het zwakst staan. In vele gevallen worden die mensen verplicht hun lap grond te verkopen, terwijl het net die mensen zijn die voor hun dagelijkse voeding afhankelijk zijn van dat stukje land.”

 

Voedselcrisis

Niets wijst er op dat grote investeerders sinds 2010 hun zoektocht naar vruchtbare grond hebben gestaakt. Integendeel. Parmentier: “De voedselcrisis van 2008 en ook de financiële crisis hebben het fenomeen nog versterkt. Zeker door de impact van de klimaatopwarming is land een schaars goed geworden. Bovendien wordt vruchtbare grond steeds meer gebruikt voor andere zaken dan voedsel, zoals agrobrandstoffen.” Op 60 procent van de gegraaide grond verbouwen  de bedrijven die agrobrandstoffen.
De totale hoeveelheid land die het voorbije decennium naar buitenlandse investeerders ging, kan in principe een miljard mensen van voedsel voorzien. Dat is exact het aantal mensen dat momenteel honger lijdt.

 

Mozambique

Een schrijnend voorbeeld is Mozambique. Het land ging al 96 deals aan, wat neerkomt op ongeveer 5 % van het areaal. Het is nog maar een begin. Er is nu een triangel ontstaan tussen Japan, Brazilië en Mozambique. Vooral in Noord-Mozambique wordt duchtig geïnvesteerd. Zie de juichkreten in de ‘Club of Mozambique’ (3). Japan zou vooral grootse werken op touw zetten, o.a. havens, want de soja moet zo vlug mogelijk naar Azië en Europa verscheept worden. Brazilië zorgt voor de overdracht van de knowhow: “Hoe zaai ik de ‘nutteloze’ savanne vol met monocultuur soja?” Een driehonderdtal Braziliaanse fazendeiros zouden al actief zijn in dit veelbelovende land. Ze worden ondersteund door Embrapa, het agrarisch kenniscentrum van de Braziliaanse overheid. De Embrapa-vogel heeft sinds de tweede ambtstermijn van president Lula twee vleugels: een grote en een kleine. De grote van de agrobusiness overvleugelt de kleine, ten dienste van de Agricultura Familiar. Helaas zijn de projecten richting Afrika tot nu toe alleen die van de agronegócio. Nochtans zouden Afrikanen en Brazilianen elkaar heel wat kunnen leren, van campesino tot campesino. De vogel dreigt in de oceaan te storten, als één vleugel alsmaar lange wordt en de andere korter.

 

Leopold II, koning der Belgen, deed het hen voor

Nee, nu wordt de strategie gevolgd, die Koning Leopold II eind negentiende eeuw en nadien de Belgische staat in Congo toepaste: de chefs op je hand krijgen en zo je koloniale belang doordrukken. De plaatselijke chefs zijn niet democratisch verkozen en hun wil is wet. Zo wordt heel wat grond toegezegd tegen de wil van de eigen bevolking in. De macht van de chef is onaantastbaar. Hetzelfde geldt voor de president. Hij hoeft niet veel democratische controle te vrezen om in de triangel volop mee te gaan. De Mozambicanen moeten volgen.

 

Plan je volgende reis naar Mozambique. Met TAP.

Ook toeristisch scoort Mozambique hoog. In het vliegtuig richting Brazilië vind ik de promotiebrochure van TAP: suggesties van reizen met de Portugese luchtvaartmaatschappij TAP naar het paradijs dat Mozambique heet. Op de cover prijkt: ‘Nature in its purest state’. Met geen woord wordt gesproken over de inname van Mozambique of over de vernietiging van het paradijs.

Ik ben blij dat Disop 20 exemplaren van het laatste Wervelboek ‘Legal! Optimisme – realiteit – hoop’ meenam naar Mozambique. Ze zullen er in de landbouwscholen gebruikt worden om te discussiëren over welk landbouwmodel de Mozambicanen zelf willen. “Willen we wel zo’n invasie van Braziliaanse soja”?

Luc Vankrunkelsven,
Urutai, 15 april 2013.

Noten:

(1) http://www.vilt.be/Landtoegang_is_cruciaal_in_strijd_tegen_armoede
(2) http://www.vilt.be/Landbouw_wereldwijd_bedreigd_door_bodemdegradatie
(3) Sinds 1850 kan met de ‘Lei da Terra’/’Wet van de grond’ grond gekocht worden. Voordien was Terra eigendom van de Portugese koning, vanaf 1824 van de Braziliaanse keizer. De Lei da Terra maakt een onderscheid tussen ‘propriedade’ (gekochte eigendom) en ‘posse’ (gebruiksrecht; je mag deze grond gebruiken, al dan niet met bewijzende papieren). De ‘Posseiros’ zijn kleine boeren, die meestal zonder papieren van zulk gebruiksrecht genieten. De ‘Grileiros’ beroepen zich ook op de wet en verjagen dikwijls de Posseiros die soms al generaties lang op een stuk grond leven en werken. ‘Grileiro’ betekent letterlijk sprinkhaan. De Grileiros proberen met documenten te bewijzen dat ze de gronden (dikwijls duizenden hectares) die ze illegaal bezetten, legaal aankochten en dat al lang geleden. De papieren worden ouder gemaakt: in de grond gestoken of te eten gegeven aan sprinkhanen. Al zijn de documenten van recente datum, dankzij het ‘verouderingsproces’ lijken ze oud en authentiek. Dikwijls nemen ze gewoon federale gronden of gronden van de deelstaten in om dan te zien wat er gebeurt. Meermaals gebeurt er niets. Zo is het gemakkelijk om enorme gebieden in je bezit te krijgen. Als kleine landloze boeren gronden bezetten, komt de politie wel vlug langs.
(4) http://www.clubofmozambique.com/solutions1/sitemap.php