14 april: opvolging van Hugo Chávez

maduro-capriles
Facebooktwittergoogle_plusmail

Zondag 14 april 2013 zijn er opnieuw presidentsverkiezingen in Venezuela. Die komen er nadat president-elect Hugo Chavez op 5 maart overleed. Deze stembusgang is niet alleen van belang voor de Venezolanen zelf, maar ook voor heel Zuid-Amerika. Inderdaad, sedert wijlen Hugo Chavez de macht in handen had gekregen in Venezuela is dit land uitgegroeid tot de hoop op sociale vooruitgang voor de gewone Zuid-Amerikaan en tot schrikbeeld voor de neo-liberalen. Nicolas Maduro wil dit beleid verder zetten. De kandidaat van een groot oppositieblok is Henrique Capriles die in oktober verloor van Chavez.

 

Capriles volgt dezelfde strategie als bij de verkiezingen van oktober 2012. Hij geeft zichzelf het beeld van een centrumlinks politicus en met een slogan “Venezuela is van iedereen” hoopt  hij ook stemmen buiten de middenstandsklasse te kunnen vergaren. Maduro noemt zich de erfgenaam van Chavez en wil als ex-vakbondsman de belangen van de gewone mensen als uitgangspunt nemen voor het beleid: socialisme van de 21ste eeuw.

sociaal

Dat heeft alles van doen met een grondige herverdeling van de inkomsten van het land, die onder de opeenvolgende presidentschappen van Chavez werd doorgevoerd. De inkomsten uit de petroleumsector komen niet langer ten goede van een kleine elite of buitenlandse ondernemingen, maar worden gebruikt om de menselijke ontwikkeling van de bevolking te bevorderen. In het oog springen hierbij de enorme inspanningen die werden geleverd om elke burger toegang te geven tot gezondheidszorg bijvoorbeeld. Er werd een systeem van gezondheidsposten opgezet in alle uithoeken van het land, in alle volkswijken van de steden. Met dank aan de Cubaanse dokters die in grote aantallen dit systeem mogelijk maakten. Een gelijkaardig verhaal moet er gemeld worden voor de strijd tegen het analfabetisme. De toegang tot hoger onderwijs is enorm verbeterd. Naar verluidt is het percentage studenten dat hoger onderwijs volgt het dubbele van het Zuid-Amerikaans gemiddelde. Een belangrijke stap om de armoede sterk te doen dalen was het opzetten van een nationaal distributienet voor voedsel aan gecontroleerde prijzen. Grootgrondbezitters werden onteigend voor die stukken die ze niet bewerkten, of waarvan ze de eigendom niet konden bewijzen. Deze gronden werden verdeeld onder landloze boeren. In 2009 ging het al om meer dan een derde van het grootgrondbezit van voor 1998. Voor de realisatie van een woningbouwprogramma werd de cementsector genationaliseerd, maar critici beweren dat dit de efficiëntie zeker niet ten goede kwam.

Het valt op dat de oppositiekandidaat opnieuw onderstreept dat onder zijn bewind de sociale programma’s zullen worden verder gezet. Met andere woorden,  Chavez’ sociaal beleid wordt door een grote meerderheid van de bevolking te sterk gedragen om er openlijk tegen in te kunnen gaan. Tijdens de verkiezingsstrijd van oktober vorig jaar zie Capriles dat hij eerder het beleid van Lula voorstaat, marktvriendelijke economische politiek met inkomensherverdeling. Waarop Lula op de meest duidelijke wijze zijn steun aan Chavez uitsprak.

economisch

Een belangrijke strijd werd gevoerd in de petroleumsector. De olie zelf is altijd al nationale eigendom geweest, maar de privatisering van de jaren 1980 en ’90 ging onder meer om ontginningsprojecten die belangrijke investeringen vergden. Deze samenwerkingen werden onder president Chavez opnieuw gedeeltelijk genationaliseerd. De petroleumwet van 2007 maakt dat buitenlandse ondernemingen geen meerderheidsparticipaties meer kunnen hebben in de samenwerking met de nationale oliemaatschappij PDVSA. Exxon en ConocoPhillips trokken weg. Exxon bijvoorbeeld zocht zijn gelijk bij de internationale arbitragecommissie, met name de International Chamber of Commerce (ICC) in Parijs . Exxon eiste een enorm compensatiebedrag ook omdat intussen de olieprijzen fors gestegen waren.  De ICC oordeelde dat Venezuela de oorspronkelijke waarde van de investering terug moest betalen maar niet de waarde van het project op de dag van vandaag. Dit kwam neer op een kwart van wat de regering Exxon eerder had voorgesteld. Dat de winsten uit de petroleum nu naar de overheid gaan, die er sociale programma’s mee realiseert, wordt door bepaalde waarnemers als rijke-lui-socialisme afgedaan.

Deze nationaliseringen zijn  en blijven een doorn in het oog van de rechterzijde. Oppositekandidaat Capriles wijst steeds op het gebrek aan productiviteit en het gebrek aan moderniseringen in de oliesector, waardoor het land grote inkomsten misloopt. De netto winst van de nationale oliemaaatschappij PDVSA was in 2012 inderdaad 6% gezakt naar 4,21 miljard dollar. Maar de officiële planning toont dat Venezuela in 2013 de productie wil verhogen met 250.000 vaten per dag naar 4 miljoen tegen 2014 en 6 miljoen vaten per dag tegen 2019. In 2012 bedroeg het investeringsprogramma 24,57 miljard dollar, en voor 2013 is opnieuw 25 miljard dollar voorzien, waarvan 8 miljard door buitenlandse partners, voornamelijk in het Orinico-gebied in het oosten van het land.

Duidelijk is wel dat de twee politieke hoofdstromen in de Venezolaanse maatschappij de rijkdom van het land verder gebaseerd zien op olie en gas. Het Orinoco-gebied behelst de tweede grootste teerzandvoorraden ter wereld, na Alberta in Canada. In samenhang met de ‘klassiek’ olievoorraad maakt dit van Venezuela de potentieel grootste oliestaat van de wereld, vóór Saoedi-Arabië.  Het is algemeen gekend dat ontginning van teerzandolie enorm schadelijk is voor het milieu. Maar dit is geen thema in de verkiezingsstrijd.

Buitenland

Capriles meent dat er veel te veel steun naar het buitenland gaat. Hij stelt internationale afspraken niet in vraag, ook die van Alianza Bolivariana para las Pueblos de América (ALBA) niet. ALBA is  een project  van regionale integratie opgestart door Cuba en Venezuela en waaraan ook Bolivia, Ecuador, Nicaragua, San Vicente en de Granadinas, Dominica, Antigua en Barbuda deelnemen. “Maar het is onmogelijk om verder onze petroleum weg te schenken aan Cuba en Nicaragua.” Dat kan weinig anders betekenen dan dat ALBA ontdaan zal worden van zijn ideologisch-politieke basis die meent dat moet gekeken worden naar de complementariteit in plaats van de concurrentie onder landen. De lijn van samenwerking waarin Cubaanse dokters naar Venezuela gaan werken in ruil voor Venezolaanse olie zou dan wellicht ook niet worden aangehouden. Capriles meent verder dat het Amerikaans maar ook het ‘Cubaans imperialisme’ fouten hebben gemaakt in Latijns Amerika.
 
Ook over de integratie van Zuid-Amerika spreekt Capriles positieve woorden. Hij wil lid blijven van de Mercosur. Het lijkt me evident dat hij de commerciële voordelen van een grotere samenwerking wil meepikken, maar de politieke integratie als kader voor de verwerping van het imperialisme zal wel niet zijn zaak zijn.

Peilingen

Er zijn eigenlijk zeven kandidaten, maar de strijd focust op twee : Nicolas Maduro en Henrique Capriles. De meeste peilingen geven de kandidaat uit het Chavez-kamp de overwinning, maar de schommelingen zijn groot. Zo varieert het cijfer voor Maduro tussen de 30 en de 60%, Capriles tussen 26 en 45%. Bij opiniepeiler DatinCorp is het verschil tussen beide kandidaten geslonken tot 1% in het voordeel van Maduro: 44 tegen 43%. De firma gaat er prat op dat ze sedert 2006 bijna altijd exact de verkiezingsresultaten wist te voorspellen.
Het zal er wellicht opnieuw op aankomen om zoveel mogelijk mensen naar de stembus te krijgen. Bij een grote opkomst, wat betekent dat de mensen uit de volkswijken zijn komen opdagen, mag men waarschijnlijk aannemen dat Maduro het vlot zal halen. In oktober was er een deelname van 80% van de stemgerechtigden en Chavez won toen met anderhalf miljoen stemmen verschil. Mag er verondersteld worden dat de grote emotie in het land bij het overlijden van Hugo Chavez nu nog in een extra duw zal kunnen resulteren?
Er heerst enige angst dat de verliezende kandidaat z’n toevlucht zou zoeken tot buitenparlementaire middelen: leger, doodseskaders. Maar beide hoofdrolspelers hebben officieel verklaard zich bij de uitslag van de stembusgang te zullen neerleggen. Afwachten tot maandagmorgen, Belgische tijd.