De politieke acceptatie van de PVV

wilders -anti wilders
Facebooktwittergoogle_plusmail

Op 12 september 2012 werden in Nederland verkiezingen gehouden voor de Tweede Kamer. Aan de hele show rond de machtsstrijd tussen de politieke partijen, die zich steeds minder in standpuntbepaling van elkaar onderscheiden, ga ik voorbij..

Immers willen zij allemaal bezuinigen, de ene partij rigoureuzer dan de anderen, maar welke vorm men ook kiest, het gaat ten koste van de financieel meest kwetsbaren in de samenleving. Allemaal zijn zij voorstanders van een inhumaan asielbeleid, waarbij weliswaar de ”echte” vluchtelingen asiel kunnen krijgen (wat in de praktijk door de strenge wetgeving vaker niet dan wel gebeurt), maar een verblijfsvergunning niet is weggelegd voor hen, die vanwege armoede hun herkomstland zijn ontvlucht, ondanks het feit, dat vrijwaring van armoede een grondrecht is.

Waar de partijen het ook over eens zijn en wat ik in mijn artikel belicht, is een sluipend, maar gevaarlijk verschijnsel: de politieke acceptatie van de Partij voor de Vrijheid (PVV). Bij alle verkiezingsdebatten wordt Geert Wilders, de leider van de PVV,  uitgenodigd als serieuze gesprekspartner, hij is de geziene gast bij talkshows en actualiteitenrubrieken en de politiek gaat de discussie met hem aan. Hiermee is het racisme in feite sluipend geaccepteerd. Een andere gevaarlijke ontwikkeling vind ik het overnemen van zijn politieke standpunten door de reguliere politiek.

En tenslotte laak ik met name de linkse partijen over het praktisch afwezige principiële verzet tegen Wilders racisme in het parlement. Immers, de linkse partijen zouden natuurlijke bondgenoten moeten zijn in de anti racismestrijd. Alleen Pechtold (fractieleider van de links liberale partij D’66) heeft een aantal jaren consequent de xenofobie van Wilders aan de kaak gesteld. Al de anderen werken of bestuurlijk met hem samen (zoals de vorige VVD/CDA-regering Rutte met als gedoogpartij de PVV) of vermijden, op Pechtold na, een inhoudelijke confrontatie met de PVV waarin het racisme aan de kaak gesteld wordt. (VVD is de liberale Volkspartij voor Vrijheid en Democratie en CDA het Christen-Democratisch Appèl).

Als voorbeeld noem ik een verkiezingsdebat tussen SP leider Roemer en Wilders, waarbij Roemer de kans had Wilders aan te spreken op zijn racisme, maar dat niet deed. Met racisten sluit je geen deal en praat je niet. Je bestrijdt ze.

Stevige botsing Roemer en Wilders

Wanneer er in de media wordt gesproken van een ”stevige botsing” tussen de SP (Socialistische Partij van lijsttrekker Emile Roemer) en de PVV, zou je toch verwachten, dat het over principiële zaken gaat, zoals het aan de kaak stellen van de racistische agenda van Wilders. Daar was in dit Radio 1 debat weinig van te merken, terwijl Roemer ruimschoots zijn kans kreeg.

Ik citeer een deel van de ”botsing” bij het debat: ””U bent een watje waar het gaat om de aanpak van Marokkaans straattuig”, beet Wilders zijn SP-collega toe. Roemer zei vervolgens: “U heeft anderhalf jaar aan de knoppen gezeten en er geen moer aan gedaan.”

Daarbij vallen drie zaken op. In de eerste plaats spreekt Roemer Wilders niet aan op zijn discriminerende terminologie ”Marokkaans straattuig”, waardoor de indruk gewekt wordt, dat hij daartegen niet zoveel bezwaren heeft. In de tweede plaats lijkt Roemer Wilders vliegen te willen afvangen bij de zogenaamde harde bestrijding van de criminaliteit. (“U heeft anderhalf jaar aan de knoppen gezeten en er geen moer aan gedaan.”) In de derde plaats valt de grofheid van het taalgebruik op.

Over dat taalgebruik kan ik kort zijn. Niet alleen in dit debat tussen Roemer en Wilders, maar in de meeste verkiezingsdebatten aan de vooravond van 12 september komt die grofheid terug. Kennelijk denken de heren politici zo de volksgunst te winnen. Maar wat zij ongetwijfeld als ”stoer” of ”getapt” zien, toont een gebrek aan beschaving en vooral verhulling van gedegen politieke argumentatie.

“Marokkaans straattuig”

Veel erger is, dat Roemer Wilders straffeloos de zoveelste grove en discriminerende opmerking laat maken. De associatie van Marokkaanse jongeren met ”tuig”. De generaliserende werking, die van deze opmerking uitgaat, terwijl de overlast gevenden slechts een kleine groep zijn binnen de Marokkaanse jongeren. De categorische ontkenning van het bestaan van ”autochtone” overlastgevende jongeren. In plaats daarover Wilders de oren te wassen, gaat hij mee in zijn populistische discours door diezelfde Wilders te verwijten ”dat hij er niets aan gedaan heeft”.

Deze Roemer/Wilders-clash waarbij Wilders’ racisme wordt genegeerd is een uitvloeisel van het feit, dat de PVV vrijwel is geaccepteerd als politieke medespeler. Veel politiek verzet tegen Wilders, waarbij hij openlijk ”racist” werd genoemd, is er in de Tweede Kamer nooit geweest, op D”66 leider Pechtold na, die in het verleden als een van de weinigen de confrontatie met Wilders zocht en de moed had, hem stelselmatig en consequent een xenofoob te noemen. Daarin stond hij als lone fighter vrijwel alleen, omdat de meeste partijen eventueel stemverlies stelden boven het opkomen voor het gelijkheidsprincipe, dat is vastgelegd in de Nederlandse Grondwet, waarop zij bij hun installatie een eed zweren of belofte afleggen.

De linkse partijen valt hierin veel te verwijten. Juist hen. In plaats van de natuurlijke bondgenoten in de strijd tegen racisme, die zij zouden moeten zijn, lieten zij geen gelegenheid voorbij gaan om het Wilders racisme van Wilders en de PVV te relativeren, pappen en nat te houden en geen stelling te nemen. Wat natuurlijk wel een stellingname was. Zo weigerden zij steun aan de landelijke antiracisme-demonstratie in 2008 omdat deze zich zou richten tegen hun ”collega-parlementarier”.

Vooral voormalig Groen-Links fractievoorzitter Femke Halsema had er een handje van, Wilders ”de hand boven het hoofd te houden” door te verwijzen naar het ”teveel anti-Wilders” karakter van acties en uitspraken. Ook deden zij en ”linkse” collegae uitspraken, die Wilders en co in de kaart speelden. Hiermee geven de linkse partijen, maar ook de andere politieke partijen EN de media, die Wilders zo graag aandacht geven, de door hem bedreigde groepen (”niet westerse allochtonen in het algemeen, moslims, vluchtelingen en asielzoekers/Oost-Europeanen”) een klap in het gezicht. En ondergraven wat nog over is van de Nederlandse rechtsstaat.

De linkse partijen [hier dus PvdA/SP/Groen-Links] neem ik dit extra kwalijk vanwege verraad aan de door hen voorgestane principes van internationale solidariteit en strijd tegen racisme en xenofobie.

Gelukkig is dat binnen de vakbeweging wel anders. Toen binnen de vakbeweging voormalig FNV-voorzitter Agnes Jongerius (FNV: Federatie Nederlandse Vakbeweging) een ‘duivelspact’ met de PVV overwoog in de strijd tegen de verhoging van de AOW-leeftijd (AOW: Algemene Ouderdomswet), stuitte dit op fel verzet binnen de vakbeweging.

Verontruste vakbondsleden ondertekenden een petitie tegen het duivelspact. Secretaris Peter de Pagter van de Abvakabo-afdeling Amstel-Kennemerland, zei: ‘Met een club als de PVV praat je niet. Het is een racistische organisatie.’ Door het rumoer hierover binnen de vakbonden werd een speciale Bondsraad belegd, waarna Jongerius op haar voornemen moest terugkomen.

De duivelse alledaagsheid van de PVV

Door de laffe houding van de Tweede Kamer (Pechtold en enkele andere Kamerleden uitgezonderd) jegens het racisme van de PVV, de  tweeslachtigheid van links, het gedoogkabinet met de PVV, de overdreven media aandacht, die Wilders altijd gekregen heeft en de vrijspraak van Wilders in zijn vervolging wegens haatzaaierij en groepsbelediging is langzaam maar zeker een situatie ontstaan, waarbij de PVV is gaan behoren tot de ”gangbare” politieke partijen. Het door haar uitgedragen racisme is hiermee ‘‘alledaags’‘ geworden.

Werd er tijdens het historische CDA-Congres in 2010 nog een big deal gemaakt van al dan geen samenwerking met de PVV, nu lijkt een dergelijke discussie gepasseerd station. De PVV draait anno 2012 mee in het verkiezingsdiscours alsof het een gangbare partij is, voorman Wilders neemt deel aan het ”premersdebat’, hij wordt uitgebreid geïnterviewd in programma’s als Een Vandaag en in het maatschappelijke het is kennelijk geen enkel bezwaar PVV Tweede Kamerlid Dion Graus een gastrol te geven in de politieserie.  ”Flikken Maastricht”, in de lacherige sfeer van een talkshow tot stand gekomen.
 
Zover is het al gekomen met de acceptatie van racisme in Nederland. Want de PVV is een racistische en extreem-rechtse partij, laat daarover geen misverstand zijn. Wilders’ PVV gaat uit van de ”superioriteit” van de ”Westerse beschaving”, laat zich uit in uiterst beledigende termen over de Islam in het algemeen en moslims in het bijzonder, laat zich in negatief generaliserende termen uit over Marokkanen en andere ”niet-westerse” allochtonen (racisme dus) en voert een hetze tegen voor vervolging, oorlog en armoede naar Nederland gevluchte vluchtelingen en asielzoekers.

Daar is nog bijgekomen de hetze tegen Oost-Europese arbeiders, die hoe kan het ook anders in de ogen van racisten, alleen maar voor ellende en overlast in Nederland zouden zorgen.
Vandaar het door de PVV opgerichte ”Meldpunt voor Polen”.

Die PVV staat verder voor een uiterst repressief Staatsbeleid door preventief fouilleren in het hele land te willen invoeren, voorstander te zijn van minimumstraffen en administratieve detentie voor terreurverdachten te willen invoeren. Zij schrikt er niet voor terug, Guantanamo Bay af te schilderen als lichtend voorbeeld.
 
Maar er is naast het gemak, waarmee het PVV-racisme is geaccepteerd, nog een ander levensgroot gevaar, dat vaak wordt onderschat. Dat steeds meer politieke partijen richting racisme verschuiven door in meerdere of mindere mate, PVV standpunten over te nemen.

Epiloog

Voor humanitaire en democratisch gezinde mensen hoeft het geen betoog: de standpunten van de PVV zijn discriminerend, racistisch en extreem-rechts. Zij kiezen mensen tot zondebok, criminaliseren en ontmenselijken hen. Zeker in tijden van crisis een gevaarlijk gif. Zij zetten aan tot haat en geweld en zaaien verdeeldheid tussen ”allochtonen” en ”autochtonen”. Daarom zijn de PVV en aanverwanten een grote bedreiging voor de Nationale Veiligheid.
 
De slappe houding van politieke partijen, media, talk shows en wat dies meer zij, die de PVV gedogen/bagatelliseren of als ”gewone partij” zien, is nog gevaarlijker. In de tijd van de Centrum partij van Janmaat werd dergelijk verderfelijk gedachtegoed krachtig verworpen en Janmaat cs gezien als figuren, met wie men niet praat en geen zaken doet. Wilders daarentegen zit er bij de politieke debatten als geaccepteerd gesprekspartner bij. Dit is niet alleen een klap in het gezicht van de door Wilders gediscrimineerde groepen, maar voor een land, dat beweert zich te baseren op fundamentele rechtsbeginselen, funest. Het is te hopen, dat de politieke partijen, die nog niet besmet zijn door samenwerking met de PVV (zoals CDA/VVD) zich dat weer gaan realiseren. Met racisten sluit je geen deals, die bestrijd je.