‘Hoe durven ze’: gat in de markt? – Interview met Peter Mertens

Peter Mertens praat met enkele vakbondsmensen tijdens een actie op BRC
Facebooktwittergoogle_plusmail

Peter Mertens’ bestseller ‘Hoe durven ze’ zet een massa gegevens bij elkaar die voor iedereen beschikbaar en controleerbaar zijn. Eindelijk komt er uit de linkse hoek een reeks argumenten die eenvoudig uitleggen waarom een andere wereld nodig is.

“De tweede troef van het boek is de heldere en makkelijke te begrijpen taal. Ik krijg nu echt honderden mails van mensen die me voor het boek bedanken . Ze zeggen dan dat het jaren geleden is dat ze nog een politiek boek hebben gelezen en dat ze nu eindelijk begrijpen wat er aan het gebeuren is.”

Waarom is dit boek een bestseller geworden?

Mertens: “Ik denk dat velen de behoefte hebben om te begrijpen wat er in de wereld gebeurt. Het boek bevat een coherente uitleg en analyse over veel hedendaagse onderwerpen, die veel mensen proberen te vatten. Dat is de eerste troef van het boek, denk ik.”

“De bevolking wil begrijpen waarom de regering plots 11 miljard en daarna nog eens twee miljard en een miljard moet besparen. Iedereen wil vatten waarom de pensioenen ineens in heel Europa afgebouwd moeten worden en iedereen langer moeten werken. Het gaat ook over de index die onder vuur ligt.”

“Mijn boek gaat ook over Griekenland, waar de middenklasse door de besparingsmaatregelen in nauwelijks twee jaar verdwenen is.”

Waarom een Franstalige versie van uw boek?

Mertens: “De PVDA is een federale partij in een federaal land. We hebben zowel in Vlaanderen als Wallonië afdelingen en verkozenen. We werken samen. De federale regering neemt drastische besparingsmaatregelen die de loontrekkenden, uitkeringsgerechtigden en zelfstandigen in het gehele land treffen. Het is dus logisch dat het verzet tegen die maatregelen federaal wordt georganiseerd. Onze structuur is dus federaal, en onze ideologie is internationalistisch.”

In 1987 zingt Jan De Wilde, een Vlaamse zanger, het volgende over de communisten:
“Als ze zich willen vermommen
Trekken ze hun bivakmutsen uit
En gaan ze weg zonder hun bommen
Snelkookpannen vol buskruit”

Hij vindt ze wereldvreemd en naïef. Ondertussen bestaat de KP Vlaanderen niet meer en is Amada in PVDA omgetoverd.

Wat is er veranderd?

Mertens: “In 2008 hebben we een vernieuwingscongres georganiseerd, waar ik ook verkozen ben als voorzitter van de PVDA. Op die dag hebben we beslist dat we het dogmatische achter ons willen laten. We streven geen blauwdrukken van het socialisme meer na. We zijn marxisten 2.0, de creatieve hedendaagse marxisten die nog steeds streven naar een rechtvaardige socialistische samenleving, maar dan zonder dogma’s, zonder opgeheven vingertje en het grote gelijk.”

“We hebben nu 5.000 leden, iets meer dan Groen. Van die 5.000 zijn er 4.000 nieuwe leden. Zij brengen een dynamiek op gang in onze partij. We beantwoorden niet meer aan het cliché van wereldvreemde verbeteraars. De PVDA is een partij van gewone werkende mensen.”

Vindt u dat elke sociaaldemocratische partij het programma van de PVDA zou moeten verdedigen?

Mertens: “Alle sociaaldemocratische partijen in Europa zijn naar het centrum opgeschoven. In Griekenland heeft voormalig eerste minister Papandreou drie besparingsrondes opgelegd. Socrates voerde er in Portugal twee door. De linkerflank ligt nu open. Het invoeren van de miljonairstaks, de vermindering van BTW op brandstof en energie en de oprichting van een publieke bank, dat is ons radicaal democratisch programma. We streven naar een andere maatschappij dan het kapitalisme. We willen een socialisme 2.0, waarin de twee bronnen van rijkdom gerespecteerd worden, met name de arbeidskrachten en het milieu.”

Al jaren droomt klein links ervan de krachten te bundelen, maar steeds blijkt het water te diep. Waarom lukt het volgens jou niet?

Mertens: “Als je ziet dat wij op 4 jaar 4.000 nieuwe leden hebben, dan moet je vaststellen dat er binnen de PVDA een bundeling van linkse krachten bezig is. Daar is ook ongelooflijk veel debat over binnen de partij, onder anderen door mensen die van de SP.A of KP komen, ook van jongeren. In die zin zijn we weggeraakt uit de hoek van kleinlinks. We zijn qua leden nu net iets groter dan GROEN geworden en we zijn een levensvatbare partij.

We hebben geprobeerd om met Erik De Bruyn (ROOD!) samen te werken voor de gemeenteraadsverkiezingen. Erik De Bruyn is in Antwerpen met een zestal mensen uit de SP.A gestapt. Op hun stichtingscongres waren ze met een 85 mensen. We hebben getracht een kartel te vormen. Via de pers hebben we vernomen dat Erik De Bruyn ook met GROEN aan het onderhandelen is, wat uiteraard zijn goed recht is. Toen hebben we wel gezegd, ‘ieder zijn vreugde en ieder zijn eigen koers’. Wij willen in Antwerpen een sociale oppositiepartij worden. Twee of drie gemeenteraadszetels moet mogelijk zijn. GROEN heeft duidelijk aangegeven dat ze mee willen besturen.”

Hebben jullie veel last van verkeerde berichtgeving?

Mertens: “Er zijn meer dan 10.000 exemplaren van het boek verkocht en de afgelopen twee maanden is het boek bijna in alle media, op een redelijk correcte manier, verschenen. Veel journalisten hebben me gezegd: ‘Ik heb heel veel aan dat boek gehad’. Er zijn er zelfs, en dan vooral jonge journalisten, die zeggen: ‘Het is de eerste politieke scholing die ik krijg’. Er is een democratisch debat geweest rond het boek.”

“We stoten op de kiesdrempel van 5 procent, die bijvoorbeeld in Nederland niet bestaat. Met de 3 procent die we in de peilingen halen, zouden we in Nederland 6 verkozen parlementsleden hebben.”

“We botsen ook op een mediadrempel. Tijdens de voorbije verkiezingen van 2010 is PVDA in laatste instantie uit de stemtest geweerd, terwijl zowel de VRT als de redactie van De Standaard ons in heel het voorbereidende proces hadden opgenomen. Op het laatste moment heeft Bart Brinckman van De Standaard eigenhandig gezegd: ‘De PVDA komt er niet in’. Dat soort ondemocratische drempels blijft bestaan. Sommige journalisten blijven maar vragen stellen over het marxisme en het communisme omdat ze niet goed begrijpen dat er terug een partij is met een ideologie en een verhaal, een partij die geen opportunistische kiesvereniging is. Er is enerzijds een openheid en anderzijds een systeembevestigend mechanisme in de media.”

Deze actie heeft er wel voor gezorgd dat enkele ontslagen vakbondsafgevaardigden terug aangenomen zijn. Ondertussen is BRC failliet. Brengen jullie met je acties het werk van de arbeiders niet in gevaar?

Mertens: BRC is een voorbeeld van een agressieve internationale petroleumgroep. Ze willen de fabriek zonder blikken of blozen sluiten omdat ze elders nog meer winst kunnen maken. Dat mensen daartegen actie willen voeren, is zeer normaal, want voor hen gaat het over hun boterham. Ik ken een koppel waarvan de man werkt op BRC en de vrouw op Crown Cork. Dat waren tweeverdieners; ze kochten een huis en op nauwelijks 2 maand tijd zijn zij hun werk kwijt. Wat voor andere remedies hebben die mensen dan te proberen vechten voor elke werkplaats?

Crown Cork was een winstgevend bedrijf. Ik vind dat men winstgevende bedrijven en multinationals zou moeten verbieden mensen te ontslaan. Men vergeet wel eens dat alles wat de werknemersbeweging in ons land heeft bereikt, alles wat ze hebben opgebouwd, of dat nu gaat over betaald verlof, de dertiende maand, het verbod op kinderarbeid, over stemrecht voor mannen en later ook voor vrouwen, bereikt is door sociale strijd. Dus als de werknemers- en arbeidersbeweging koest wordt gehouden, zoals een aantal mensen van VOKA (Vlaams Netwerk van Ondernemingen) graag zouden hebben, als die aan een leiband worden gelegd, zoals ook Thatcher en Reagan hebben gedaan, dan ligt het terrein vrij voor mensen van VOKA en VBO (Verbond van Belgische Ondernemingen) om altijd maar verder te gaan. Zoals Bertolt Brecht ooit zei: “Degene die strijdt kan verliezen, degene die niet strijdt, is al verloren.”

Alle sociale tegenstellingen zijn op dit moment in Europa en in de kapitalistische wereld aan het verscherpen. We zien dat ook bij een aantal Duitse ondernemingen. Wanneer de mensen in een onderaanneming in actie komen, dan worden alle regels van het sociaal overleg gewoon met de voeten, of beter gezegd, met de ‘laars’ getreden en dan stuurt men zoals bij Meister [filiaal van een Duitse onderneming in Wallonië] een gemaskeerde knokploeg naar die fabriek en mishandelt men de arbeiders.

Normaal gezien zouden de minister van Werk en de hele regering een heel groot signaal naar de Duitse regering moeten sturen om te zeggen dat dit ongezien is in de sociale geschiedenis bij ons. Zo’n praktijken dateren van de jaren 30. Wij zijn de enige partij die onmiddellijk ter plaatse is geweest. Wij hebben een persmededeling verstuurd en we eisen van de regering dat ze verantwoording van de Duitse regering eist.

Dit is een overtreding op de wet van de privé-milities. Dat is het klimaat waar we naartoe zijn gegaan. In Griekenland en Portugal gebeurt dit ook. Er wordt heel veel gesproken over die massamanifestaties, maar in Griekenland en in Portugal zijn er ook heel veel aanvallen van patronale knokploegen op stakingspiketten. In Griekenland zijn er ook heel veel politie-provocaties om de manifestanten in een slecht daglicht te zetten. Dat is de wereld waar we naartoe gaan en dat is jammer.

Na de Arabische lente begonnen velen te dromen van een eigen revolutie. Droomt Mertens daar ook van?

Mertens: “Pablo Neruda heeft het ooit prachtig verwoord: ‘Zij kunnen alle bloemen afknippen maar ze zullen nooit kunnen verhinderen dat de lente komt’. In landen als Griekenland en Portugal is men echt alle bloemen aan het afknippen. Men bespaart op alle fronten. Er bestaan geen grenzen meer als je een minimumloon van 450 euro oplegt en gepensioneerden moeten terugvallen op een pensioen van 300 euro, allemaal om de bankencrisis te betalen.

Gelukkig zien we in Griekenland ook dat er een bevolking is die hand in hand loopt: student, arbeider, boer, bediende, een heel groot breed front dat zich niet tegen elkaar laat opzetten. Een nieuwe lente is bezig. Miserie, dat is één zaak, maar als links moeten wij ons concentreren op de kracht die een nieuwe democratische samenleving wil. Heel die beweging is begonnen in Tunesië. Ik was daar net een jaar geleden. Die zuurstof, dat politiek debat geeft inderdaad een heel goed gevoel. Tegelijkertijd is dat ook heel hard: je moet dat niet romantiseren. Het is een harde situatie, mensen hebben niets meer te verliezen en komen hand in hand op straat.

Uit die democratische beweging kan iets heel moois ontstaan, ook al is dat een lange tocht. De democratie in Griekenland kan nu terug uitgevonden worden. Tegenover de dictatuur van de trojka, die haar wetten in Griekenland oplegt, heb je nu een heel grote brede democratische beweging. De herbronning van de democratie vanuit die beweging, is volgens mij ongelooflijk belangrijk. Dat is de nieuwe lente en Europa heeft er zeker evenveel nood aan als de Arabische wereld.”

In het Spaanse dorp Marinaleda vinden ze ‘om de 4 jaar gaan stemmen’ onvoldoende en gaan ze voor ‘rechtstreekse democratie’. Je zou het dorp een communistische enclave in Spanje kunnen noemen. Op welke manier wil en kan PVDA op gemeentelijk vlak het verschil maken?

Mertens: “Met de 16 gemeenteraads- en districtsleden doen we al meer dan 6 jaar twee zaken.
Eén: continu de mensen bij de politiek betrekken. Wij hebben een adagium dat luidt, ‘straat-raad-straat’. Wij vertrekken van wat er leeft en we proberen dat op de gemeenteraad te brengen en geven dan feedback. Onze ultieme toetssteen is wat de bevolking ervan vindt. Rond de sluiting van de wijkbibliotheken hebben we heel grote acties gedaan en voorlopig zijn ze nog niet gesloten. Idem voor de ijspiste in Deurne die ook gesloten moest worden. We voeren dan acties met de bewoners om die open te houden.

Omwille van een goor financieel spelletje moesten plots alle bushokjes vervangen worden, omdat de reclamefirma veranderde van JC Decaux naar Clear Channel. Een waanzinnige kost, midden in de winter. De mensen konden hun bus of hun tram niet meer pakken. Vooral gepensioneerden of mensen met een kinderwagen hadden er problemen mee. Daar voeren wij dan actie rond. Er zijn geen kleine problemen. De sluiting van een lokaal postkantoor kan voor een aantal mensen een heel groot probleem zijn, om hun pensioen af te halen bijvoorbeeld. Wij babbelen niet alleen op de gemeenteraad, wij zetten de gemeenteraad, door onze acties, ook onder druk om zaken te veranderen.

Twee journalisten hebben geschreven: ‘de PVDA met haar 2 districsraadsleden in Hoboken weegt zwaarder op die districtsraad dan de 11 VB- vertegenwoordigers’, en dat is ook zo.

Als in 2011 de helft van de gemeenten in ons land in het rood heeft afgesloten, dan heeft dat heel veel met die Dexia-beleggingen te maken. Wij waren de enige gemeenteraadsleden die tijdens de kapitaalsverhoging tegen de volledige gemeenteraad hebben gezegd: “Stap niet in dat verhaal van beleggen met gemeentelijk geld in Dexia: het klopt niet dat ze u een rendement van 13 procent beloven.” Als de gemeenten nu schulden hebben waardoor keiveel personeel moet afvloeien en bibliotheken of de ijspiste moeten sluiten, dan is daar een rechtstreeks verband. Wij voeren niet alleen actie, wij hebben ook een coherente analyse. Gemeenten moeten terug op een andere manier gefinancierd worden.”

Je hebt momenteel die internetenquête lopen, waar je 4500 meningen wil verzamelen.

Mertens: “Dat is een voorbeeld van het betrekken van de mensen. In Antwerpen willen wij 4500 mensen bevragen; we hebben er al een kleine 4000, via internet maar ook op straat en in de wijk. Mensen van de PVDA doen hun straat van deur tot deur om de mensen te betrekken. Wat moet er volgens hen veranderen in de stad? Dat is voor ons belangrijk; dat is voor ons democratie. Democratie is niet alleen dat je op 14 oktober uw bolletje kleurt. Democratie start bij het bepalen van uw prioriteiten in je stad. Tweede punt waarop wij het verschil maken is dat we ook een coherente analyse hebben, die alles aan elkaar bindt.”

De ‘eigen kerk’ zit goed vol. Slaat ‘Hoe durven ze’ ook aan bij de centrum- en rechtse kiezer?

Mertens: “In Sint-Niklaas waren er 200 aanwezigen. Dat is één van de grootste politieke activiteiten daar van de laatste vijf jaar, van eender welke partij. Dat erkent iedereen. De voorzitter van GROEN van Sint-Niklaas was aanwezig, Wouter Van Bellingen was aanwezig, er waren mensen van SP.A uit Sint- Niklaas en iedereen zei hetzelfde: “Niemand krijgt op dit moment zoveel mensen bij elkaar.” Dat is dus niet alleen de eigen kerk. Er zijn daar een 40-tal PVDA-militanten maar ook 160 anderen die komen luisteren naar wat wij te vertellen hebben. Daar zijn ook mensen bij die vorige keer voor N-VA (Nieuw Vlaamse Alliantie) hebben gestemd.”

Mertens: “In de Groene Waterman [Antwerpse boekhandel] bijvoorbeeld, waren er vier N-VA-leden die mijn boek hebben gelezen en nadien zegden: “Ik twijfel heel serieus, want jullie discours staat me heel goed aan en wij gaan absoluut niet akkoord met de VOKA-oriëntatie van de N-VA. Eigenlijk zouden wij een sociale N-VA willen hebben.”

Bruno Verlaeckt van het ABVV (Algemeen Belgisch Vakverbond) zegt dat ze een aantal exemplaren van ‘Hoe durven ze’ hebben uitgedeeld aan hun militanten. Veel ABVV-leden voelen zich verraden door de socialisten. Toch blijven ze trouw aan de SP.A (Socialistische Partij Anders). Is dat niet frustrerend?

Mertens: “Ik krijg hier net een mail van een vakbondssecretaris die tot een maand geleden bij de SP.A zat. Hij mailt naar de militanten van zijn afdeling over ‘Hoe durven ze’: het boek van Peter Mertens is een aanrader en een must voor al wie zoekt naar antwoorden. Zo heb ik zeker al 50 mails gekregen van syndicalisten van het ABVV en het ACV (Algemeen Christelijk Vakverbond). Die zeggen: ‘Het is genoeg geweest met de SP.A en CD&V (Christen-Democratisch en Vlaams)’. Sinds het boek is uitgekomen, zijn er 455 nieuwe leden bijgekomen, waarvan de meerderheid uit de SP.A en CD&V komt. Ze komen op basis van het boek. De uitspraak van Bruno Tobback (SP.A) dat de staking een slecht afgestelde atoombom was, zette bij heel veel mensen kwaad bloed. Na het Generatiepact in 2005 zijn er een 1000-tal SP.A-leden naar ons gekomen. Op de actiedag zelf van 30 januari zijn er een 100-tal syndicalisten, waarvan een heel pak hoofddelegees van bedrijven, aan het piket lid geworden van de PVDA. Ik denk dat er binnen het ABVV en het ACV een discussie is, over het zogenaamde politiek relais binnen de regering met SP.A en CD&V.”

Is de politiek niet te gecompliceerd voor de mensen?

Mertens: “Een van de essentiële zaken van de democratisering is net dat je een helder, begrijpbaar, toegankelijk verhaal brengt. Dat is precies wat we met de vernieuwde PVDA ook doen. Dat kan gaan over de hoge energieprijzen, waar meer dan de helft van de bevolking heel veel last mee heeft. Wij hebben een campagne opgestart rond betaalbare energieprijzen door een BTW-verlaging. Wij bereiken daar 200.000 mensen mee, die niet alleen hun handtekening zetten onder onze petitie, maar ook de internetnieuwsbrief ontvangen. Wij organiseren, al is het via internet, 200.000 mensen rond deze kwestie. Sommige politici noemen dat te eenvoudig, maar voor iemand die 1400 of 1500 euro per maand verdient, is een Electrabel-factuur van 150 euro een heel belangrijke zaak.”

Wat denkt u als Jan Cap, een monument van de sociale strijd van de Boelwerf, u vraagt om uw boek te signeren?

Mertens: “Het moment dat Jan Cap mij vraagt het boek te signeren, is voor mij een beetje de omgekeerde wereld. Want ik heb heel veel geleerd van Jan Cap. Ik was een jonge snotter toen hoofddelegees Jan Cap en José De Staelen de Boelwerf [in Temse] bezetten tegen de sluiting. Ze legden in ongelooflijk klare taal, begrijpbaar voor de duizenden scheepsbouwers, uit hoe het systeem in elkaar zat. Ik heb ongelooflijk veel respect voor Jan Cap en dan komt die man naar mij om mijn boek te signeren. Voor mij was dat een heel maf moment.

José De Staelen en heel die generatie brachten, door te zingen, het optimisme terug in de strijd. Dat kan terug heel actueel zijn. Strijdbare vakbonden, vakbonden aan de kant van werkende mensen, die zeggen: ‘Het is niet onze crisis, wij gaan ze niet betalen’.

Het gemeenschappelijk vakbondsfront was de sterkte van de Boelwerf. Ze lieten zich niet tegen elkaar uiteen biljarten. Ook de open micro en de democratie in zo’n vergaderingen waren sterke punten. Er is een fantastische film, ‘Zolang de scheepsbouwers zingen,’ (5) van Jan Vromman, op DVD uitgebracht. Daar zie je ook hoe die democratie in de vakbond wordt ontplooid. Al die punten voor een strijdbare vakbond, op het moment dat heel de rechterzijde de vakbonden aanvalt, is super actueel.”