Uitpers nummer 83

Ryszard Kapuscinski (1932-2007): een monument van de reportage


door Wim de Neuter

In Warschau is op 23 januari Ryszard Kapuscinski overleden. De vierenzeventigjarige reporter die in Afrika, Azië en Latijns-Amerika een dertigtal revoluties, staatsgrepen en burgeroorlogen met eigen ogen aanschouwde, tal van zware malaria-aanvallen overleefde, bezweek in een Warschaus ziekenhuis.

Kapuscinski werd er opgenomen met hartklachten, de chirurgen beslisten tot een heelkundige ingreep. De operatie mislukte. Het einde van één van de monumenten van de hedendaagse journalistiek. Kapuscinski’s werk werd in meer dan dertig talen vertaald. Hij was een groot reporter, maar ook een man van de letteren. Tal van Kapuscinski’s reportages zijn zonder meer literaire pareltjes. En al enkele jaren werd hij genoemd als een van de volgende winnaars van de Nobelprijs literatuur.

In meer dan een opzicht leek de Poolse reporter op zijn grote Tsjechische voorganger, Egon Erwin Kisch (1885-1948). De Duitstalige Kisch noemde zichzelf ‘der rasende Reporter’, had rendez-vous met beslissende momenten in de geschiedenis van het interbellum (China, de Spaanse burgeroorlog, de opkomst van het fascisme en nazisme, zijn arrestatie na de Reichtagsbrand in 1933) en vooral: hij maakte van de reportage een literair genre. Kisch stond bekend als een stalinist pur sang (het verwijt is niet onterecht, wat de rasende Reporter niet belette in zijn werk een hoge graad van onafhankelijkheid en eigengereidheid aan de dag te leggen en vrienden en bondgenoten te maken in zeer uiteenlopende milieus).

De Pool Ryszard Kapuscinski was reporter en literator tegelijk, in de traditie van Kisch. Hij had rendez-vous met beslissende momenten in de naoorlogse geschiedenis (niemand heeft zoals hij de dekolonisatie van Afrika en de opmars van de derde wereld beschreven). Kapuscinski heeft het grootste deel van zijn leven gewerkt voor PAP, het officiële persagentschap van het Poolse communistische regime. Wat hem niet belette in zijn werk een hoge graad van onafhankelijkheid en eigengereidheid aan de dag te leggen. Kapuscinski maakte indruk op talrijke intellectuelen en schrijvers in het Westen, bijvoorbeeld op Susan Sontag, Salman Rushdie en John Updike.

Internationale doorbraak

Kapuscinski heeft zijn internationale doorbraak en erkenning voornamelijk te danken aan twee van zijn reportageboeken. In 1978 verscheen de Engelse vertaling van zijn reportageboek ‘De Keizer’ en in 1982 verbaasde hij de wereld met ‘Sjah aller sjahs’, een beklijvend relaas over de Iraanse revolutie en de val van de Sjah. Maar de Poolse reporter was al sinds 1955 onder weg, eerst in Azië (India, China, Pakistan, Afghanistan) en later in Afrika en Latijns-Amerika.

In ‘De keizer’ kleedt Kapuscinski een van de gruwelijkste feodale regimes uit, die Afrika ooit heeft gekend. De Ethiopische keizer Hailé Sélassié hield er een protserige en miljarden verslindende hofhouding op na, in een land waar de overgrote meerderheid van de bevolking op de rand van de hongersnood balanceerde. Na de val van Sélassié ging Kapuscinski in Addis Abeba op zoektocht, sprak met tientallen mensen die jarenlang in de entourage van de keizer hadden vertoefd en beschreef nadien de hilarische levensstijl van de keizer, zijn arrogantie en die van zijn hofhouding. Kapuscinski schreef dit boek in een zorgvuldig gestileerd Pools uit de zeventiende eeuw om het anachronisme van de Ethiopische feodaliteit nog extra in de verf te zetten.

Ook ‘Sjah aller sjahs’ behoort inmiddels tot de klassiekers van de hedendaagse reportage. Kapuscinski is nooit een nieuwsfreak geweest en later heeft hij wel eens verhalen verteld over collega’s die door hun redacties naar een brandhaard werden gestuurd (zoals Iran in de dagen voor de val van de Sjah) en die nauwelijks wisten in welk werelddeel, land of stad ze waren aanbeland waren. In deze Iran-reportage toont Kapuscinski hoe ver hij van de mainstreamjournalistiek staat. Hij vertelt de feiten, het nieuws en tracht die te duiden. Hij gaat in op de oorzaken van de val van de Sjah: de gewelddadige modernisering van het land dank zij de petrodollars, de onbeschrijflijke armoede van de meeste Iraniërs, de stalen vuist waarmee de Sjah en zijn geheime politie, de SAVAK, de bevolking en elke vorm van oppositie terroriseerden, folterden en vermoordden.

Op het thuisfront

In zijn lange reporterscarrière heeft Kapuscinski niet alleen vanuit het buitenland bericht. Ook in Polen ging hij geregeld op pad. En van Poolse journalisten werd gezagsgetrouwheid geëist, zij moesten recht schrijven wat krom was en dienden het socialistische arbeiders- en boerenparadijs, zijn leiders en ideologen te bewieroken. In 1955 publiceerde de jonge Kapuscinski met een voor Polen toen ongewone voortvarendheid een reportage over Nowa Huta, een staalcomplex dat symbool moest staan voor de opbouw van het Poolse socialisme. Kapuscinski schreef boven zijn artikel de kop: ‘Ook dit is de waarheid over Nowa Huta’. En hij beschreef de ellendige levensomstandigheden van de staalarbeiders. ‘In Nowa Huta wachten de mensen op gerechtigheid. Men moet er heenrijden en er bovenspitten wat aan de menselijke blik verborgen blijft en antwoorden op vele, vele bittere vragen’

In 1980 was Kapuscinski in Polen, toen de stakingen uitbraken op de scheepswerven van Gdansk, Szczecin en Gdynia. De vakbond Solidarnosc werd er boven de doopvont gehouden, wat later werd de noodtoestand afgekondigd en nam generaal Jaruzelski de touwtjes in handen, maar het socialistische regime was aan zijn zwanenzang begonnen. Kapuscinski zag op de scheepswerven dat de arbeiders niet alleen hogere lonen en betere arbeidsvoorwaarden eisten. Hij zag er ook dat er iets grondig mis was met de Poolse taal. In Polen werd newspeak gesproken, de kranten, radio en televisie stonden onder de controle van een partij die meer leugens dan halve waarheden vertelde over de werkelijke toestand in het land, die vierentwintig uur op vierentwintig holle, zelfverheerlijkende frasen produceerden. Kapuscinski vergeleek deze officiële newspeak met de taal die de arbeiders van de scheepswerven spraken. En daar was toen in Polen bijzonder veel moed voor nodig.

Reporter van de derde wereld

Maar toch is Ryszard Kapuscinski de reporter van de derde wereld. Hij heeft ons ongelooflijke fraaie journalistiek afgeleverd, met in het Nederlands vertaalde boeken als ‘De Voetbaloorlog’ en ‘Ebbenhout’. Kapuscinski is een van de belangrijkste getuigen geweest van het ‘ontwaken van de derde wereld’. In 1990 schreef hij hierover: "In 1955, na mijn studie geschiedenis, wilde ik op een minder academische manier contact met de geschiedenis blijven houden. Ik wilde weten hoe de geschiedenis ontstaat, hoe geschiedenis geschiedenis wordt. En halverwege onze eeuw ontwaakte net de derde wereld. Dat was een buitengewoon historisch verschijnsel. De twintigste eeuw was uniek, niet allen vanwege de ervaring van het totalitarisme, maar ook vanwege de geboorte van de derde wereld. Als we een politieke wereldkaart uit de eerste helft van de eeuw naast een uit de tweede helft leggen, dan zien we twee volkomen verschillende werelden. Op de eerste kaart is de wereld hiërarchisch geordend. De aarde werd gedomineerd door enige onafhankelijke staten, de rest van de wereld had de status van kolonie, semi-kolonie, dominion. Alles maakte deel uit van een door West-Europa en de Verenigde Staten gedomineerde structuur. De wereld die we nu zien, is volkomen anders. We zien tegen de tweehonderd staten, een kaart zonder kolonies, semi-kolonies of protectoraten. Ik spreek niet over de materiële en feitelijke stand van zaken, maar formeel en juridisch is de wereld van vandaag een onafhankelijke wereld. Mij viel het geluk ten deel om dat fenomeen met eigen ogen te kunnen volgen, als journalist, reiziger en historicus. De geboorte van de onafhankelijke derde wereld verliep bijzonder snel. Alleen al in 1962 ontstonden in Afrika zeventien zelfstandige staten."

"Ik werd gefascineerd door die mensen uit de derde wereld die al strijdend hun eigen staten en volken hebben geschapen. Dat is het thema van mijn leven. Misschien is het een gevolg van het feit dat ik uit het armste deel van Europa kom."

Herodotos en de reporter

Kapuscinski doorkruiste het Afrikaanse continent meestal in zeer barre omstandigheden. Hij werkte voor een persagentschap dat niet over dezelfde middelen beschikte als de grote broers uit West-Europa of de Verenigde Staten. Zijn reportagereizen ondernam hij doorgaans met slechts enkele dollars op zak. Hij leefde en overleefde samen met de Afrikanen, deelde met hen de gevaren van oorlogen en burgeroorlogen. De Poolse reporter overleefde meer dan eens malaria-aanvallen, hij liep in Afrika tuberculose op, en werd door de Afrikanen van een gewisse dood gered, telkens hij weer eens te grazen was genomen door een schorpioen op een plek waar dokters nooit kwamen en ziekenhuizen onbestaande waren. Ook dat droeg ertoe bij dat Afrika zijn tweede vaderland werd.

Vorig jaar verscheen de Nederlandse vertaling van ‘Reizen met Herodotos’, samen met ‘Lapidarium’ (2003), Kapuscinski’s manier om terug te blikken op zijn werk en leven. Op zijn reizen had Ryszard Kapuscinski meestal een exemplaar van ‘Historieën’ van Herodotos op zak. Voor hem was deze oude Griek en een van de eerste echte geschiedschrijvers van de mensheid een bron van inspiratie. En Kapuscinski legde uit waarom: "Herodotos onderneemt zijn reizen met als doel het antwoord te vinden op de vraag van een kind: waar komen de schepen vandaag die je aan de horizon ziet? Waaruit komen ze te voorschijn? Waar zijn ze vertrokken? Dus hetgeen we met onze ogen zien, is niet het einde van de wereld? Zijn er nog andere werelden? Welke? Als het kind ouder wordt, zal het ze willen verkennen. Maar het is beter dat hij niet helemaal volwassen wordt, dat hij een beetje kind blijft. Want alleen kinderen stellen belangrijke vragen en willen er werkelijk iets over te weten komen. Herodotos verkent zijn werelden met de vlijt en het enthousiasme van een kind. Zijn belangrijkste ontdekking is dat er meerdere werelden bestaan. En dat elke wereld anders is. Elke wereld is belangrijk. En dat we ze moeten leren kennen, want die andere werelden, andere culturen, zijn de spiegels waarin we onszelf beter begrijpen, omdat we onze identiteit immers niet kunnen bepalen zonder haar met die van anderen geconfronteerd te hebben. En om die reden, na te hebben ontdekt dat andere culturen ons tot spiegels dienen waarin we onszelf kunnen bekijken teneinde onszelf beter te kunnen begrijpen, zet Herodotos elke morgen, onvermoeibaar, telkens weer zijn reis voort."

Aan de reis van Ryszard Kapuscinski kwam op 23 januari een einde. Zijn boeken zullen hem nog generaties lang overleven.

(Uitpers, nr. 83, 8ste jg., februari 2007)

Meer over Ryszard Kapuscinski in Uitpers:

- ‘Lapidarium van Ryszard Kapuscinski. De derde wereld en de verloedering van het journalistenvak’ – (Uitpers, nr. 50, februari 2004)

- ‘Eurocentrisme? Twee boeken om het af te leren’ (‘Reizen met Herodotos) – (Uitpers, nr. 76, juli-augustus 2006)

Mail dit artikel door naar uw vriend(en)Mail dit artikel door naar uw vriend(en)

Print dit artikelPrint dit artikel

Facebook

S N E L I N D E X

Uitpers nr. 83


Copyright (C) 1999 - 2019. All rights reserved. Voor overname artikels of informatie: Contacteer de redactie